Opinions
Here you can see which messages JJ_D as a personal opinion or review.
Blade Runner 2049 (2017)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Wat betekent het om mens te zijn? Het betekent: vrij zijn. Maar, tjah… Vrijheid, wat is dat? Dat is, of beter, dat zou kunnen zijn: de mogelijkheid om jezelf door te geven. Het vermogen om niet te worden gemaakt, maar om geboren te worden.
Juist, dat is waar mens en machine zich onderscheiden. Althans, denkt men. Tot agent K. een vreemde zaak krijgt voorgeschoteld. Hij komt terecht in een kluwen van belangen, waarbij hij zichzelf gevangen weet in een driehoeksverhouding tussen de industrie (zich voortplantende droids als rendabel businessmodel), de mensheid (als droids zich kunnen voortplanten zijn ze niet langer afhankelijk en dus gevaarlijk) en de droids zelf (het geboortekanaal als ontsnappingsroute uit de slavernij). Dat grotere verhaal (de droid als soort) is voor K. echter slechts het decor van een existentiële crisis. Wie ben ik? Wat ben ik? Ben ik? En…wat heb ik eigenlijk – welke relaties, welk verleden, welke morele plicht…wat kan ik me überhaupt toe-eigenen?
Aangekleed als een futuristische thriller, is ‘Blade Runner 2049’ in essentie een psychologisch portret van mensen op zoek naar betekenis in een wereld die daarvan verstoken is. Met weinig woorden zet Denis Villeneuve karakters als K (eens te meer hoed af voor Ryan Gosling), Joi (u zegt schoonheid, ik zeg Ana de Armas), Niander Wallace (Jared Leto in zijn meest huiveringwekkende rol ooit?) en Rick Deckard (een Harrison Ford waar het torment van af druipt) doorwrocht en diep menselijk neer.
Net als in ‘Arrival’ doet het sciencefiction-element trouwens zeer origineel aan, gevoed door een hallucinante soundtrack van Benjamin Wallfisch en Hans Zimmer, die de muziek bijna weten te verzelfstandigen tot een ongrijpbaar personage. Het post-apocalyptisch beeld van de planeet geeft Villeneuve overigens vorm vanuit actuele ecologische symptomatologie. Wie de bergen afval, de continue stortregens en de nimmer optrekkende grijze smog ziet, kan niet anders dan daar een cinematografische hint naar de klimaatbeweging in zien.
‘Blade Runner 2049’ is tegelijk verleden (een revival van een klassieker en Harrison Ford als fossiel uit het paleolithicum van de cinema), heden (de grote vraagstukken van ons tijdsgewricht zoals ongelijkheid, identiteit en ecologie) en toekomst (de implicaties van artificiële intelligentie). Het is alweer –een handelsmerk van Villeneuve? – een virtuoze symbiose van stijlen, met de mens zelf als zwaartepunt.
3,5*
Blonde (2022)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Als cinematografisch essay kan ‘Blonde’ in theorie niet mislukken: welk spagaat scheidt Norma Jeane Mortenson van Marilyn Monroe? Hoe staat de mens tegenover zijn eigen mythologisering? Welke prijs betaalt het individu om iemand te worden in de ogen van het collectief? En is het divaschap überhaupt hanteerbaar, of wordt het door anderen gestuurd?
In zijn op de roman van Joyce Carol Oates gebaseerde film ‘Blonde’, suggereert Andrew Dominik dat Marilyn Monroe onvrijwillig tot sekssymbool uitgroeit. Hij legt het accent wel heel nadrukkelijk op een afwezige vadercomplex en psychiatrische genen aan moederszijde. Het getroebleerde, nimmer gewenste kind zoekt het macroklimaat van de schijnwerpers op, als surrogaat voor liefde die ze binnen de microkosmos van haar gezin nooit mocht ervaren. Dat smaakt behoorlijk voorgekauwd, al zit er vermoedelijk een kern van waarheid in.
Problematisch is niet alleen de nogal simplistische psychologisering van Monroe’s karakter, maar ook het gegeven dat Oates en Dominik de in nevelen gehulde biografie van het icoon wel erg vrij interpreteren. Van het binnenrijven van een eerste rol door zich te laten misbruiken tot het pijpen van de president: wie de feiten naleest, komt tot de constatering dat dergelijke aannames eerder speculatief dan waarschijnlijk zijn. Dat soort liberale omgang met het verleden is binnen de kunsten weliswaar gepermitteerd, maar wordt de toeschouwer dan niet beter attent gemaakt op het door en door gefictionaliseerde karakter van de vertelling?
Men zou kunnen zeggen dat de beeldtaal, waarin monochrome zwart-wittinten het leven van Monroe afscheiden van de reële persoon Norma Jeane, in de richting wijst van sfeer en fantasie boven een prozaïsche doctrine van de waarheid. Dominiks verteltrant is zeker intrigerend, en ze houdt het ongrijpbaar-legendarische rondom Monroe’s leven en werk deels in stand. Aangrijpend zijn de klemtonen op haar kinderwens en haar herhaaldelijke zelfdestructie ten aanzien van haar carrière, die haar nota bene almaar eenzamer maakt… Des te spijtiger echter dat ook de gegevens rond haar abortussen vermoedelijk (op zijn minst deels) verzonnen zijn.
Wat blijft er dan over van dit portret, dat uitgaat van een zeer zwakke identiteit op basis van een bijzonder zwaar infantiel trauma met een verslaafde en gestoorde moeder en een vader die nimmer kwam opdagen? Dat de mythe zich zo radicaal mogelijk moest en zou onttrekken aan dit drieste milieu is evident, en dat Monroe daarbij – net als haar moeder – uiteindelijk slechts een speelbal blijkt van zoiets goedkoop en inwisselbaar als mannelijke lust, is hoogst tragisch.
Het slotakkoord, waarin Ana de Armas’ frêle gestalte eindelijk een onwereldse rust vindt, is van een machtige en tegelijk ingetogen schoonheid. Dergelijke momenten laten zien dat hier een groot regisseur aan het werk is, zij het dat ‘Blonde’ zich verslikt in de onnodig aangedikte biografische verzinsels.
Blue Jasmine (2013)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Af en toe – héél af en toe – wordt het publiek via een vertolking herinnerd aan het vernuft dat nodig is om een rol met verve neer te zetten. Dankzij Cate Blanchett behoort ‘Blue Jasmine’ tot die categorie, uitgevonden voor een zeldzame film hier en daar.
De toon is deze keer opvallend destructief, of beter: de gelaagdheid is frappant. Waar tragikomedie bij Woody Allen de laatste jaren dikwijls het omgekeerde betekende – komitragiek, ofzoiets – is ‘Blue Jasmine’ de uitzondering. Zijn dissectie van een wereldje waarin niets telt behalve schone schijn, uiterlijk vertoon en groot geld, is treffend. Net zozeer is de psychologie van het centrale personage uitstekend uitgewerkt. Toch draagt ook deze creatie Allens typische signatuur – algehele vrolijkheid die een zegen is, toch in een tijd waarin cinema over ernstige thema’s niet zelden in miezerige ernst blijft steken.
Kortom, erg over te spreken. Heb luidop gelachen, ben verontwaardigd geweest, kon me plaatsvervangend schamen en voelde uiteindelijk een diep mededogen. Juist ja, dat is best veel emotie voor een recente Woody Allen!
3,5*
Boccaccio '70 (1962)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
‘Boccaccio ‘70’ is de visie van de “Grote Vier” van de Italiaanse cinema op vrouwen en erotiek. Hoewel ik nooit van Monicelli of De Sica had gehoord, ben ik zeker geneigd om bovenstaande benaming uit ‘De Telegraaf’ van destijds voor lief te nemen. Stuk voor stuk tonen de cineasten zich meester van hun medium, en ondanks het wisselende succes waarmee dat verloopt, hebben alle kortfilms iets intrigerends. Er broeit altijd wel wat onder het oppervlak…om nog maar te zwijgen van de zwoele vrouwenlichamen die hier verheerlijkt worden. U hoort het, elke man die wat potentie in zijn broek hangen heeft kan niet anders dan smullen… 
Vreemd is dat de NRC Handelsblad-uitgave van ‘Boccaccio ‘70’ opent met de film die de selectie geruime tijd niet heeft gehaald. Het gaat om de geestige bijdrage van Monicelli, die typische huwelijksbesognes met de nodige flair ontzettend charmant vastlegt. Veel staat er na het kijken van dit filmpje niet meer voor de geest (behalve misschien de ongelofelijk aanstekelijke jazz-soundtrack), en het tempo had beter gekund; maar al bij al is ‘Renzo e Luciana’ zeker amusant.
(2,75*)
Dan is het de beurt aan Fellini, die van de gelegenheid gebruik maakt om zijn collega’s grandioos te overklassen. In zijn absurde aanklacht tegen de zedendictatuur die eigen was aan zijn tijd kan het allemaal: van een brullende regisseur (kwestie van zichzelf te relativeren), tot een stel dansende negers of een oerkatholieke moraalridder die stiekem het haar van zijn secretaris streelt. Het zit hem hier – tussen de groteske situatie-humor door – vooral in de fijnzinnige details. Ook ‘Le Tentazioni del Dottor Antoni’ sleept echter veel te lang aan, en langzaam ebt de vaart weg uit wat een meesterlijke kortfilm had kunnen worden. Spijtig.
(3,25*)
En toen was er Visconti, in een vreemd verhaal met een stel ontwrichte karakters die zich tergend langzaam door het lot laten overmeesteren. Het uitgangspunt biedt veel kansen, het vrouwelijke karakter (een onweerstaanbare Schneider) staat perfect op punt en haar wispelturigheid heeft iets hypnotiserend, maar Visconti vergaloppeert zich door het ritme wel erg laag te leggen. Ondanks enkele komische “running gags” of fijne details voor opmerkelijke ogen (de man in het verhaal leest bijvoorbeeld ‘Der Leopard’, ongeveer simultaan met deze productie door Visconti verfilmd), wordt het filmpje saai en is de aandacht tegen het einde totaal verslapt.
(2,25*)
Het is de voor mij evenzeer onbekende De Sica die een slot mag breien aan ‘Boccaccio ‘70’. Hij vertelt over de collectieve euforie van een dorpje waar eens in het jaar een prostituee opduikt. Na het nogal zwaarmoedig ingestelde verhaal van Visconti is het luchtige karakter van ‘La Riffa’ meer dan welkom, maar De Sica heeft wat mij betreft gewoon te weinig te vertellen. Een vleugje liefde met een stevige scheut humor, dat is wat we in 3 kwartier krijgen voorgeschoteld. Een hongerig cinefiel wil echter meer voer, zeker na 3 thematisch verwante kortfilms die een stuk meer vlees aan hun botten hebben hangen.
(2,5*)
De teneur die overheerst bij alle kortfilms is er trouwens één van “lange speelduur, weinig plot”. Dat gegeven wreekt zich op elk van de 4 stukken, al blijven ze afzonderlijk overeind dankzij hun fijngevoelige karakter. ‘Boccaccio ‘70’ is vooral een geestige bundeling erotisch getinte kortfilms, meer dan een belangrijk stuk filmgeschiedenis. Op zijn tijd dus best genietbaar… 
3*
Bohemian Rhapsody (2018)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Weinig bio en – goddank! – weinig pik in deze biopic.
Niet geslaagd, dus?
Welnu, het is maar wat je verwacht.
Het hele verhaal van Queen krijgt de toeschouwer niet voorgeschoteld, net zomin als een diepgaand inzicht in de psychologie van de frontman. En toch spreekt ‘Bohemian Rhapsody’ een beetje tot de verbeelding, omdat – voorbij de klassieke machtsverhoudingen, het traditionele geworstel met roem, de typerende afgunst, en euhm, zo zijn er wel nog een paar clichés te verzinnen – het de muziek zelf is die op de eerste plaats komt. Zeg nu zelf: wat een palmares!
Dus, kort en goed: gefaald als biopic, geslaagd als visuele soundtrack.
Zoiets?
Een voorzichtige 3*
Boiling Point (2021)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Waar ligt het omslagpunt tussen koken en overkoken? Philip Barantini regisseert een zenuwslopend anderhalf uur, waarin naderend onheil almaar sterker voelbaar wordt, tot het zich van binnenuit manifesteert: een mokerslag, hoewel die zich in het lang en het breed aandient.
Het idee van een restaurant als kruispunt van talloze verhalen en verledens is zonder meer fascinerend. Barantini haalt er allicht niet alle potentieel uit, maar verdienstelijk is dat hij een polyfonie presenteert die verteerbaar blijft, met tentakels naar alle geledingen van de samenleving. In essentie is ‘Boiling point’ een portret van hoe mensen met elkaar omgaan: van spelenderwijs flirtend tot nodeloos hard, zonder voorspelbaar leidmotief. De willekeur heerst, of liever: de vooroordelen. Want wie zwart is, of een atypisch accent: zonder meer een easy victim.
Er sluimert maatschappijkritiek doorheen dit meeslepend verfilmde debacle: is het immers niet vooral het moordende ritme waarop ineens alles moet gebeuren dat mensen ten gronde richt – het restaurant kortom als metafoor voor de Grote Wereld Daarbuiten...?
Hoewel het langgerekte shot van een bijzondere cinematografische beheersing getuigt - Barantini moet niet onderdoen voor het even beruchte 'Russian Ark' of 'Victoria', blijft de psychologie evenwel haperen in algemeenheden en stereotiepen rond de horecasector. Het is de keerzijde van de prijzenswaardige "veelheid": op anderhalf uur ontstaat niet al te veel diepte.
Met andere woorden verre van onaardig als concept en als artistiek visitekaartje, maar eigenlijk pas waarlijk intens aan het slot – wanneer Barantini de puzzelstukjes netjes bij elkaar legt.
3*
Born to Be Blue (2015)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Wie was Chet Baker? Was hij de drugsverslaafde vrouwenzot die biografen postuum van hem hebben gemaakt? Was hij integendeel de gevoelige ziel die zich in zijn nummers openbaart? Of heeft zijn hele leven zich tussen de uitersten van zijn verslavingen en zijn breekbaarheid afgespeeld, als een tragisch gevecht tussen ontwenning en tederheid – een strijd die nooit door de zachtaardigheid kan gewonnen worden?
De zanger-trompettist zal het ons zelf in ieder geval niet meer vertellen. Toen hij in mei 1988 uit het raam van een Amsterdams hotel tuimelde, brak de stoep zijn val. Volgens sommigen stierf die avond een levende legende, volgens anderen was Chet sinds de jaren ’60 al een stille dood gestorven. ‘Born to be blue’ werpt als biopic een licht op hoe de muzikant na zijn eerste successen met zijn tanende glorie omging, en hoe hij er alles aan deed om een comeback te kunnen maken.
De aftiteling leest dat Baker in de jaren ‘70 een tweede adem vond en nadien nog enkele van zijn meest waardevolle muziek inblikte. Die uitspraak is vatbaar voor discussie, want het zwaartepunt van Bakers carrière ligt onmiskenbaar in de jaren ’50, toen hij mee aan de wieg stond van wat als West Coat Jazz de geschiedenis is ingegaan. Hoe dan ook is dat de meest interessante periode van Bakers leven. Zijn stilistische ontwikkeling, zijn razendsnel toenemende populariteit, zijn samenwerkingen met heel wat tot de verbeelding sprekende namen, zijn wat geïsoleerde positie binnen het jazzlandschap van die tijd en uiteindelijk de tol die hij moest betalen voor zijn roem: het is ongetwijfeld voer voor een geweldige verfilming.
Regisseur Robert Budreau ziet dat anders. Hij zoomt in op de periode waarin de man het verval van zich af probeert te schudden en zijn tanende glorie tracht op te poetsen. Dat is een wat veiliger keuze, maar op ruim anderhalf uur mag er gerust meer uit de doeken gedaan worden. ‘Born to be blue’ zapt van locatie naar locatie, flirt met wat flashbacks, licht een tipje van de sluier van Bakers psychologie, zonder de mythe echt te ontleden. Een gemiste kans, te meer omdat de film de muzikaliteit mist, het improvisatietalent waarvan Bakers leven het exempel bij uitstek was.
Dat ‘Born to be blue’ niet helemaal werkt, ligt niet aan Ethan Hawke. Die zet immers een ongeduldige, ik-gerichte, verbeten en tegelijk fragiele Chet Baker neer. Hawke zingt ook ongewoon kwetsbaar. Carmen Ejogo is verder van een hartroerende schoonheid, een fysiek die zich verderzet naar de geest van haar rol. Qua soundtrack is de film overigens best geslaagd, hoewel er meer van Bakers eigen interpretaties hadden mogen opduiken, kwestie van de authentieke toets nog te vergroten.
Voor de volledige recensie: klik.
Bovary (2021)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Eerst was er: Gustave Flaubert – een boek.
Toen: Michael De Cock en Carme Portacell – een theaterversie.
Uiteindelijk, door toedoen van covid: Jaco Van Dormael – een film van een toneelstuk van een boek, een adaptatie van een adaptatie die niet kon en mocht opgevoerd worden.
In dat geadapteer verliest Van Dormael alleszins de essentie niet uit het oog. Hij beperkt zich al helemaal niet tot de vierde wand van de scène, wel integendeel: met zijn cinematografie tracht hij de personages beter en completer te laten zien, voor zover ze al niet uitgekleed zijn dankzij de uitstekende persoonsregie van De Cock en Portacell, die op hun beurt Flauberts talige dissectie tot op het naakte bot erg nauwgezet gelezen hebben.
Terug naar Van Dormael, die niet zozeer laat zien wat op het toneel te zien zou zijn geweest, maar via zijn medium juist een eigen visie opdringt, met name: de afstand tussen de personages. Het is alsof Emma en Charles elkaar niet of nauwelijks aanschouwen, althans niet echt. Ze spelen rollen voor elkaar – hij die voor haar boven zichzelf uit tracht te stijgen (en gedoemd is tot falen), zij die een onmogelijke maskerade probeert vol te houden (en al even gedoemd is tot een minstens even noodlottig falen). Hoe zij elkaar nodig hebben en tegelijk naast elkaar bestaan – hij haar antipode van het verlangen, zij zijn illustere illusie van stimulerende echtgenote – openbaart Van Dormael pijnlijk. Soms indirect, soms frontaal, soms als door een waas, soms…
Geschoten in amper vijf dagen is het geen legendarische cinema, maar wel een lovenswaardige transpositie, overigens ongemeen indringend vertolkt door de immer briljante Koen De Sutter en een invoelbare Maaike Neuville.
Wie vergeten was hoe afgrondelijk de menselijke drift, het bandeloos de passie, hoe blind de verliefdheid: ziedaar, ‘Bovary’.
3,5*
Boy Who Harnessed the Wind, The (2019)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Een sterk verhaal, een dat gemaakt lijkt om ooit verfilmd te worden. En dan blijkt Netflix in het gat gesprongen te zijn, op de meest stereotiep denkbare wijze: 'The Boy Who Harnessed the Wind' doet fantasieloos aan qua cameravoering, qua ritme, qua acteerstijl…om nog maar te zwijgen van de tenenkrommende mengelmoes van talen en de fors aangezette dramatiek. Auwtsch.
Edoch verdienstelijk: Ejiofors aandacht voor de mystiek van het landschap (de cyclische structuur met de natuurgeesten die leven zowel als dood markeren), de subtiele laag van verschillende culturen die in Afrika schijnbaar broederlijk naast elkaar kunnen leven, de cascade van globalisering naar ontbossing en daardoor eigenlijk het hypothekeren van de eigen landbouw, en ten slotte het generatieconflict waarbinnen een vader zich moet laten vernederen door het excelleren van zijn zoon (hoe pijnlijk dat is, maar evengoed hoe noodzakelijk…) – om maar enkele zaken op te sommen.
Niettemin, in zijn totaliteit: matig.
2,5*
PS: Zag ik net dat de affiche de finale van de film prijs geeft? Spoiler alert!
Boyhood (2014)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Tjah. Wat zeg je dan? “Het zal wel weer aan mij liggen”? Ik weet in ieder geval niet waar het dozijn critici dat deze film in onze media loopt te verheerlijken, het over heeft. Want laten we een kat vooral een kat noemen: dit is een verijdelde soap. De plot is veel te contextgebonden Amerikaans. Voelen wij ons echt thuis in dit geharrewar over college en highschool en hockey-spelende binken? Zeg het gerust luidop: nee. Alle filosofie vond ik daarenboven voorgekauwd, gaande van de Irak-kritiek tot de Facebook-kritiek. Diepgang? Namaak.
Wat wel? Wel relatief vlot verteld: alleen in het laatste half uur overdreven en zelfs wansmakelijk sentimenteel en wat langdradig. Maar een meesterlijke film? Hmm. Daarvoor werd er wat te sloom geacteerd en werd er te weinig aandacht besteed aan de cinematografie. Zoals ik al zei: ik kijk geen soaps. En zelfs in de cinema werkt een soap niet. Zelfs als daar 12 jaar aan wordt gewerkt. Want laat ons eerlijk zijn: cinema is fictie waar je als toeschouwer vrijblijvend in meestapt. Dat het 12 jaar lang dezelfde acteurs zijn, doet er toch niet toe? Een ander gezicht, hetzelfde personage, als toeschouwer aanvaard je die premisse toch ook als een ander gezicht plots hetzelfde personage vertolkt? Ja toch? Ja, ik had liever betere acteurs gezien dan deze, zeker weten.
Ok, ik herpak me. Want nee hoor, slecht is ‘Boyhood’ ook niet. Linklater grabbelt in de ton met filmische clichés en evidenties en boetseert daar een portret mee dat er een is van heel gemiddelde levens. Levens vol tegenslag, pech, edoch, af en toe een sprankel geluk. Hoe banaal! En tegelijk: hoezeer weggelopen uit de filmische werkelijkheid zoals ons die al decennia wordt voorgespiegeld! Met andere woorden: als toeschouwer kan je dat allemaal wel met de glimlach bezien. Al moet ik herhalen: echt interessant wordt de film zelden of nooit.
Dus? Niet bijzonder. Niet onaangenaam. Een ok-film. En wat mij betreft kortom zwaar over het paard getild. Wie iets universeel over de jeugd wil zien, huur ‘The Tree of Life’. Of - voor wie liever met de voeten op de grond blijft - ‘The Perks of Being a Wallflower’. Grappig, dynamisch, meer herkenbaar en vooral aandoenlijk…het zijn kwaliteiten die ‘Boyhood’ volgens mij veel minder heeft.
3*
Brat (1997)
Alternative title: Brother
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Naar verluidt een monument uit de Russiche cinema. Nou. Als antropologisch experiment is de film misschien enigszins te genieten, want Balabanov portretteert zijn land met veel aandacht voor enkele typisch Russische archetypen: een kijvende moederfiguur, een vrouw die zich aan haar eigen ondergang (een slechte man) vastklampt, een algehele gelatenheid voor wat de noodlottigheid van het leven betreft, een ingebakken achterdocht jegens de staat, altijd en overal alcohol, een publieke ruimte in verval, een gemeenschapsmoraal in staat van ontbindingen, et cetera.
Toch is het moeilijk om vanuit de doctrine van de Westerse cinema naar een film als deze te kijken. De brakke cameravoering, de warrige interpersoonlijke verhoudingen, de ondoorzichtige psychologische typeringen, de houterige symboliek, het starre narratief, ... : ‘Brat’ bekijken, is zich realiseren hoe weinig compatibel de Russische en de Westerse blik zijn. Anderzijds: hoe verklaar je dat we vandaag zonder veel problemen Dostojevski en Tolstoj lezen, Tsjechov en Gorki op de planken brengen, Tarkovsky en Zvyagintsev naar waarde kunnen schatten? Pleit dat dan toch niet eerder voor een deficit bij de maker? Ik vrees van wel.
Absoluut niet van genoten dus. Wel integendeel – verveeld en verlangd naar het einde.
2*
Bridge of Spies (2015)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Getver. Spielberg kan het nog. Om echter met het negatieve te beginnen: de Amerikanismen zijn verschrikkelijk, de huis-tuin-keuken-heroïek om koude rillingen van te krijgen. Hoe kan een verder verstandige, in moreel opzicht intrigerende film zich aan zo’n banaliteiten schuldig maken? Waar zat het stijlbesef van de heren Joel en Ethan Coen…of hebben zij aan de patriottistische dimensie van de film geen schuld?
Verder echter vol suspense gefilmd, schitterend opgebouwd, met enkele prachtige leidmotieven (zoals het verzekeringspraatje en het “standing man”) en leuke vondsten (de camera die vanuit een soortgelijk beeld plots verspringt, de bijna ondragelijk intense openingssequens, etc). Hanks fronst zichzelf naar een regelrechte glansrol, de soundtrack kleurt naar het einde toe te sentimenteel maar is verder vlekkeloos, het camerawerk overstijgt louter vakmanschap en de vragen zijn pertinent.
Wat maakt een land superieur aan een ander (vermeend moreel inferieur) als de principes die er het fundament van vormen zomaar aan de laars gelapt kunnen worden? En op het niveau van de persoon: waar houdt James Donovan op de grondwet te dienen, en hoe verhoudt hij zich de hele tijd tot zijn land, zijn bedrijf, zijn gezin en zijn eigen ego? De balans tussen deze vier elementen ligt voortdurend anders in de weegschaal – ook dat maakt ‘Bridge of Spies’ tot een voor mij bijzonder prikkelende film.
Dus? Ondanks de (zoals gezegd) flagrante flaters, toch bij momenten aangrijpend en bloedstollend. Genoten? Al bij al: o ja.
3,5*
Brutalist, The (2024)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Een vreemde, een verschoppeling: als joods immigrant in het zogenaamde beloofde land Amerika, moet architect László Tóth vaststellen dat hij en zijn volk worden uitgespuwd. ‘The Brutalist’ laat een intrigerend licht schijnen op de Europese exodus van het joodse volk, in afwachting van de stichting van Israël. Was het echt zo dat ze nergens aan de bak konden en als derderangsburgers werden behandeld, of is dat vooral een mentaal construct, dat de man zelf induceert door zich – getraumatiseerd door de oorlogsjaren – nauwelijks te weer te durven stellen aan de krachten die op hem ingrijpen? Ten prooi aan opium en verlustigd op andere vrouwen dan zijn echtgenote: het zijn manieren om te proberen vergeten wat hem is aangedaan. Kan hij echter nog vertrouwen, kan hij zich ooit nog thuis voelen als het niet tussen diegenen is die hetzelfde hebben meegemaakt? Is het verwonderlijk dat zijn werk de herinnering herbergt aan zijn periode in Buchenwald – het artistieke oeuvre als therapeutisch getransformeerd trauma? Een betonnen cel, ja, een betonnen cel, zij het één waar licht schijnt, en dus hoop is – het idee is alvast prachtig!
Een vreemde, een verschoppeling: als kunstenaar die tot geen enkel compromis bereid is, komt Tóth onherroepelijk op ramkoers te liggen met een arrogante autochtone elite, die de wetten van sociaal fatsoen aan haar laars lapt en zelf haar regels oplegt aan de wereld. Alles is voor deze lui gepermitteerd, zelfs een kunstenaar inhuren om in de hoedanigheid van mecenas iets uniek neer te zetten, zij het zonder respect voor de creatieve, emotionele en zelfs fysieke integriteit van de kunstenaar. Via Tóths verkrachting lijkt Brady Corbet dit element nodeloos uit te vergroten, maar in abstracte termen is de fysieke penetratie een logische voortzetting van de kolonisatie die Van Buren al van meet af aan heeft ingesteld – hij eigent zich de architect volledig toe, en treedt diens rechten moedwillig met de voeten, om de krachtsverhoudingen nog maar eens scherp te stellen. Noem het einde grotesk, maar evengoed is het evident – Corbet drijft zijn film met behoorlijk wat aplomb naar een dramatisch hoogtepunt, dat hij gelukkig min of meer onopgehelderd laat, kwestie van toch nog de suggestie te laten spreken. Net als de soundtrack van Daniel Blumberg weet de regie met andere woorden maat te houden, terwijl de werking ervan bijzonder hypnotiserend is. De al ettelijke keren geroemde, licht hyperkinetische cameravoering, waarbij ‘The Brutalist’ de personages erg dicht op de huid komt te zitten, zit daar zeker voor iets tussen, net als VistaVision, dat de film een buitengewoon en authentiek aandoend kleurenpalet verleent.
Een vreemde, een verschoppeling: als druggebruiker. Hoe anders gaat Tóths vrouw om met haar verleden, dat ook haar fysiek blijft achtervolgen – niet in de hoedanigheid van een verslaving, maar van de osteoporose die haar ervan weerhoudt om te stappen. Bij de gratie van haar ziekte belichaamt zij het vreemde en verschopte, en net dat vergroot de afstand tussen László en Erzsébet. Hij kan haar niet meer graag zien, omdat zij met haar fysieke verschijning getuigenis aflegt van wat ze heeft meegemaakt – terwijl Tóth er alles aan doet om een dergelijk slachtofferschap met zijn daden tegen te spreken. Hij weigert afhankelijk te zijn, hij weigert er verschopt uit te zien, hij weigert te bedelen – en dat terwijl zijn werk paradoxaal genoeg ook teruggrijpt op het verleden waar hij zo obsessief van probeerde weg te lopen. Dat Zsófia na haar terugkeer naar Israël blijkbaar terug leert spreken, en dat ook Erzsébet finaal de oversteek wil maken naar het ware joodse beloofde land omdat ze in ‘the land of the free’ nooit werkelijk vrij zal kunnen zijn, ligt in lijn met het wedervaren van Tóth zelf: ondanks zijn genie, is hij veroordeeld tot een positie als schoothond. Vraag is dan: zet Corbet hiermee een reëel probleem van uitgezwermde joden op de kaart? Of moeten we deze casuïstiek vooral vanuit de psyche van deze specifieke familie bekijken?
Markant detail is overigens dat Corbet zijn protagonist allicht niet toevallig vernoemde naar de László Tóth die Michelangelo’s ‘Pietà’ te lijf ging in 1973. Brutalisme van een ander kaliber, medunkt! Het is een detail dat bijdraagt aan het geheimzinnige rookgordijn dat ‘The Brutalist’ met enkele excentrieke keuzes rondom zichzelf optrekt. Ongetwijfeld een uur te lang, maar precies door zijn speelduur ook weer onweerstaanbaar en ontroerend. En in deze tijden van extreme sociale verharding aan de andere kant van de Atlantische Oceaan, een broodnodige denkoefening: hoe stelt een samenleving die beweert inclusief te zijn zich op tegen andersoortige elementen? Hopelijk hebben Trump en zijn trawanten een kopie ontvangen…
3,5*
Brysomme Mannen, Den (2006)
Alternative title: The Bothersome Man
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Best wel een geinig filmpje, dit 'No(r)way of Life'. Vooral het kleurenpalet van Jens Lien is adembenemend mooi: voortdurend obscuur en dreigend, tot een kille steriliteit de kijker tot het absolute nulpunt brengt. Helaas ontspoort de film (verhaaltechnisch) in het 2e deel: het is mij niet duidelijk waarom Lien de intieme verteltrant vaarwel zegt en kiest voor een grauw scenario dat plots veel ongeloofwaardiger overkomt.
Toch zit de film in zijn geheel best lekker: de fijne humor, de sfeervolle muziek (misschien is Ginge Anvik wel een naam om te onthouden) en de zorgvuldige regie houden de kijker voortdurend geboeid. En met het pompeuze, doch toepasselijke 'Solveig's Lied' (uit Grieg's 'Peer Gynt') kunnen we de zaal een tikkeltje ontroerd, maar vooral tevreden, verlaten. 
3*
Buffalo '66 (1998)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
(Vreemd. Tijdens het kijken van het fascinerende ‘Buffalo ‘66’ werd ik om de haverklap overvallen met een doordringend déjà-vu-gevoel. Heb ik deze film als kind op tv voorbij zien komen? Of heeft één of andere gast (Tom Barman misschien?) deze film meegebracht naar de studio van Zomergasten, een paar jaar geleden, waar ik als jongeling getuige van moet geweest zijn?
Nu, het doet er niet toe, feit is dat ik op een bepaalde manier reeds vertrouwd leek met de gebeurtenissen in de film, nog voor ze plaatsgrepen. Desondanks leverde ‘Buffalo ‘66’ geen vertrouwde kijkervaring op, maar eerder een soort wrange bevreemding. Is dit tragisch bedoeld? Of toch vooral komisch?)
Vincent Gallo, die overigens een ijzersterke acteerprestatie neerzet, balanceert voortdurend op het zijden draadje tussen lach en traan. Hij speelt een uit de kluiten gewassen klootzak, die eigenlijk de belichaming is van een zielige nobody...voor zover deze tegenovergestelde zich al laten combineren. Dezelfde ambivalentie treffen we aan bij het personage van Ricci: ergens schemert in haar een onpersoonlijk en licht debiel figuur door, maar anderzijds ziet zij door Billy heen en ontdekt ze zijn “ware aard”.
Moeten we ‘Buffalo ‘66’ nu meteen gaan ontleden, als een Bijbelse parabel, of als een post-moderne aanklacht jegens het onvermogen tot ware communicatie...? Bij een film als deze, die vooral bij elkaar wordt gehouden door personages, en niet door handelingen, geloof ik daar niet echt in. Gallo laat zijn film doelbewust dobberen op een onrustig oppervlak (waardoor de film vaak gewoon wat lijkt aan te modderen – het grootste minpunt overigens); zowel kijker als personages zijn zich ervan bewust dat het alle kanten op kan met hen. Dieptepunt is de inzinking van Billy: “I don’t want to live this life”, murmelt een gebroken karakter voor zich uit. En wij...?
Wij kijken. Wij zien, en denken er het onze van. Of juist niet, we denken dat we eigenlijk vooral niet weten wat we zouden moeten denken. Stop. Opnieuw.
We kijken, en zien verbeten toe hoe 2 mensen (die sprookjesachtig voor elkaar geschapen zijn) niet nader tot elkaar kunnen komen. Haat staat in de weg. Een verleden. Lichamelijkheid. Een gebrek. Meerdere gebreken.
Hoe laat Gallo zijn film verder verlopen? Kan het, dit samenzijn, deze relatie, of kan het niet? De cineast laat zijn personages zelf beslissen, tegen een decadente en ontwrichte setting.
Nee, het kan niet, iets staat in de weg.
Ja, het kan, niets houdt een mens tegen. Het subject neemt het spreekwoordelijke heft in eigen handen, en kiest...kiest voor het eerst? Net zoals de kijker zijn eigen einde kiest. Alle mogelijke paden liggen open, Gallo is zo hoffelijk meer dan één optie te verbeelden. Hoe of wat, dat gaat voorbij aan de bedoeling van “film”.
Wij kijken. Wij voelen. ‘Buffalo ‘66’ verheft film tot een democratisch medium, binnen een doeltreffend verhaal: een ode aan doorzettingsvermogen en liefde tegen het kader van de inherente tragiek van het leven.
En nog veel meer.
Teveel voor woorden.? Teveel voor één film.?
Bullet Train (2022)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Als cinema absoluut niet meer moet voldoen aan welke reële wetmatigheid dan ook, dan krijg je ‘Bullet train’: een opeenhoping van archetypes die vrolijk op de korrel worden genomen.
Het enige stijlmiddel is de hyperbool: de actie is compleet over-the-top, de dialogen hengelen naar (kunstmatige) hilariteit, de plot wil zich ostentatief als een behendig in elkaar gestoken puzzel presenteren en de acteurs beantwoorden wonderwel aan het stereotiep dat ze met knipogen allerhande proberen overstijgen. Proberen...
‘Deadpool’ is nooit ver weg, al blijft ‘Bullet train’ hangen in haar bedoelingen: snel, luid, nauwelijks origineel en vooral erg vol van zichzelf: het is een aardige zit, maar je houdt er toch wat hoofdpijn aan over.
2,75*
Burn after Reading (2008)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Nagenoeg alles is reeds gezegd over deze fijne Coen-film, en ik sluit me dan ook grotendeels aan bij wat Chainsaw en kappeuter reeds hebben geschreven.
Met heerlijke acteerprestaties van oa. Clooney, Malkovich en Pitt (de voltallige cast speelt eigenlijk voortreffelijk, op Swinton na), een hilarisch in elkaar geflanst scenario en een heerlijke, stemmige soundtrack is ‘Burn After Reading’ zonder twijfel een geslaagde komedie.
Toch duurt het zijn tijd vooraleer de film werkelijk op gang komt, en er zijn zeker betere komedies met minder voor de hand liggende plotwendingen te verzinnen. Vandaar dat ‘Burn After Reading’ te boek staat als een “tussendoortje” van de Coen-broers, maar dat doet natuurlijk niet af aan de intrinsieke kwaliteiten.
Verder wil ik er weinig woorden aan vuil maken. Echt legendarisch zie ik deze film in ieder geval niet worden, daarvoor gaat hij teveel “gewoon z’n gangetje”.
Stiekem had ik er misschien net iets meer van verwacht, vandaar dat ik blijf hangen tussen 3* en 3,5*. We zien een volgende keer wel of er nog een halfje bij kan... 
