- Home
- Ferdydurke
- Reviews
Opinions
Here you can see which messages Ferdydurke as a personal opinion or review.
U.S. Go Home (1994)
Alternative title: US Go Home
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
Puberperikelen ondergedompeld in de Amerikaanse popcultuur, in landelijk Frankrijk anno 1965.
Thematisch natuurlijk niet zo opmerkelijk, maar de ambivalentie die de omarming van een in wezen vreemde cultuur met zich meebrengt, rijmt hier bijzonder fraai met de onzekerheid en vervreemding van het opgroeien in een veranderende maatschappij.
Alain op zijn jongenskamertje, de camera die mee dwaalt met Martine op het feestje (al duurt dat misschien net iets te lang), de niet aflatende lawine aan alom bekende Amerikaanse pophits: hartstikke leuk allemaal, en als captain Brown ten tonele verschijnt bereikt de film - in de zin van de hierboven genoemde thematiek - zijn poëtische apotheose. Captain Brown is op vreemd terrein, maar dat geldt ook voor Martine, Alain en Marlène.
Prachtig, dat laatste deel van de film, eindigend in contemplatieve sferen. Camerawerk is sowieso van bijzondere kwaliteit, de hele film door.
Blij dat ik deze vroege Denis heb kunnen zien, Raf
, waarin Denis-regulars als Gallo, Colin en met name Alice Houri hun beste beentje voortzetten.
Ultimo Tango a Parigi (1972)
Alternative title: Last Tango in Paris
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
Schneider en Brando dansen hun versie van de tango in Parijs; bitter, enerverend en soms hilarisch. Keiharde anti-romantiek badend in een jazzy existentialisme.
Piepjonge Jeanne verkiest de nihilistische vuilbekkerij en het hondse gedrag van middelbare, kersverse weduwnaar Paul boven het kitscherige en leugenachtige frame waarin haar aanstaande haar probeert te persen, maar als Paul ten langen leste de romantische toer opgaat – een vertwijfelde vlucht vooruit uit de... vertwijfeling, zo lijkt het - nemen zaken een andere wending.
Net als met zijn hieraan voorafgaande film maakt Bertolucci er weer een feest van kleur, licht, schaduw en schitterende composities van. Erg fraai wat hij hier doet met verweerde spiegels en matglas, en de doelgerichte inzet van de score. Uitstekende opbouw, met effectief gebruik van alle verhaalelementen, en een geweldig laatste half uur. Er is niets teveel aan deze film.
Dat Brando een gigant was wist ik, maar ook Schneider – die ik eigenlijk alleen kende als de anti-actrice in Professione: Reporter – vind ik hier erg goed. Geweldige presence ook.
Last Tango in Paris is toch wel een tikkie beter dan zijn ietwat smoezelige en scandaleuze reputatie misschien doet vermoeden, en ik gun ieder zijn lol om dat schandaal te blijven herkauwen, maar niemand gaat mij uit het hoofd praten dat dit een fantastische film is.
Umimachi Diary (2015)
Alternative title: Our Little Sister
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
Huis, tuin, en keuken. Wat wil je nog meer?
Zeldzaam zachtzinnige en lieve film, die qua sfeer (alledaags realisme met een vleugje poëzie) en thema (familiale en intermenselijke verhoudingen met op de achtergrond een bepalende gebeurtenis) wel geheel in lijn ligt met een aantal voorgangers, maar hier wordt een en ander misschien nog meer teruggebracht tot de... zachte kern.
Was die ‘gebeurtenis’ in voorgaande films nog min of meer spectaculair of traumatisch te noemen, goed voor de krant (op z’n minst de gemengde berichten dan); hier hebben we het over een vader die ziek is geworden, en daarna gestorven.
Koreeda focuste natuurlijk altijd al op de ‘aftermath’, en hoewel je de beslissing van de drie zussen om haast zonder mankeren hun onbekende, verweesde halfzusje in huis te nemen, opmerkelijk kan noemen, wordt in Umimachi Diary nog minder geleund op het spectaculaire, en nog meer de nadruk gelegd op het alledaagse.
Ik ben er nog niet helemaal uit waarom dit voor mij dan toch een boeiende, en zelfs ontroerende filmervaring is geworden. Is het het totale gebrek aan cynisme, of existentieel wantrouwen, dat uit het geheel spreekt? Misschien heeft het te maken met de aard van de interactie tussen de personages, die plaatsvindt in de bedding van specifiek Japanse sociale (beleefdheids-)codes, en oppervlakkig gezien een indruk van een soort blijmoedige jarenvijftig-wellevendheid geeft. In zo’n sfeer wordt, tussen al die voorkomendheid, het minste onvertogen woord een heftige gebeurtenis.
Woorden. Opvallend is, dat er, onmiddellijk, of dan toch na verloop van tijd, zoveel uitgesproken persoonlijks... uitgesproken wordt in deze film. En nog opvallender is dat al die uitgesprokenheid, die wellevendheid, dat warme bad van wederzijdse empathie en liefde, voor mij niet leidt tot een onverdraaglijk sentimentele film, maar tot echte ontroering.
Het is alsof Umimachi Diary zich afspeelt in een beschermd universum, waarin geen externe factoren zijn die het zicht belemmeren op misschien iets wezenlijk menselijks: het diepe verlangen lief te hebben en geliefd te zijn, en onderdeel te zijn van een familie.
Dank u beleefd, Koreeda Hirokazu. Als ik een hoed had, zou ik ‘m voor u afnemen.
Under the Skin (2013)
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
De ander, die onder de huid kruipt.
Een film over kijken, van buitenaf en van binnenuit. Het perspectief, dat langzaam kantelt: eerst de heldere, koude blik van buitenaf, de blik met welbewuste intentie die de bekekene reduceert tot al dan niet lijdend voorwerp; dan wordt die bekekene een spiegelbeeld; en tenslotte wordt die bekekene die kijker zélf.
En zoals bij elke echt goede film wordt de toeschouwer bij dit... schouwspel in zekere zin uitgenodigd tot ‘deelnemen’: zoek je bewust of onbewust naar iets ‘bekends’, bijvoorbeeld naar het uitkomen van je eigen verwachtingen bij de aanduiding ‘Science fiction / thriller’ in combinatie met de summiere synopsis, of zie je iets anders in de ruimte die het zeer eenvoudige plot de kijker biedt? De afwachtende, de op ‘first impressions’ afgaande, en ook de ‘filmtechnische’ blik zullen ongetwijfeld niet heel veel opleveren; en zal de film in de mentale spijsvertering van veel liefhebbers doen imploderen tot een leeg omhulsel.
Het hoofdpersonage heeft aanvankelijk in zekere zin ook die... kijk op de dingen, maar gaandeweg de film wordt die blik vertroebeld.
Het proces is niet alleen chronologisch: de perspectieven wisselen constant; en zijn soms gelijktijdig. Johansson is de jager die zich voordoet als makkelijke prooi - ze is jager en lokaas in één - maar naarmate de ander onder háár huid kruipt, verandert het vrouwelijke roofdier langzamerhand in een little girl lost, en ondergaat uiteindelijk hetzelfde lot als de little girl lost in wier huid zij gekropen is.
In die zin zou je de film ook kunnen zien als een beeld van de existentiële situatie van de vrouw onder de blik van de man: je prooi-zijn gebruiken als wapen, een strategie niet alleen om te overleven, maar ook, buiten dat, gewoon ten eigen bate. Die strategie is een evenwichtskunst die nauw luistert, zo komt het mij voor, maar vervloekt, vervloekt!, diegenen die de vrouw het recht om dit wapen te hanteren willen ontzeggen. Hoe dan ook, het Johansson-personage verliest dat evenwicht en ‘komt ten val’.
Het definitieve kantelpunt, dan wel niets meer dan de druppel die de al langzaam vollopende emmer doet overlopen, is voor het Johansson-personage misschien de blik op het insect, dat vergeefs probeert zijn weg te vinden door het dichte raam. Vanaf dat moment lijkt zij de controle definitief kwijt te zijn, en verandert de jager langzaam maar zeker in de opgejaagde. Toegegeven, dat insect is een klaarblijkelijk ietwat uitgesleten clichébeeld, maar niettemin hier meer dan passend. Zo groot is de afstand misschien die in deze film overbrugd wordt: als die tussen mens en insect; een insect zoals het roofdier dat vindt op het lichaam van de dode vrouw.
Het wisselende perspectief ontvouwt zich middels achtereenvolgens, dan wel gelijktijdig, aardse blikken op het vreemde, en vreemde blikken op het aardse. De afwisseling van vervreemdende en abstracte, tegelijkertijd huiveringwekkende scènes, met die met een overheersende down-to-earth sfeer, lijkt oppervlakkig gezien te duiden op stilistische onevenwichtigheid, maar is hier totaal in functie van de film.
Onder invloed van het verschuivende perspectief van de alien zien we – in simpele, ‘documentaire’ shots - de inwoners van Glasgow veranderen van potentiële prooien in absoluut vreemde... anderen, en alleen al dat loslaten van die altijd alles tot het ‘bekende’ reducerende blik opent het ‘zicht’ op... identificatie. En dat juist deze identificatie niet eindigt in een holistisch hallelujah – integendeel, zodra het Johansson-personage de ‘menswording’ daadwerkelijk bereikt, is het afgelopen met haar – geeft deze film dan óók nog haar schrijnende, ‘noodzakelijke’ realisme.
Een kritiekpuntje, in alle bescheidenheid, zou kunnen zijn dat enkele episodes misschien een beetje slepen, iets korter hadden gekund; het ritme lijkt soms wat te stokken. Maar hier staat zoveel moois tegenover dat ik dat Glazer graag vergeef; wat te denken bijvoorbeeld van de werkelijk huiveringwekkend goede soundtrack?
De huid is ons grootste orgaan, en de haren op die huid gingen bij mij recht overeind staan bij de scène waarin de alien haar... ‘maagdelijkheid’ lijkt te verliezen aan degene die zich over haar ontfermd heeft: wat ís dit voor muziek??? Zelden zo iets sterks en... suggestiefs gehoord bij een (verder ook geweldige) filmscène. Skin deep, maar dat is hier diep genoeg, lijkt me.
Ietwat boosaardige tongen beweerden van Jacques Chirac, de voormalige president van Frankrijk, dat hij altijd de mening had van de laatste persoon die hij gesproken had. En zo heb ik altijd de ‘mening’ van de laatste film – die die naam waard is – die ik gezien heb.
Dus deze week is mijn beste film aller tijden: Under the Skin! Waar zijn die cheerleader- emoticons gebleven, nondeju?!? 
Upstream Color (2013)
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
Ja, Carruth heeft pretenties; niets minder dan de narratieve filmtaal opnieuw uitvinden. Vind ik op zich al lovenswaardig, los van de al of niet geslaagde uitkomst.
Vind ik ook; bij nader inzien, moet ik toegeven, want in eerste instantie zat ik toch een beetje verloren naar dit brandende water te staren. Maar het was fascinerend genoeg om me er een tweede keer aan te wagen, en daar heb ik geen spijt van.
Zeer bijzondere film. Een briljant web van associaties, een labyrint met meerdere verdiepingen, waarin de protagonisten, en de kijker, tastend hun weg moeten zoeken. Waarbij je overigens geen moment de indruk krijgt dat Carruth de touwtjes niet heel stevig in handen heeft.
Heel sterk in de opbouw, met afwisselende ‘staten van bewustzijn’ zogezegd, en meerdere, soms gelijktijdige dimensies. Ook erg goed is het cyclische, de steeds terugkerende elementen, met ook dialogen en scènes die herhaald lijken te worden, alsmede scènes waarin woord en beeld niet synchroon lopen.
Dat alles draagt bij tot een droom- of nachtmerrieachtige sfeer, tot het gevoel van een hallucinante zoektocht.
Ik was bij de eerste kijkbeurt lichtelijk geïrriteerd omdat ik het geluidsvolume van mijn speler tot grote hoogte moest opkrikken om nog iets van de dialogen te kunnen volgen, maar die ‘manipulatie’ (als dat het is) begrijp ik nu: bij mijn weten nog nooit een film gezien waarin geluid zo’n grote, en ook zo’n specifieke, rol speelt als in deze.
Een zwakkere stee zou misschien de rol van dat boek van Thoreau kunnen zijn (moeten we dat lezen?), maar ook in de ‘ontknoping’ blijft er genoeg ruimte over voor ambiguïteit om te kunnen vaststellen dat dit een zeer geslaagde onderneming is geworden.
