• 177.924 movies
  • 12.203 shows
  • 33.971 seasons
  • 646.932 actors
  • 9.370.314 votes
Avatar
Profile
 

Opinions

Here you can see which messages Roger Thornhill as a personal opinion or review.

Theory of Everything, The (2014)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Tja, dat iemand zo'n afschuwelijke ziekte krijgt en er nog mee leert leven ook is op zich al genoeg rechtvaardiging voor een biopic, maar dat die iemand dan ook nog eens zó briljant is dat hij wordt gezien als één van de belangrijkste natuurkundigen van de twintigste eeuw én gewoon doorgaat met zijn baanbrekende werk, dat is natuurlijk ongelooflijk. Bovendien geeft de sublieme Eddie Redmayne de fysieke aftakeling zó ongelooflijk goed vorm dat ik gewoon geneigd ben om door de vingers te zien dat er eigenlijk veel te weinig van Hawkings werk en ideeën aan bod komen. Toegegeven, die ideeën zijn niet bepaald lichte kost, en het is misschien moeilijk om ze op filmische wijze recht te doen, maar íéts meer dan dit was wat mij betreft toch wel welkom geweest.

Thérèse Desqueyroux (2012)

Alternative title: Thérèse

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Fraai en onderkoeld, met een visuele claustrofobie (culminerend in Thérèse's zolderkamertje met het afbladderende behang) als tegenhanger van de traditie, de goede naam en het aanzien waar de schoonfamilie zo'n prijs op stelt. Magnifiek geacteerd door Audrey Tautou en met een prachtige slotscène, maar ik kon me niet aan de indruk onttrekken dat de landerigheid van de setting ook een negatieve invloed had op het tempo en de algemene sfeer (en daarmee de impact) van de film. Met zorg en liefde gemaakt, en de machteloosheid van een complex personage in een verstikkende tijd komt goed tot uiting, maar iets expressiever spel van de beide hoofdpersonen had de film misschien wel goed gedaan.

They Call Me Mister Tibbs! (1970)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Wie in een encyclopedie het lemma screen presence opzoekt zal daarbij vermoedelijk een foto van Sidney Poitier aantreffen – en hij is dan ook bijna de enige reden om deze film te bekijken, want het verhaal is dertien-in-een-dozijn, de regie is ongeïnspireerd en de twee achtervolgingsscènes zijn niet slecht maar voegen ook niet veel toe. Martin Landau en Anthony Zerbe doen hun best met hun personages en zorgen nog voor wat tegenwicht, maar zoals rick@themovies hierboven al betoogt is het eigenlijk onduidelijk waarom Poitier hier Virgil Tibbs moet heten, aangezien zijn huidskleur totaal geen issue is en de hele racisme-thematiek van In the heat of the night ook geheel afwezig is. Al met al feitelijk een overbodige onderneming.

Thief (1981)

Alternative title: Violent Streets

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Om de een of andere reden heb ik deze film nog nooit kunnen zien terwijl hij toch al jarenlang op mijn lijstje stond, maar dankzij Canvas was het laatst dan eindelijk zo ver. En ben ik met de hoge verwachtingen teleurgesteld? Ja en nee. Technisch áf, geweldig gefilmd en met sfeervolle nachtopnames, alle kwaliteiten kortom die we van deze regisseur gewend zijn, en dat voor een film die behoorlijk vroeg in zijn carrière kwam. Feitelijk is dit een soort voorstudie van Heat, ook weer met een intrigerende crimineel met een eigen code en een slot dat de hoofdpersoon voorziet van een soort existentiële tragiek die eigenlijk nogal gekunsteld aandoet. En daar wringt voor mij de schoen, want ik zie James Caan hier wel héél erg acteren. Volgens IMDb heeft hij verklaard dat "his monologue in the diner is the scene of which he is most proud in his career", maar ik zie eigenlijk vooral een acteur die een gewichtige monoloog zo interessant mogelijk probeert te brengen, iets waar hij niet de gravitas voor heeft (in tegenstelling tot, bijvoorbeeld, Al Pacino of Tommy Lee Jones). Of misschien ben ik wel niet zo dol op James Caan (nooit de ster geworden die hij eigenlijk al vanaf Howard Hawks' Red Line 7000 [1965] had moeten zijn), of op boeven die teveel filosoferen, hoewel ik daar bij Heat en Collateral geen problemen mee had.
        De kraken zelf waren verder niet zo spannend omdat ik geen dreiging van ontdekking door politie of nachtwakers voelde, maar gelukkig zat er ijzersterke muziek van Tangerine Dream onder. De standaard-4/4-rock bij de voorspelbare slo-mo-finale was dan weer een beetje een afknapper. Verder een ontroerende rol van Willie Nelson, en Tuesday Weld is prachtig. Gemengde gevoelens dus bij deze film, waarbij ongetwijfeld zal meespelen dat ik Michael Mann nooit tot mijn favoriete regisseurs heb gerekend (met Collateral als enige uitschieter naar boven, 5*.)

Thief of Bagdad, The (1940)

Alternative title: The Thief of Bagdad: An Arabian Fantasy in Technicolor

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

In het eerste deel Michael Powells autobiografie, A life in movies, beschrijft hij een gesprek tussen Alexander Korda (producent en geestelijk vader van The thief of Bagdad) en Conrad Veidt (Jaffar). Veidt vraagt op een gegeven moment: "Don't you think, Alex, that I was overacting in my close-up a little bit?" Waarop Korda antwoordt: "My dear Connie, you are supposed to be a magician in a Technicolor film. Nobody minds if a magician overacts. A little bit."

Dat geeft al mooi aan hoe deze film bekeken moet worden: puur als vermaak, zonder enige poging er iets serieus van te maken, tongue-in-cheek (in beide wangen zelfs als dat gaat), het ultieme escapisme.

En ja, dan hoort het erbij dat de special effects behoorlijk slecht zijn: de overduidelijke maquette van het schip op "volle" zee, het vliegende paard, de achtergrondprojecties (bijvoorbeeld van Sabu en de bewakers op de vloer van het paleis op de bergtop), de vliegende djinn, het abominabele sabelgevecht van Ahmad met meerdere tegenstanders (de man met de sabel "in" = naast zijn eigen buik), en (mijn persoonlijke favoriet) de duidelijk zichtbare plaklijnen van de "kaalheidspruik" op het hoofd van de djinn. Maar ja, 1940 hè. (Overigens zijn sommige effecten nog wel goed, zoals de plotse verdwijning van Ahmad in het ravijn en zijn verschijning in Bagdad, en het vliegende tapijt inclusief de op de wind bewegende franje.)

Maar vooral zit er vrijwel geen frame in deze film waarop compositie, kadrering, decors, natuurlijke landschappen, contrastwerking en kleur niet een beeld opleveren van een onvoorstelbare schoonheid en helderheid. Met name het kleurgebruik, met al die heldere tinten die vol en verzadigd zijn zonder ooit echt onrealistisch te worden, geeft deze film een levendigheid die wat mij betreft nog altijd ongeëvenaard is. Onbegrijpelijk hoe ze ruim 70 jaar geleden kleurschakeringen die nog altijd zo warm aandoen konden bereiken. Wat nou primitief Technicolorproces? (En Michael Powell was slim genoeg om George Périnal ook in te huren voor zijn eigen eerste kleurenfilm, The life and death of Colonel Blimp uit 1943 -- en ook die film ziet er nog altijd prachtig uit.)

Thing from Another World, The (1951)

Alternative title: The Thing

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Deze film heb ik denk 25 jaar geleden gezien, en ik was er toen niet erg van onder de indruk, misschien ook omdat mijn verwachtingen hoog waren vanwege de reputatie hiervan.

Daarna de remake vele maken gezien, en nu toch weer benieuwd geworden naar het origineel. Lang leve Canvas! En dit was toch wel een enorme verrassing.

Ten eerste wijkt de film door de afwezigheid van gedaanteverwisselingen zóveel af van de latere versie dat ik gewoon benieuwd was hoe hij verder zou gaan, en een dergelijke spanning hebben toch niet veel films uit de jaren 50 voor mij. Natuurlijk zou het wel goed aflopen, maar hoe het precies zou gaan, hoeveel slachtoffers het Ding nog zou maken en wat de vooruitzichten voor de overblijvers zouden zijn bleven toch redelijk lang onduidelijk.

Daarnaast is ook de vorm nog behoorlijk modern. Een groep mannen onder druk vormt een favoriet thema van Howard Hawks (om hèm maar even aan te houden als de auteur van deze film), maar ook het stijlelement van overlappende dialogen dat hij hier inzet geeft de film een tempo dat nog altijd fris en scherp aandoet. Natuurlijk had ik dat al moeten zien aankomen, want ook in het geweldige His girl Friday maakt hij gebruik van die techniek, maar in déze film geeft dat niet alleen extra vaart maar draagt het ook nog eens bij aan de spanning. (Er is zelfs een personage dat off-screen nog even doorpraat nadat er een deur in zijn gezicht is dichtgeslagen.)

Daarnaast is dit een sterk voorbeeld van een ensemblefilm waarin iedereen belangrijk is en iedereen er toe doet. Toegegeven, er zijn vier personages die íéts meer aandacht krijgen dan de rest: de leider, de wetenschapper die kennis belangrijk dan het leven vindt, de journalist, en de vrouw die voornamelijk als love interest van de leider lijkt te fungeren om hem iets meer als een standaard-klassieke hoofdpersoon te laten overkomen – maar echt extreem veel dramatisch gewicht in de schaal leggen doet hun uitzonderingspositie voor mijn gevoel niet. En geheel conform de manier waarop de personages qua screentime grotendeels over één kam worden geschoren, zitten er ook geen grote namen of sterren tussen de acteurs en actrices (met uitzondering van James Arness, wiens televisieroem echter pas vier jaar later zou beginnen).

Voeg daaraan toe dat de film er nog steeds uitstekend uitziet (niet alleen in de benauwende binnenscènes maar ook bij de opnames in de "sneeuw", om nog maar te zwijgen van de kamer die op meerdere plekken in brand staat) en je komt uit op een film die mij zestig jaar na dato tot de laatste minuut wist te boeien. Zelfs met mijn voorliefde voor "oude" films had ik de moderniteit, de vaart en de scherpte hiervan niet verwacht.
 

Thing, The (1982)

Alternative title: John Carpenter's The Thing

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Frappant hoe deze film gedateerd oogt qua digitale apparatuur, klederdracht en hoeveelheden hoofdhaar en gezichtsbeharing, maar niet qua handeling, spanning en compromisloos onsentimenteel einde. Het totaal geïsoleerde en onveranderlijke oerlandschap is daar mede debet aan, maar vooral komt het toch door de filmstijl en de lucide persoonlijkheid daarachter. Eigenlijk zou dit ook een film uit 2022 die zich in 1982 afspeelt kunnen zijn, hetgeen de tijdloosheid ervan onderstreept. Geen komische of ironische one-liners om de spanning te verlichten (hetgeen in deze film ook ongepast zou zijn), ingetogen muziek die de actiescènes nergens overvleugelt of "overdrijft", en FX die nog steeds onsmakelijk zijn – dat omgekeerde hoofd op reusachtige spinnepoten is wat mij betreft een archetypisch nachtmerriebeeld.

Things to Come (1936)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Het is duidelijk wat hier de zwakke plekken van zijn: het acteren is soms overdadig dramatisch in de stijl van de zwijgende film, het beeld van hoe de toekomst er fysiek uit zal zien zegt (zoals wel vaker in SF-films) vooral iets over de opvattingen van de tijd waarin de film gemaakt werd, het middelste deel (de scènes in de ruïnes van Everytown met Ralph Richardson als warlord) valt qua urgentie enigszins uit de toon bij de twee andere delen, en Wells' toekomstvisie van een verlichte semi-Platoonse technocratie is even benauwend en cryptofascistisch als de (ongenoemde maar duidelijk herkenbare) vijand die in de oorlog van het eerste deel wordt bestreden.

        Toch kan ik niet anders dan deze film het maximale aantal sterren geven. We zijn inmiddels wel wat gewend als het gaat om het realistisch weergeven (of in ieder geval zoveel mogelijk benaderen van de realiteit) van de impact van oorlogsgeweld, en het eerste deel van Things to come kan wat dat betreft uiteraard niet in de schaduw staan van, ik noem maar wat, Saving Private Ryan of Un long dimanche de fiançailles, maar de montage van beelden, de snelheid van vertellen en het gevoel van chaos en paniek dat uit de massascènes spreekt maakt van de eerste twintig minuten van deze film nog altijd een enerverende ervaring. Daarnaast is de knappe montage van beelden aan het begin van het derde deel (van futuristische mijnbouw? het leek wel een korte film van Bert Haanstra!) nog altijd indrukwekkend, en getuigt het vervolg van dat deel (draaiend om het afschieten van het "ruimtekanon") nog altijd van een groot verteltalent, zowel qua script als qua verfilming.

        Bovenal echter bezit deze film twee kwaliteiten die hem nog altijd uittillen boven het gros van andere science-fiction. Allereerst zijn daar natuurlijk de fantastische decors en setontwerpen: eerst Everytown dat in puin wordt gelegd, daarna de ruïnes waarin Gordon, Harding en Cabal aan het régime van The Boss worden onderworpen (met die prachtige "retiring room" die laatstgenoemde zo mooi mogelijk heeft opgetuigd zonder dat hij echter iets heeft kunnen doen aan alle kogelgaten en granaatinslagen op de geravageerde muren), en tenslotte de wereld van de toekomst, vol ruime pleinen, fantasierijke hoogbouw, monorails en telecomringen, prachtig vormgegeven en vol wide shots waarop goed te zien is dat er kosten noch moeite zijn gespaard.

        Daarnaast heb ik nog altijd eerbied voor de pure moed en de ambitie van producer Alexander Korda om Wells' uitgebreide en soms sombere toekomstvisie een dergelijk episch canvas te bieden. Hoewel het hier in feite slechts gaat om drie episodes uit de toekomst (oorlog, barbarij en brave new world) heeft het verhaal door de decors, de massascènes, de details en de ideologische discussies een veel groter bereik en lijkt het wel of de kijker de verre toekomst in wordt geworpen, vèr voorbij de horizon. En dat laatste is een ervaring die ik ook bij veel moderne SF nog altijd niet ben tegengekomen (2001 ?).

        Inmiddels is deze film al bijna 80 jaar oud, maar het is verbazingwekkend hoezeer hij mij heeft meegesleept, hoeveel vaart hij nog altijd heeft en hoeveel vuur en intensiteit er nog altijd uit spreken.

        Overigens is hier ook Wells' oorspronkelijke en uitgebreidere film treatment te vinden, en daarin wordt ook iets meer ruimte gegund aan de positie en de argumenten van Theotocopulos en Raymond Passworthy. Ik heb de film op DVD in een versie van een kleine 90 minuten bekeken, maar wellicht zijn die passages wèl opgenomen in de langere versie van 117 minuten op een speciale uitgave op DVD of Blu-ray.

Third Man, The (1949)

Alternative title: The 3rd Man

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Wat mij betreft is dit de perfecte film. Hij bevat spanning, humor, psychologie, romance, sociaal bewogen thema's en mysterie, de filmtechnische elementen (camerawerk, spel, dialogen) zijn optimaal, en de lokatie levert een bijna tastbare sfeer van melancholie en doem, .

De muziek (ta-ta-ta ta-ta ta-taaaa...) kan voor sommige mensen net zo storend zijn als de schier oneindige herhalingen van Do not forsake me oh my darlin' in High noon drie jaar later, maar mij persoonlijk stoort het nergens. Het geeft bijna een soort ironische distantie, een perspectief vanwaaruit ik kijk naar de personages die allemaal op zoek zijn naar iets -- de aandacht van Harry (Anna), de misdaden van Harry (Calloway), de vriendschap van Harry èn de liefde van Anna (Holly) en rijkdom (Harry) -- een perspectief dat misschien wel wat lijkt op dat van Harry vanuit het reuzenrad...

Het enige personage dat een tevreden indruk maakt is de innemende Sgt. Payne. In deze ambiance loopt het dan ook niet goed met hem af.

Iemand anders bij de scènes in het riool met de bijbehorende desoriënterende montage nog de associatie met Eschers Klimmen en dalen gehad?
 

Thirteenth Guest, The (1932)

Alternative title: Lady Beware

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Aardig moordmysterie, gedomineerd door Ginger Rogers (hier nog vóór Gold diggers of 1933 en haar films met Fred Astaire en dus nog bepaald geen ster) en Lyle Talbot als de luchthartige maar voortvarende privédetective die gelukkig meer aandacht krijgt dan de bangige kluns (Paul Hurst als "Grump") die zijn baas de politiecommissaris (J. Farrell MacDonald) regelmatig tot een slow-burn-woede-aanval brengt. Ondanks de voor die tijd gebruikelijke trage cameravoering en montage en de afwezigheid van "smerende" muziek is de film nog altijd onderhoudend, dankzij de vlotte en soms lekker pinnige dialogen ("Dear Marjorie - your soul must look like the inside of a vinegar bottle!"), het aardige spel en de fraaie setting van het oude huis. Een vergeten klassieker zou ik dit zelfs in mijn wildste fantasieën niet durven noemen, maar vermakelijk is hij zéker, zelfs in de matige Weton-Wesgram-kopie waarmee ik opgescheept zit (met op de hoes de poster voor een heel andere film, The 13th man - wel op MovieMeter, maar nog geen stemmen en geen berichten, ook dat nog).

Thirteenth Tale, The (2013)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Intrigerend verhaal met twee sterke hoofdrolspeelsters die allebei verloren zijn in een doolhof uit het verleden – de één probeert de spoken te laten herleven, de ander ziet ze daardoor tegen wil en dank uit het graf herrijzen. Mooie mix van psychologie, sfeerhorror en knap acteerwerk; helaas lijken de beide (en op een gegeven moment dus zelfs drie) zusjes zó sterk op elkaar en gaan de plotontwikkelingen op het einde zó snel dat ik de meisjes niet meer uit elkaar kon houden, hetgeen voor de juiste spanning wat mij betreft toch een beetje de doodsteek was. Uiteindelijk dus een zeer boeiende maar enigszins anticlimactische film.

This Gun for Hire (1942)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Knappe noir waarbij het helemaal te begrijpen valt waarom Alan Ladd dankzij deze film een ster werd, ook al speelt hij dan een dubieus personage. Lekker complex plot dat toch goed te volgen is, een mooie bijrol van Laird Cregar als de schurk die afkerig van geweld is, en prachtig camerawerk van John Seitz; alleen Veronica Lake kan mij niet helemaal overtuigen, en haar schoonheid vind ik ook wat te bestudeerd, met die enorme lokken en dat vervelende pruilmondje. Maar goed, zij is eigenlijk het enige minpuntje van een film die eigenlijk nog steeds behoorlijk spannend is.

This Happy Breed (1944)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

"Bijna twee uur het genoegen van herkenning, hetgeen niet erg hoog op de schaal van esthetische waarden scoort," schreef Punch-criticus Richard Mallett indertijd. Geldt dat driekwart eeuw later nog steeds, of heeft de historische afstand de kijker inmiddels wat milder gemaakt omdat dit toch wel een interessant portret is van een tijdperk (1918-1938) dat heel erg voorbij is en nu een patina van nostalgie heeft? Voor allebei de benaderingen is wat te zeggen. In technisch opzicht is de film in ieder geval voorbeeldig; zowel vóór als àchter de camera bevindt zich een gigantische hoeveelheid Engels filmtalent, het beeld is superbe (met warme kleuren die door de makers af en toe toch een beetje doffer zijn gemaakt om de economische soberheid van het interbellum te suggereren), en de historische feitjes (de stakingen, de dood van George V en de troonsafstand van Edward VIII, de verleidingen van communisme en fascisme, Neville Chamberlain en zijn "Peace in our time") zijn aardig door de plot van huishoudelijke perikelen geweven, hoewel ook weer niet zó nadrukkelijk als ik eigenlijk zou verwachten van een film die min of meer een tijdsbeeld van een (Engelse) periode wil schetsen.

        Maar uiteindelijk concentreert de film zich toch op het huiselijke leven van vader en moeder Gibbons, hun drie kinderen en de inwonenende familieleden, inclusief ruzietjes, groeipijntjes, liefdes, teleurstellingen, vriendschappen en kleine en grote tragedies. En hoe boeiend dat allemaal ook is en hoe graag ik ook naar sommige van de vertolkers kijk (Celia Johnson als de soms onbuigzame moeder, Kay Walsh als haar dwarse dochter, Stanley Holloway als de vrolijke buurman, John Mills als zijn zoon bij de marine), feitelijk zou je dit allemaal ook kunnen beschouwen als een extra lange aflevering van Coronation Street (of, voor de jongere kijkers, Eastenders), hetgeen wat mij betreft niet per se een aanbeveling is. Gevolg is dat ik de ontwikkelingen geboeid volg en af en toe zelfs een traantje moet wegpinken, maar na afloop me ook wel afvraag waar ik nou eigenlijk naar heb zitten kijken.

        De mooiste rol vind ik overigens die van Kay Walsh; net als in de eerste Lean/Coward-samenwerking In which we serve is zij een elegant meisje dat het hof wordt gemaakt door de zeevarende John Mills, maar waar zij in die eerdere film nog voornamelijk lief en gezeggelijk is, toont zij hier een eigenzinnigheid en een opstandigheid die tot een paar van de meest aangrijpende scènes leiden.

This Is the End (2013)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Ik kan me nog goed herinneren hoe overdonderd ik indertijd was toen ik Knocked up had gezien: zonder enige verwachting aan begonnen, vooraf totaal onwetend van de makers, na afloop bijna euforisch vanwege de vaak geïmproviseerde humor, de schaamteloze dialogen, het ongegeneerde vieren van de levensstijl van de slackers en bovenal het gemak waarmee personages die nèt niet over-the-top-karikaturaal waren zo levensecht werden neergezet. Vele jaren en talloze films met al die acteurs later heb ik er onderhand mijn buik wel van vol: wéér die preoccupatie met wiet, poep, sex en popcultuur, wéér die gross-out-humor (Seth Rogen die vanwege het watergebrek in z'n eigen mond probeert te plassen), wéér die riffing-dialogen (Danny McBride die kijkt hoeveel grappen hij kan persen uit het onderspuiten van James Franco's huis), wéér die personages die eigenlijk steeds maar weer een variant op zichzelf spelen – zelfs als alien was Seth Rogen meer Seth Rogen dan Paul. Qua plot schiet deze film na het eerste halve uur ook niet echt meer op, de apocalyptische scènes vind ik bepaald niet zo indrukwekkend als andere gebruikers hier, en vanaf het moment dat ze het huis van James Franco verlaten sléépt de film zich echt naar het slot. Op gezette tijden zeer grappig, maar als geheel een dodelijk vermoeiende ervaring.

Thomas Crown Affair, The (1968)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Style over substance, geeft zelfs regisseur Norman Jewison in zijn uiterst onderhoudende audiocommentaar op mijn DVD toe, maar als de stijl nog altijd zo fris is, en wanneer de film je "dwingt" om te kijken naar zulke mooie mensen in zulke fraaie kleren (en naar zo'n leuk uitgevoerde bankroof) is dat wat mij betreft geen enkel probleem, zeker niet wanneer de betekenis van de titel halverwege de film verandert van "de zaak Thomas Crown" in "de affaire die Vicki Anderson met Thomas Crown heeft", want dat wordt-het-wat-of-wordt-het-niets-spel is op zich ook al intrigerend. Merkwaardig genoeg had ik hiervan alleen de remake gezien, en ik herinner me daarvan alleen dat ik niet erg onder de indruk was, maar van dit origineel daarentegen des te meer. En wat is McQueen toch cool – hij ziet er zelfs in een oranje overhemd nog goed uit.

Thor (2011)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Noch Chris Hemsworth noch het personage van Thor noch de half-mythologische-half-fantasy-wereld die hij bewoont spreekt mij bijzonder aan, maar toch is deze film best genietbaar. Dat is vooral te danken aan Tom Hiddleston en de manier waarop hij langzaam maar zeker zijn karakter en zijn plannen ontvouwt, en aan Anthony Hopkins die een aardige spanning op zijn koninklijke rol en op zijn relatie met zijn oudste zoon zet. Voor iemand die later in deze franchise is ingestroomd is het ook leuk om hier geconfronteerd te worden met de voorgeschiedenis en de bloedlijn van Loki, en Natalie Portman is een prima vlam voor Thor, dus ondanks mijn voornoemde onverschilligheid tegen held en setting kloppen de meeste elementen van deze film toch wel aardig. Alleen dat enorme wezen dat Loki naar de aarde stuurt om zijn broer uit te schakelen doet mij teveel aan Gort uit The day the earth stood still denken, zeker met die vuurstroom uit zijn vizier. (O, en wanneer King Laufey tegen Thor zegt : "Run back home, little princess!" moet ik automatisch denken aan wat Drax in de eerste Guardians of the galaxy tegen Gamora brult : "I AM NOT A PRINCESS!!!")

Thor: Love and Thunder (2022)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Toen George Clooney het eindresultaat van zijn rol als Batman in Batman & Robin zag schijnt hij te hebben gezegd: "I think we just killed the franchise." Vraag: geldt hetzelfde voor Waititi's werk hier? Natuurlijk hoeft de stoere Thor van de eerste films niet altijd helemaal serieus genomen te worden, maar in dit vierde deel is hij eerder een clown in een komedie dan een held in een film met humoristische zijpaadjes zoals in Ragnarok, met als dieptepunt die flauwiteiten met de jaloerse bijl. Merkwaardig genoeg zitten er ook een aantal tamelijk tot zeer duistere elementen in de plot, zoals het personage van de God Butcher, de ziekte en uiteindelijke dood van Jane, de creepy schaduwmonsters en de onaangename kinderroof, maar dat die elementen werken ligt aan het charisma van de drie hoofdrolspelers, niet aan enig uit de plot voortvloeiende spanning en ontroering. Nee, dit is in mijn ogen een goed gemaakte en er professioneel uitziende, maar qua toon compleet met de rest van het MCU vloekende miskleun. En ik kan me voorstellen dat Chris Hemsworth zich nu ook op zijn toekomst binnen Marvel zit te beraden, ook al was deze film dan ook een behoorlijke hit (kosten $250m, opbrengt $761m volgens de Engelse wiki).
        Overigens ken ik natuurlijk nooit extra sterren toe aan een film wanneer de presentatie op DVD of Blu-ray uitzonderlijk goed is, en dus zal ik ook geen sterretjes van mijn waardering àftrekken vanwege het audiocommentaar van Taika Waititi op de Blu-ray. Daarnaar te moeten (of nog erger: wíllen) luisteren is bijna twee uur verveling, met héél af en toe een "fun fact" zoals hij het zelf noemt, en verder voornamelijk het ontlokken van muziek aan waterglazen en het kletsen met zijn twee kleine dochtertjes. Onverdraaglijk, net zoals ik onderhand ook wel genoeg heb van de humor van en met Miek.

Thor: Ragnarok (2017)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

De overmaat aan actie wordt enigszins teruggeschroefd ten faveure van humor en gekibbel à la Guardians of the galaxy, en laat dat nu nèt het soort Marvel-produkties zijn waar ik zelf wel pap van lust. Hemsworth doet het uitstekend, Hiddleston is geweldig zoals altijd, Ruffalo steelt de show, Cumberbatch heeft een erg grappig en superieur gespeeld bijrolletje, Goldblum speelt Goldblum, en alleen Blanchett heeft wat te weinig te doen. Al met al uitstekend vermaak waar ik meer dan eens bij heb zitten bulderlachen, en dan nog cameo's van Matt Damon en Sam Neill... what's not to like? En Doctor Strange vond ik óók al zo leuk... ik word warempel nog eens een echte Marvel-fan.

Thor: The Dark World (2013)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Bij herziening (en nadat ik deel 1 heb gezien) komt er toch maar liefst anderhalve ster bij. Naar Chris Hemsworth kijk ik nog altijd niet met plezier, en die knokpartijen met die Dark Elves en aanverwante wezens en trollen zijn zelden interessant, maar diverse kwaliteitsacteurs (Hopkins, Portman, Elba) weten hun personages toch wel goed tot leven te wekken, de scènes in Londen met Darcy, haar stagiair en de prof in onderbroek zijn vaak hilarisch, en Tom Hiddleston is echt geweldig (wanneer hij de gedaante van Captain America heeft aangenomen : "I can feel the righteousness surging!"). En Chris O'Dowd is weer zijn gebruikelijke charmante zelf.

Those Were the Days (1934)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Will Hay (1888-1949) was een Britse music-hall-ster die in de jaren 30 en 40 van de vorige eeuw één van de grote publiekstrekkers van de Engelse cinema zou worden. In zijn filmdebuut speelde hij nog niet het typetje waarmee hij op het toneel naam had gemaakt (de incompetente leraar die wanhopig probeert het hoofd boven water te houden terwijl er altijd wel een brutale leerling in de buurt is om de ballon door te prikken), maar wel een verwant personage: de rechtschapen maar niet al te standvastige titelfiguur uit Sir Arthur Pinero’s The magistrate (kanton- of vrederechter), een zeer succesvolle farce uit 1885. En ook hier vertoont zijn personage al zijn gebruikelijke hypocriete verontwaardiging, bijvoorbeeld wanneer hij hoort dat zijn stiefzoon op de paardenraces gokt: “What, backing horses at your age? Good Heavens, whatever next! Well, that’s something that I don’t even do myself ! Don’t you ever do that again! [nadenkende pauze] How much did you win?”

        Hay wordt hierbij omringd door diverse indertijd bekende filmgezichten die door de moderne kijker vrijwel geheel vergeten zijn, met twee uitzonderingen. Zijn schoonzuster Charlotte wordt gespeeld door de zeer appetijtelijke Angela Baddeley, die in de eerste helft van de jaren 70 haar eigen roem vond als Mrs Bridges, de kokkin in de televisieserie Upstairs downstairs. Bekender nog is John Mills, hier nog een jong mannetje in zijn vierde film, maar vóór zijn dood in 2005 nog in 128 andere films optredend (inclusief David Leans Ryan’s daughter, waarvoor hij in 1971 een Oscar voor de beste mannelijke bijrol won). Mills is hier 25 jaar oud, maar speelt een man van 21 die zich voordoet als een jongen van 15 – tja, wat zou een farce zijn zonder dergelijke vermommingen, verwarringen en verwisselingen.

        Daarnaast is deze film (in de woorden van filmcriticus Leslie Halliwell) “the screen’s best recreation of an old-time music hall”, want waar het toneelstuk voornamelijk in een hotel was gesitueerd speelde deze verfilming zich voor een groot deel af in de Majestic Music Hall, waar we getuige zijn van optredens van diverse contemporaine revuesterren als Lily Morris, Sam Curtis, Harry Bedford en G.H. Elliot, die dubbelzinnige liedjes zingen met titels als My old man says Follow the van, Lily of Laguna en The little bit the boys admire – het is een wereld die geheel en al voorbij is maar waar we hier (en in het begin van Hitchcocks The 39 steps uit 1935) nog een glimp van kunnen opvangen.

        Een film uit voorbije tijden, zich afspelend tegen een decor dat niet meer bestaat, met acteurs die grotendeels vergeten zijn – wie er nog van houdt kan hier zijn hart ophalen. Momenteel op een (helaas niet ondertitelde) Studiocanal-DVD verkrijgbaar, waarbij een bijzonder fraaie en succesvolle digitaal geremasterde transfer resulteert in een film die er niet alleen prachtig uitziet maar eigenlijk ook verrassend goed en soepel loopt (met dank aan de binnen het genre nog altijd effectieve plot, dialoog en bijrollen). Als er op MovieMeter nog een ándere liefhebber van vroege Engelse cinema, music-hall en/of Will Hay bestaat, mag hij of zij deze DVD eigenlijk niet missen. “I can’t go out to enjoy myself while your mother is in bed with a headache. It wouldn’t be right. [pauze, snuif] Where did you think of going?”

Three Ages (1923)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

De verwachtingen waren hoog en het uitgangspunt is perfect, maar uiteindelijk is dit voor mij toch een beetje een tegenvaller. Misschien voelde Keaton dat ook al zo, blijkens zijn latere bekentenis dat hij de film had opgebouwd als drie two-reelers die door elkaar heen waren gemonteerd maar die later ook apart zouden kunnen worden uitgebracht als de film (zijn eerste "lange") geen succes zou blijken te zijn. Hoe dan ook, er zitten natuurlijk toch wel een paar geweldige momenten in: de dinosaurus, het horloge met zonnewijzertje (komt dat niet ook in een album van Astérix terug?), de strijdwagen met het reservewiel achterop, en natuurlijk de "leeuw" die een manicure krijgt, maar er zitten toch te weinig echt hilarische of beklijvende momenten in.
        Overigens is er hier al gesproken over de "inspiratie" van Intolerance, maar bij de race van de strijdwagens moest ik zelf ook denken aan Ben Hur. De beroemde verfilming van Fred Niblo stamt uit 1925 (twee jaar na Three ages) en kan dus niet de bron van de parodie zijn, maar ik zie dat er in 1907 ook al een versie was gemaakt. Weet iemand hier iets over?

Three Billboards Outside Ebbing, Missouri (2017)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Een film waarin alles net even wat anders gaat dan ik aannam op basis van de titel, waarvan ik verwachtte dat die de hele plot wel zo ongeveer zou vertellen. Maar de personages hebben allemaal hun eigen verhaal, met meer diepte dan gedacht en meer ruimte om hun eigen gezicht(en) te laten zien – zelfs de oorspronkelijk min of meer als "comic relief" gebrachte "midget" krijgt z'n eigen moment. Oog om oog totdat het te ver gaat. Sommige momenten gingen een beetje over de rand van het geloofwaardige (Dixon die niet vervolgd wordt voor het feit dat hij Welby uit het raam gooit, Mildred die het politiebureau in vlam zet), maar op de een of andere manier komt de film er mee weg. En McDormand is zeker niet alleen maar aardig, zoals ik (ook weer op voorhand) dacht – fijne monoloog tegen die priester, en wat ze bij de tandarts doet moet ik ook maar eens onthouden. (Wel hilarisch dat ze daarna ontkent dat ze bij hem in de stoel heeft gezeten terwijl haar mond nog uitzakt van de verdoving!)

Three Faces of Eve, The (1957)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Ach ja, het is 1957, sowieso al dapper dat Hollywood (of althans een Amerikaanse filmmaker) zich in die tijd aan een serieuze studie van een psychische stoornis waagde. Dus ik let maar niet op de voice-over, en ook niet op de uitleggerige toon (waarbij ik af en toe moest denken aan het einde van Psycho). Eerder vond ik het jammer dat David Wayne zo'n simpele ziel moest spelen, en echt storend vond ik het overacteren van Woodward bij haar uitbeelding van Eve Black (maar misschien was haar portret van zo'n "floozie" toentertijd wel de norm). Haar derde personage daarentegen was ontroerend, en op het einde was ik toch wel meegesleept zowel door haar vertolking als door de film als geheel (om nog maar te zwijgen van de klassieke schoonheid van haar gezicht). Mooie rol ook van Lee J. Cobb; die speelde in hetzelfde jaar een behoorlijk opgefokt personage in 12 angry men, dus hij zal blij zijn geweest dat hij hier een wat rustiger iemand mocht spelen om zo te proberen het typecasten te voorkomen.
        Was dit de eerste keer dat een acteur of actrice een Oscar won voor het spelen van een personage met een mentale of fysieke beperking? Patty Duke in The miracle worker, Cliff Robertson in Charly, Dustin Hoffman in Rain man, Daniel Day-Lewis in My left foot, Eddie Redmayne in The theory of everything...

Thunderball (1965)

Alternative title: Ian Fleming's Thunderball

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Een drukke James Bond, met van alles wat, veel actie, veel verschillende lokaties, veel prachtige en ruim bemeten dames en iets te veel onderwaterscènes (waardoor Sean Connery veel topless rond moet lopen, ook geen lelijk gezicht). Niet de beste 007 vanwege een matige schurk (Philip Locke als Vargas is wel een mooie creepy rechterhand, maar krijgt te weinig te doen) en een plot dat niet de hele (lange) film door boeit, maar goed vol te houden, en Connery is hier op z'n best.

        Niet iedereen hier is even enthousiast over deze Bondfilm, getuige ook de vrij matige gemiddelde score (op het moment van schrijven 3,21). Maar wat zegt dat? Grappig weetje: een paar jaar geleden was Skyfall zó'n hit dat hij op een gegeven moment op de zevende plaats van de lijst van meest succesvolle films aller tijden stond. Inmiddels is hij daarop echter "afgezakt" naar de vijftiende plaats van die lijst, want niet alleen zijn er sindsdien een aantal nóg succesvollere films verschenen, maar ook zijn de prijzen van de bioscoopkaartjes blijven stijgen, en daar hebben al die nieuwere films van geprofiteerd om hoger in de lijst te komen. Als je daarentegen kijkt naar diezelfde lijst voor de Amerikaanse bioscopen maar dan "adjusted for ticket price inflation", dan staat Thunderball daarin op nummer 30 als de meest succesvolle James Bond-film ooit, met Goldfinger op 44 een goede tweede, en Skyfall nog nèt bij de eerste 200 op plaats 198. Natuurlijk stammen Goldfinger en Thunderball nog uit de tijd waarin films soms nog een tweede of derde maal in roulatie gingen (zoals ikzelf beide films in het begin van de jaren 70 nog in de bioscoop in re-runs heb kunnen zien), maar het geeft wel aan dat al die drukte om het commerciële succes van Skyfall nog eigenlijk niets is vergeleken met de enorme klappers die de vroegste James Bonds moeten zijn geweest.

        O, en Thunderball van Tom Jones is in mijn oren zowel qua compositie als qua (briljante) zang als qua sfeer absoluut het beste titelnummer van welke Bondfilm dan ook.

Thundering Herd, The (1933)

Alternative title: Buffalo Stampede

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Simpele ouderwetse western die begint met spectaculaire stunts op, vóór, naast en achter een galopperende paard-en-wagen, en die eindigt met het liefdespaar te paard dat voor de stormloop van de titel uit rijdt. Tussendoor probeert Randy Judy uit de klauwen van Noah Beery te redden, terwijl Harry Carey toekijkt en de Indianen ook nog een duit in het zakje doen. Kortom, something for everybody in een film die z'n leeftijd niet méé heeft maar voor de liefhebber toch genoeg vermaak biedt.

        Naar het schijnt is dit een remake van de zwijgende western Thundering herd met Seth Holt uit 1925, en omdat sommige shots uit die voorloper vanwege budgettaire redenen in déze film moesten worden geïncorporeerd, kreeg Randolph Scott een smal boevensnorretje zodat hij wat meer op Holt zou lijken; helaas lijkt hij nu ook op Brian Donlevy, dus de stoere en charismatische Scott zoals we hem later zouden leren kennen is hier nog niet echt aanwezig.

Till Human Voices Wake Us (2002)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Mooie en mooi gefotografeerde film met uitstekende hoofdrollen en een ontroerend thema dat wat mij betreft helaas niet voldoende stof oplevert om een film van anderhalf uur te vullen. De bedoelingen zijn oprecht en de kwaliteit is duidelijk, dus een onvoldoende verdient dit zeker niet, maar gedurende een te hoog percentage van de speelduur zat ik niet naar het beeldscherm maar naar mijn horloge te turen, nooit een goed teken.

        Bizar: in zijn recensie vertelt Roger Ebert dat deze film in Australië geheel chronologisch is gemonteerd, zodat de kijker gedurende de eerste dertig minuten aanneemt dat de hele film om de jonge Sam en Silvy draait (totdat natuurlijk de laatste sterft en Guy Pearce als de volwassen Sam ten tonele verschijnt), maar in de versie voor de rest van de wereld zijn de plotlijnen van verleden en heden door elkaar heen gemonteerd (zodat de kijker al veel eerder doorheeft hoe de vork in de steel zit, want aangezien de jonge Sam de volwassen Sam wordt moet volgens Eberts "Principle of the Unassigned Character" de mysterieuze vrouw op de trein dus wel...).

Till the Clouds Roll By (1946)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

Historisch gezien allemaal nogal apocrief, maar vanwege de sterren, de liedjes en de Hollywood-expertise toch de moeite waard. De jongere kijkertjes onder ons zullen misschien alleen een extreem jeugdige Frank Sinatra (met hemelhoog haar), Judy Garland (hier net zwanger van Liza) en Angela Lansbury (38 jaar voordat ze met Murder, she wrote begon) nog herkennen, maar wie iets ouder is ziet een stoet aan beroemde musicalsterren voorbijtrekken. Hoogtepunt vond ik zelf Lena Horne met Can't help lovin' dat man, ook nog eens direct gevolgd door het briljante Ol' man river in de versie van Caleb Peterson. Had ik al gezegd dat hier ook wel wat aardige liedjes in voorkomen? (O ja, de DVD-versie met twee films op één DVD waarvan J.Bell in het eerste bericht rept blijkt nog steeds te vinden.)

 

Time Traveler's Wife, The (2009)

Precies zeven jaar na de vorige kijkbeurt ben ik hier toch wat minder enthousiast over: de twee hoofdrolspelers zijn bijzonder mooi en hun chemie is bijna tastbaar, maar de opzet zit me toch niet lekker. Ik blijf de hele tijd het gevoel houden dat Henry's bizarre afwijking eigenlijk alleen maar in het leven is geroepen opdat de filmmakers op gezette tijd een stok tussen de romantische wielen konden gooien, als het ware "om de daad nog wat uit te kunnen stellen". Met psychologie of realisme heeft dat dus niets te maken, met de kunstmatige manipulatie van een marionettenspeler des te meer, en als toeschouwer voel me ik eigenlijk gewoon bekocht.

        Mevrouw Thornhill vraagt zich altijd af waarom zwangere buiken er in films altijd zo nep uitzien ("waarom kunnen ze dat nou niet goed krijgen?"), maar daar heb ik normaliter geen last van. Die ballon van Rachel McAdams in de badkuip doet echter zelfs míj fronsen: wat een kromme rug moet Clare wel niet maken om zo'n eiland boven water te laten uitsteken...

Timescape (1992)

Alternative title: Grand Tour: Disaster in Time

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

"There is a purpose to time, you know. Keeps everything from happening all at once." Low-budget misschien, maar ik vond de ramp, de geruïneerde hoofdstraat en de dubbele Ben er toch echt niet slecht uitzien, misschien niet zo hi-fi als tegenwoordig maar absoluut niet storend. Leuk en goed uitgewerkt plot, uitstekende hoofdrol, aardig spel van de gasten, tot het einde geboeid gekeken, en als zodanig een stuk leuker dan vele veel modernere films met veel hogere budgetten. Grappig gebruik van Für Elise, en het dochtertje bleek ik nog te kennen als de pogoënde Mindy in het eerste deel van Tremors.

Tinker, Tailor, Soldier, Spy (1979)

Roger Thornhill

  • 6011 messages
  • 2445 votes

De BBC-dubbel-DVD (copyright 2003) die ik kortgeleden heb gekocht bevat een Engelse ondertiteling voor de "hard of hearing", maar via de audioknop op mijn afstandsbediening kwam ik erachter dat er op de eerste DVD ook nog een tweede ondertitelingsspoor staat, en als je dat spoor kiest worden de paar Tsjechische dialogen uit de eerste aflevering vertaald – maar dan weer niet de Engelse teksten, vreemd genoeg. Verder bevat deze versie ook nog een aardige documentaire van 57 minuten uit 2000 over de ontwikkeling van Le Carré's schrijverschap en het belang van Tinker tailor sailor spy daarin. Pas wel op voor de Amerikaanse versie van deze uitgave, want daarin is de serie van zeven tot zes afleveringen ingekrompen.
        Ik heb deze serie indertijd gemist, maar heb hem nu alsnog gekeken vanwege de fantastische verfilming van Tomas Alfredson, en ook hiervan heb ik genoten. Er zullen ongetwijfeld diverse verschillen tussen beide versies zijn, maar wat mij persoonlijk opviel was dat in de versie uit 2011 de sterke band die Bill Haydon (Colin Firth) en Jim Prideaux (Mark Strong) hebben duidelijk wordt gemaakt doordat je ze samen ziet op het personeelsfeestje èn op een jeugdfoto waarop ze met de armen om elkaars schouders geslagen staan, terwijl er in de versie van 1979 wel verteld wordt dat het zulke goede vrienden zijn maar je ze (gespeeld door respectievelijk de absoluut briljante Ian Richardson en Ian Bannen) nooit samen ziet tót die fatale laatste scène. Het gevolg is dat je als kijker hun band in de moderne versie veel meer voelt, waardoor Haydons verraad aanzienlijk meer impact heeft.