- Home
- Ferdydurke
- Reviews
Opinions
Here you can see which messages Ferdydurke as a personal opinion or review.
J'ai Perdu Mon Corps (2019)
Alternative title: I Lost My Body
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
Zo, er wordt flink op los gesymboliseerd, zeg.
Nou ja, als animatie niet onaardig, heeft wat dat betreft ook wel zijn momenten, en als tegen het einde het tempo van de scène-wisselingen wordt opgevoerd, is het best genietbaar.
Het verhaaltje komt echter een beetje gemaakt, gewild poëtisch over; het is een beetje trekken aan de emoties, het nadrukkelijk zoeken van gevoelens van deernis van de kijker, met topzware lotgevallen. 'Kitsch' is geloof ik een woord voor dat alles. En een hand die z'n lichaam zoekt: dat klinkt geinig, maar ik vind het eigenlijk niks. Als personage zeker niet.
Mijn eigenaardigheid misschien; ik kon Amélie ook al niet uitstaan.
Jane (2017)
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
Van de interviewserie 'Van de schoonheid en de troost' (2000) was de sessie met Jane Goodall wat mij betreft één van de sterkste, dus ik had hier best wel zin in.
Maar dat viel tegen.
Beelden van Gombe die qua zeggingskracht het niveau van vakantiefilmpjes nauwelijks overstijgen. De heldin herhaaldelijk poserend al turende door een verrekijker, en, om mij onbekende redenen, heel veel close ups van insecten. Fraaie fragmenten van Van Lawicks werk in de Serengeti, maar zonder context, hooguit de reactie oproepend 'Goh, zullen we dáár eens heengaan dit jaar, schat?'
De informatie over het werk van Goodall blijft zeer oppervlakkig, en haar privéleven, dat ruim aan bod komt, is niet bepaald boeiend te noemen. Of niet boeiend gebracht, in ieder geval.
Het interview helpt er ook al niet aan mee. Voice-over Jane: 'Het was erg frustrerend, die eerste maanden, dat ik geen contact kon maken met de chimpansees'. Direct daarop de interviewer: 'Hóe frustrerend was het dat je die eerste maanden geen contact kon maken met de chimpansees?'
Extra strafpunten voor de nauwelijks te harden, veel te aanwezige muziek. Waar sláát dat op, in hemelsnaam?
Japón (2002)
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
Doorgaans overbelicht, de vaak met de protagonist mee sjokkende camera gericht op de grond, niet heel scherpe, onopgesmukte beelden van een ruige, desolate omgeving, personages die eerder zichzelf zijn dan acteren (dat gaat zelfs zover dat één der werkers, uitrustend na de sloop van de schuur, het heeft over drank ‘van de mensen van de film’), en een herhaaldelijk getoonde onverschillige, haast terloopse wreedheid ten opzichte van dieren.
Al die elementen geven Japón iets rauws en rafeligs, iets alledaags en laagbijdegronds; maar tegelijkertijd tilt Reygadas zijn film op van die grond, door de camera herhaaldelijk richting het uitspansel te draaien, en door met eigenwijze, tegendraadse rotaties van die camera een aantal magnifieke shots te realiseren.
Het is een filmische verbinding tussen aarde en hemel die hij in wezen ook in zijn volgende films legde, en net als daar is ook hier het narratief met overduidelijk ‘christelijke’ referenties daarbij eerder ondersteunend dan cruciaal. Of, laten we zeggen, die referenties vormen óók gewoon een integraal onderdeel van de Mexicaanse aarde en hemel.
Ascen is een indrukwekkende, alledaagse heilige die – zo interpreteer ik er even op los - wél weet wanneer haar tijd gekomen is, een ware imitatio christi realiseert door haar ‘vervolgers’ meer dan ten dienste te zijn, en – ook metaforisch uitgedrukt met het ‘lenen’ van zijn jas – met een soort plaatsvervangend zelf-offer de kennelijk ondraaglijke existentiële last van de schouders van de protagonist als het ware overneemt.
El Hombre’s teruggekeerde verlangen naar het leven kan zich blijkbaar niet anders uiten dan door ‘seksuele gemeenschap’ (‘Je wilt ontucht met me plegen? Vooruit dan maar’) te hebben met de fysiek wel door het leven getekende, maar mentaal ongebroken, vrome vrouw; een ‘hemels’ verlangen zoals dat van Ascen’s neef, die zich in de gevangenis aftrok bij plaatjes van de heilige maagd...
En intussen heeft Reygadas zich geschaard in het rijtje cineasten waarvan ik eigenlijk alles goed blijk te vinden.
Je Vous Salue, Marie (1985)
Alternative title: Hail Mary
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
O, o, o, Godard...
Een film beginnen met de woorden (Engelse ondertiteling) ‘Out of my mouth is shit’, en eindigen met een beeld van een wijd geopende, met felrood gestifte lippen omrande mond, een zwart... gat waarin de camera zowat verdwijnt...
En daartussen de strijd tussen lichaam en ziel, de overval van de ziel op het lichaam, de tegenstelling tussen de ‘grijpende’ en ‘ziende’ blik. Het heilige en het profane, zijn weerklank vindend in een verbluffende soundtrack waarop in een razend ritme fragmenten van ‘hemelse’ muziek afgewisseld worden met zeer ‘aardse’ geluiden.
Controversieel? ‘Alleen’ in de zin dat de definiëring van de mens als samenstelling van ‘lichaam’ én ‘ziel’ dat sowieso al is. Voor de respectievelijke ‘liefhebbers’ van één der polen in die tegenstelling zal de film in gelijke mate een ‘schandaal’ kunnen zijn... meer films van Godard kun je zien als een wankel evenwicht tussen ‘cynisme’ en ‘kynisme’... God Art? Dog Art...
Is het een tegenstelling? In Je vous salue Marie is het ‘bezielde’ lichaam... begerenswaardig, en het lichaam zónder ziel afstotelijk en walgingwekkend. Of een eenheid der tegenstellingen? Het lichaam als ‘broeder ezel’ (Franciscus van Assisi), en het heilige ezeltje Balthasar (Bresson)...
Waar Nana (Vivre Sa Vie) en Charlotte (Une Femme Mariée) nog ‘zielen’ gevangen in een lichaam waren, is Marie een lichaam, gevangen in een ziel. Of, zoals zij zegt: de ziel is een lichaam.
Genoemde eerste woorden van de film kun je associëren met het bijbelwoord ‘Niet wat de mond in gaat maakt een mens onrein, maar wat de mond uit komt, dát maakt een mens onrein’. Wat mij betreft óók te vertalen als: niet wat het oog ziet is ‘onrein’, maar het oordeel van de ‘kijker’ daarover... Honi soit qui mal y pense...
Laat ik er daarom maar over ophouden; soms denk ik dingen te ‘zien’, en soms begrijp ik er geen... hol van.
Godard, o, o, O.....
Jeanne (2019)
Alternative title: Joan of Arc
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
Zo, da's een fijne kennismaking. Dumont stond al een tijdje op een (virtuele) lijst, maar het was er nog niet van gekomen.
Dit gaat eigenlijk over de hele linie heel erg goed.
Allereerst de mooie, haast als tableaus opgezette en gestileerde scènes in het duinlandschap, met kleine Jeanne in haar harnas en met haar vlag, dan al eenzaam eigenlijk, tussen haar metgezellen die haar beginnen af te vallen. De militaire en politieke ontwikkelingen zijn niet gunstig voor haar. Ze richt haar blik herhaaldelijk ten hemel: een shot van boven van een opkijkende Jeanne, en daarna een beeld van de schitterende, felblauwe lucht. Een lege hemel? Zo lijkt het wel.
Het deed daar in de duinen qua sfeer en stijl wel een beetje denken aan Bresson; de man inderdaad die zich in 1962 ook aan Jeanne waagde. Toch wel een heel andere film; één van mijn favorieten overigens.
Dan de filmisch indrukwekkende, en inhoudelijk beklemmende scènes tijdens het proces in die enorme, kille kathedraal. Dumont heeft een bijzonder fraaie bende katholieke boeven bij elkaar gezocht, en zet daar zijn felle en vastberaden Jeanne tegenover. Het is vooral in de kathedraal waarin het charisma van Jeanne tot wasdom komt. En tegelijkertijd is ze zo nietig in dat gigantische bouwwerk; de camera laat haar soms bijna verdwijnen.
En ten slotte de scènes in en bij de Engelse cel (we zijn weer terug in het duinlandschap), gevestigd in wat lijkt op een bunker uit WO II. Jeanne in haar cel wachtend op het einde, bewaakt door drie onverschillige cipiers.
Het einde is sterk, met een uitgeputte en verfomfaaide Jeanne; een einde weliswaar minder dan de verpletterende eindsequentie in Bresson's film, maar dat is geen schande.
Dumont voegt met de score, en met name met de liederen van Christophe, een absolute meerwaarde toe. De scène met het lied in de kathedraal waarin de monnik het geschreeuw van de ter helle gevarenen bezingt, is een hoogtepunt. Je ziet de verzamelde prelaten bijna huiveren, terwijl Jeanne er schijnbaar sereen bij zit, maar niettemin onder de indruk is.
En dat ben ik ook. Dumont blijft nog wel even op die lijst staan.
Jeanne Dielman 23,Quai du Commerce 1080 Bruxelles (1975)
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
De aardappeltjes opzetten – een klant ontvangen – de aardappeltjes afgieten: dat is niet er ‘een tweede leven’ op na houden; dat is een integraal onderdeel van één dagelijkse routine. Weduwe Jeanne heeft nooit haar trouwring afgedaan, ze heeft haar ‘transactie’ met haar echtgenoot na zijn dood gewoon voortgezet. Met anderen, van wie ze nu bij aankomst jas en hoed aanneemt, en bij vertrek weer aanreikt.
Huishoudgeld. De feministische notie van het huwelijk als gelegaliseerde prostitutie is hier natuurlijk niet te missen, maar buiten dat zou je dit ook kunnen beschouwen als een monument voor alle (huis-)vrouwen tot in de jaren zeventig, en ook daarna.
Handen die nooit rusten. De kundigheid en de efficiëntie waarmee Jeanne haar huishouden runt, is bewonderenswaardig en tegelijkertijd, inderdaad, ietwat deprimerend. Maar dat laatste misschien vooral door de associatie van huishoudelijk werk met de notie van uitbuiting, en gebrek aan ‘emancipatie’. Want op zichzelf is er niets mis met een mooi blinkende vaat, een fraai opgemaakt bed, een goed bereid maal. Het draagt allemaal bij aan een leven dat leefbaar en menselijk is.
Deze film is als uitdrukking van een sociaal engagement al zeer indrukwekkend, maar overstijgt dat nog in haar filmische expressie van de tijd als ‘duur’, en de dagelijkse routine van het leven als eeuwige... herhaling, als eeuwige terugkeer van hetzelfde.
De tijd verstrijkt, maar is tegelijkertijd stilstand. De film bestaat, als ik het wel heb, volledig uit een reeks statische shots op een beperkt aantal locaties, vaak vanuit hetzelfde, soms vanuit een 90 of 180 graden gedraaid, standpunt. Het lijkt het opgeslotene, de ijzeren cirkel, van dit leven nog extra te benadrukken.
Maar er is meer, natuurlijk. De gebeurtenis aan het einde – op dezelfde gortdroge manier geregistreerd als de rest van de film – had de boel een pamflettistisch, opstandig karakter kunnen geven, maar Jeanne Dielman verliest ook hier haar matter-of-fact karakter niet, en doet dat ook niet met de opmerkelijke, intieme ontboezemingen van zoonlief voor het slapen gaan (welke puberzoon praat zo met z’n moeder?).
Het stoïcijnse pantser van Jeanne vertoont gaandeweg barsten, er komt zand tussen de raderen van de geoliede machine; maar op enkele momenten is er daarnaast ook, hoe noem je dat, pathos, drama, in het beeld van haar, als de radio Für Elise, en de volgende dag iets anders sentimenteels, ten gehore brengt; en als ze in het niets staart, eenzaam zittend op haar vaste plaats in het café.
De duur, de herhaling, de schoonheid toch ook van de dagelijkse routine, het claustrofobische, en ten slotte dat haast terloopse, half verborgen pathos: het zijn allemaal elementen in een film waarmee Chantal Akerman als geen ander een... gevangen leven heeft weten te verbeelden.
Ja, ik hou wel van die pretentieuze shit. Top 10 allertijden-materiaal dit, wat mij betreft.
Jiang Hu Er Nü (2018)
Alternative title: Ash Is Purest White
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
Het drama van je eigen leven uitgedrukt in een middelmatige popsong, en dan die song uit volle borst mee blèren, in een afgeladen concertzaal. Het onvergelijkelijke en het banale gevangen in één scène.
Na het zien van deze film nog maar eens een nadere blik geworpen op het qua onderliggende thematiek verwante Sanxia Haoren. Daar was ik in eerste instantie niet bepaald enthousiast over, terwijl ik dit wel meteen heel goed vond. Dus ik wilde even controleren of ik destijds (nou ja, vorig jaar) bij SH misschien met mijn ogen dicht had gezeten.
Maar nee. Schitterende beelden in beide films, natuurlijk, maar de dramatische spankracht van Jiang Hu Er Nü is, in mijn beleving, veel groter. De persoonlijke drama’s krijgen hier veel meer de ruimte, en dan zodanig dat de context van de grote sociale en landschappelijke veranderingen des te beter tot uitdrukking komt.
Het persoonlijke en het maatschappelijke drama zijn hier veel meer in evenwicht, en met name het tijdsverloop van één en ander voegt een episch te noemen dimensie toe aan het geheel. SH houdt iets statisch, en daar blijft de documentaire blik overheersen; wil het persoonlijke drama, hoe ‘uitgesproken’ ook, maar niet echt uit de verf komen. Ik had bij SH ook sterk de indruk dat de vertolker van de mannelijke hoofdrol eigenlijk geen idee had waar ie mee bezig was.
Niet alleen de buitenopnames van Jiang Hu Er Nü zijn indrukwekkend, maar ook met een aantal interieure scènes worden hier dikke punten gescoord. Schitterend wat Zhangke Jia hier regelmatig met de kleur groen op het doek geschilderd krijgt.
Puntgave film.
Journal d'un Curé de Campagne (1951)
Alternative title: Diary of a Country Priest
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
Soulfood.
Een dieet van uitsluitend brood & wijn (het lichaam en het bloed van Christus) zal dan misschien de ziel ten goede komen, voor het menselijk lichaam ligt het nogal zwaar op de maag. Als dat geen tot de rand gevulde notendop is, inzake de staat van zijn van een navolger van Christus op aarde...
En die ambivalentie krijgt er nog een dimensie bij door de suggestie dat onze priester een kind is van een alcoholiste, en de wijn hem tegelijkertijd op de been houdt, en fysiek te gronde richt.
Journal d'un Curé de Campagne is een wonder van compactheid en spaarzaamheid, in een opeenvolging van tableaus, begeleid door, dan wel weerspiegeld in de dagboekfragmenten; alles bij elkaar een beeld schetsend van een vooral een innerlijke strijd voerende, jonge priester, in een onwelwillende, onbegrijpende en bij wijlen vijandige omgeving.
Zijn confrontaties met zijn mentor, het schijnbaar malicieuze schoolmeisje en met name de opstandige en verbitterde dochter van de graaf, zijn, in al hun soberheid en zakelijkheid, soms haast elektriserend en overlopend van onderliggende emotie, ondanks de schijn van het tegendeel.
Het uiterlijk van de personages in een film is natuurlijk nooit zonder belang, maar ik heb wat dat betreft zelden een gelukkiger keuze gezien dan Claude Laydu als de priester. Met zijn zorgelijke, grote hondenogen is hij hier van een grote fysieke schoonheid, misschien juist omdat het passend lijkt samen te vallen met het innerlijk zijn van deze figuur, met zijn blik die iets heeft van een wereldvreemd, schijnbaar van god en iedereen verlaten kind, maar wel één, die in al zijn onmacht en angst, een onbegrepen (of misschien juist wel min of meer onbewust wèl begrepen, juist door het schoolmeisje en de dochter) integriteit uitstraalt.
De film schetst daarmee misschien óók een treffend beeld van een kerk op de terugtocht, schijnbaar machteloos, in doodsnood, een entiteit die geen plaats heeft in de wereld, onbegrepen, maar toch emoties oproepend (al is dat meestal vijandig). Maar dat is dan nadrukkelijk niet een hopeloos verval van die 'kerk', maar precies dat wat het kennelijk moet wezen, altijd zou moeten wezen.
Ik moest wat dat betreft na het zien van deze film wel denken aan The Power and the Glory van Graham Greene, en ik ga denk ik ook maar eens op zoek naar de boeken van Bernanos, kennelijk een grootheid in het vooroorlogse Frankrijk, waar wel meer van verfilmd is, waaronder - inderdaad ook door Bresson - Mouchette. En tevens schoot Bunuels Nazarin mij weer te binnen als een film die ik ooit weer eens moet herzien.
Ja, ik heb nog zat te doen.
Jungfrukällan (1960)
Alternative title: De Maagdenbron
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
Sfeervolle bewerking van een middeleeuwse ballade, waarbij mij wederom de prachtig scherpe belichting van veel authentiek aandoende scènes opviel.
De Middeleeuwen vormden al eerder een passende achtergrond voor Bergmans preoccupatie met christelijke geloofstwijfel. Huizinga veronderstelde in zijn Herfsttij dat dit tijdperk gekenmerkt werd door een bepaalde hartstochtelijkheid, een felheid van het levensgevoel, die latere perioden zouden ontberen. Misschien dat de 'scherpte' van die tijd gereflecteerd wordt in de heftige dramatiek van dit verhaal, waarbij ik met name die geloofstwijfel, hier in de persoon van Max von Sydow als Herr Töre, zeer sterk uitgebeeld vind.
Het element van de tegenstelling heidendom / christendom daarentegen komt - tenminste zoals het hier is uitgewerkt - op mij heel wat minder overtuigend over, met een ietwat overacterende Gunnel Lindblom als stiefdochter, en ook nog een éénogige sjamaan-achtige figuur, die Odin nog met volle overtuiging toegedaan zijn. Voor de ontvouwing van het drama lijkt mij deze verhaallijn zelfs tamelijk overbodig.
Wel een sterke rol dus van Von Sydow, evenals van Valberg en Pettersson als respectievelijk de moeder en de dochter. Die drie zetten hun karakters en hun onderlinge verhoudingen geweldig neer. Pettersson is prachtig als het verwende zondagskind, waarbij je je maar al te goed kan voorstellen dat zij enerzijds het licht in het leven van haar ouders is, en anderzijds als prinsesje op de erwt ook het bloed onder de nagels van anderen vandaan kan halen, en inderdaad tot misdaad kan aanzetten.
Bergman schijnt achteraf (dat wil zeggen in ieder geval een jaar of tien later) niet bepaald tevreden geweest te zijn over de film; met name het idee van een verzoening met God door middel van de bouw van een kerk op de plek des onheils vond hij 'artistiek oninteressant'. Hij noemde de film zelfs een 'slappe imitatie' van de door hem zeer bewonderde Kurosawa.
Ik weet het niet. Zoals gezegd, zit er een zekere onevenwichtigheid in het verhaal, met bovendien een schijnbaar nogal erg stichtelijke ontknoping, maar met name de centrale episodes (de misdaad, de wraak, en zeker ook de eindscènes) zijn wat mij betreft werkelijk adembenemend. Ook na herziening ben ik weer emotioneel zeer getroffen. Die diepe indruk heeft nog geen andere Bergman bij mij nagelaten. En een Kurosawa al helemaal niet.
Ik weet geen andere manier om te leven
Misschien is dat uiteindelijk wel de enige echte reden waarom Herr Töre, nadat hij en zijn vrouw getroffen zijn door het onbegrijpelijke noodlot, trouw blijft aan zijn geloof in een God die dit alles 'heeft laten gebeuren': het alternatief voor hem is een bestaan zonder hoop, in een zinloos universum, waarin alles wat je liefhebt, zo maar vernietigd kan worden.
Wie weet is het de essentie van het geloof: enerzijds een belediging van het gezonde verstand, een ergerniswekkende weigering de feiten onder ogen te zien, en zich uit angst voor de afgrond van het zinloze een rad voor ogen te laten draaien; en anderzijds die 'bergen verzettende' kwaliteit, die zichzelf een kader schept waarin menselijk leven, een cultuur, mogelijk is.
'Geloven' in die zin is een daad van schepping, waarbij het irrelevant lijkt of het gebaseerd is op een openbaring, een visioen, of een illusie.
Jupiter Holdja (2017)
Alternative title: Jupiter's Moon
Ferdydurke
-
- 1353 messages
- 854 votes
Kant noch wal is er in de buurt bij dit metaforisch gezweef, slordig aangekleed als een actiethriller die niet erg wil thrillen. Het grauwe Hongarije (xenofoob! corrupt!) krijgt er flink van langs, en zal vast verlossing nodig hebben, maar dit werkje gaat daar niet bij helpen.
Die levitatie-mop wordt steeds maar weer opnieuw verteld, en daar worden moppen, zoals bekend, niet beter van. Een irritant opdringerige soundtrack afgewisseld met veel Engelstalig gemompel van de engel van dienst en een in de morele en financiële penarie zittende arts (die als een soort bad lieutenant light uiteindelijk tot inkeer komt), en het veelvuldig onrustig gesjouw met de camera, maken het er ook niet vrolijker op.
Nou ja, je kunt niet alles hebben.
