Opinions
Here you can see which messages JJ_D as a personal opinion or review.
Tár (2022)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Macht. Macht corrumpeert. Macht corrumpeert de ziel. Macht verzilvert privileges, ook als er helemaal geen privileges toegekend zijn. Macht verhoudt zich niet tot een ander, legt geen verantwoording af, kent geen empathische reflex. Macht woekert, om uit te kunnen deinen. Macht respecteert geen liefde, geen loyaliteit, geen waarheid. Macht geeft om macht, basta.
Macht associëren we doorgaans met het profane, het wereldse schouwtoneel waar economie en politiek thuis zijn. Todd Field situeert zijn portret van ontspoorde machtswellust echter in het centrum van de hoge cultuur – is de dirigent niet bij uitstek het symbool voor verfijning, verbinding met de traditie en dus morele verhevenheid? Niet in de plot die Todd Field verzon rondom de fictieve Lydia Tár, die als chef van de Berliner Philharmoniker en gastdirigent bij toporkesten wereldwijd ineens in opspraak komt. De tragiek schuilt hem uiteraard in haar val, of preciezer: in het feit dat zij zich nauwelijks bewust lijkt van haar wangedrag, dat zich eerst professioneel doch uiteindelijk ook privé manifesteert. Haar ethische reflex heeft ze leren onderdrukken, maar het zijn auditieve demonen die blijven spoken: een schreeuw in het woud, een metronoom midden in de nacht, een duivels interval ergens onbestemd in de ruimte.
Het maniakale, het charismatisch-autoritaire, de eloquentie van de hoogste regionen der intelligentsia: Tár belichaamt het archetype van de dirigent, die als het ware gezag moet afdwingen, die de muziek beter moet begrijpen dan alle musici die ze voor zich heeft, die moet kunnen spreken over de onbenoembare esthetica in muziek… Vraag is dan of het haar metier is die haar van das irdische Leben vervreemden, of was zij van meet af aan verziekt – door ambitie, doch ook door fanatiek geloof in de kracht van muziek, of door het verlangen in Bernsteins voetsporen te kunnen treden…?
Het is diezelfde Bernstein die haar tot inzicht brengt: de schoonheid van muziek zit in het woordeloze gevoel dat het oproept. Hoe lang is het geleden dat Tár zich op die manier tot een partituur heeft kunnen verhouden – vrij van het obligate perfectionisme, los van de druk van pers en publiek, vrij van individueel verlangen om te excelleren? Haar breekpunt is in zekere zin het bekijken en beluisteren van een opname, kortom niet zelf deelgenoot moeten zijn van een esthetische ervaring, maar haar passief kunnen ondergaan. Terug mens kunnen zijn, in plaats van instrument van een hogere orde...
Als film cirkelt ‘Tár’ rondom de aloude vraag of het de omstandigheden zijn die pathologie hebben geïnduceerd, of hooguit gekatalyseerd – interessant, maar nou ook weer niet zo uniek als menigeen liet uitschijnen. Wel onnavolgbaar is hoezeer Field deze film met liefde voor de klassieke muziek en haar geschiedenis injecteerde. Uit alle poriën spreekt kennis en adoratie, en het is als publiek een voorrecht daar deelgenoot van te mogen zijn.
Zich mengen in het debat omtrent de cancelcultuur en #meetoo doet Field mijns inziens louter zijdelings, omdat Blachett duidelijk lijdt aan schuldgevoelens, vandaar ook dat haar relatie op de klippen loopt. Dat het personage uiteindelijk geen andere manier van leven en werken kan vinden, maar integendeel in dezelfde routines vervalt, doet vermoeden dat de toxiciteit dieper zit, geworteld in haar persoonlijkheid. Het orgelpunt is zodoende schrijnend, hoewel het een romantisch ideaal van kunstenaarschap onderschrijft en bijgevolg een sprankel hoop herbergt: nog los van het publiek, is muziek de taal waarin Tár zich zal blijven uitdrukken.
Niet onlogisch overigens dat de film opent met de aftiteling, zodat het publiek van A tot Z blijft zitten – jawel, zoals bij het beluisteren van een symfonie. ‘Tár’ is een visuele sonate met expositie, doorwerking en uiteindelijk re-expositie, waarbij het publiek alleen maar kan hopen dat het oorspronkelijke materiaal door de gebeurtenissen onderweg getransformeerd is. Dat laat Field in het midden, met een overigens iconisch eindbeeld, dat tegelijk tristesse en humor uitademt.
3,5*
Tenet (2020)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Net als je denkt dat Nolan zijn denkbeeldige universa niet nog ingewikkelder kan maken, komt hij met ‘Tenet’ op de proppen. Het is waanzinnig spannende cinema, iets te high tech en misschien te snoeverig qua gesofisticeerde plot om perfect te zijn, maar toch: je krijgt als toeschouwer niet de keuze in het verhaal te duiken, want het slorpt je op, zuigt je naar binnen, verteert je terwijl je aan het kijken bent.
Is het een onwereldse thriller die totaal buiten de werkelijkheid staat? Nou, nee. Want net zoals in ‘Interstellar’ stelt Nolan min of meer expliciet de vraag waar we mee bezig zijn. Als toekomstige generaties hun verleden moeten vernietigen om de menselijke soort in stand te kunnen houden, is de aanklacht tegen ecologische ravage in het hier en nu nogal evident. Toch is dat een cruciale laag om ‘Tenet’ ten volle te appreciëren: Nolan verbindt het escapistische aan het kritische, het bloedstollende aan het noodzakelijke, en – dat spreekt voor zich – het magisch-filosofische aan het meest primitieve.
Nolan kleedt geweld daarenboven niet in als schoonheid, hij fileert het – mede dankzij de bombarie van een verpletterende soundtrack – als leed en lijden. Ook daar raakt ‘Tenet’ aan wat reëel is, wat echt is, wat er toe doet. Kijk, we kunnen beweren dat we ons intellectueel niet willen laten meeslepen door zijn visuele effecten, viscerale impulsen en cerebrale trucs, maar het werkt allemaal donders goed, en voor even implodeert de grond on je voeten. Een regisseur die dat kan, is wat mij betreft een grote meneer. En nee, ik ga me niet schamen dat luidop neer te schrijven!
3,5*
Teströl és Lélekröl (2017)
Alternative title: On Body and Soul
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Twee mensen die elkaar compleet omarmen, met gebrek en al: het is een universele maar helaas in onbruik geraakte definitie van 'graag zien'. Vandaag worden we immers voorgespiegeld dat we moeten ‘houden van’ ondanks de beperkingen van de ander. Verander ‘ondanks’ in ‘dankzij’, en je hebt het soort overgave waar 'On body and soul' van getuigt.
...
De film laat twee mensen zien met een omvattend verlangen naar elkaar – voortdurend en onontkoombaar. Aan de ene kant is er Mária, autistiform en compleet afgesloten van de medemens. Haar tegenhanger is Endre, een kreupele man op leeftijd die niets meer van het leven verwacht en wat laconiek het verstrijken van de dagen aanschouwt. Tot de een de ander ontmoet. En tot ze ’s nachts dezelfde dromen blijken te hebben. Tedere rêverieën zijn het, waarin zich een verstandhouding ontspint die totaal aan taal voorbij gaat. Een perfecte metafoor voor ontluikende liefde dus.
Voor Mária en Endre is het veroveren van de ander geen keuze, wel een queeste. Een opdracht van en voor het leven, voorbij elke ratio – hoe rationeel die ander ook in elkaar lijkt te zitten. Alexandra Borbély (Mária) is de vleesgeworden schuchterheid. Ze is rigied, contactgestoord, ronduit bizar. En meteen een van de mooiste personages die ooit op het witte doek te zien waren. Géza Morcsányi (Endre) is minder excentriek. Hoop, humor, bitterheid en verdriet komen in zijn spel op een erg menselijke manier samen.
De grote revelatie van ‘Teströl és lélekröl’ is evenwel regisseuze Ildikó Enyedi. Inmiddels op pensioengerechtigde leeftijd draait ze al ruim dertig mee in het circuit van haar land, zonder in Europa echt opgemerkt te worden. Nu ‘On body and soul’ een Gouden Beer in de wacht sleepte en Berlijn mocht verlaten met het label ‘beste film’ zal daar ongetwijfeld verandering in komen. Terecht, want Enyedi’s cinematografie weet een universeel menselijk register op natuurlijke wijze in te bedden in zowel een mystiek en abstract kader als in het zeer particuliere leven van de gepresenteerde karakters.
Verliefdheid is: het kruispunt van zielen. Verliefdheid is ook: de kruising van lichamen. 'On body and soul' is een visueel mirakel over een ander mirakel, een dat zich uniek tussen twee mensen afspeelt en zich alleen maar tussen die twee mensen kan afspelen. Amen.
Complete kritiek: klik.
Theory of Everything, The (2014)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Niet meteen wat je verwacht van een biopic. Ik bedoel: geen complete verheerlijking. Geen focus op het werk waardoor het privéleven in de verdringhoek geraakt. Eerder het tegendeel zelfs. Gebaseerd op het boek ‘Travelling to infinity – my life with Stephen’ van de hand van Hawkings voormalige echtgenote Jane, is het natuurlijk logisch dat de man achter de wetenschapper voor het voetlicht komt te staan. En dat ook haar verhaal wordt verteld, haar zoektocht naar geluk, haar poging om hem graag te blijven zien, ondanks zijn koppigheid, zijn ambitie, zijn stilzwijgen over haar noden.
Het levert een wat sentimenteel beeld van Hawkings leven op, maar het laat anderzijds ook toe dat er een compleet beeld van de man wordt geschetst. Zijn humor, zijn doorzettingsvermogen, de hulde die de wereld hem heeft gebracht: het zijn wezenlijke elementen voor wie de resumé van zijn bestaan op wil maken. En zeg nu zelf: blijft iemand ongevoelig voor de weg die deze man, met vallen en opstaan, heeft afgelegd?
Al bij al had ‘The Theory of Everything’ toch een beter evenwicht kunnen vinden tussen Hawkings intellect en zijn besognes op gezinsniveau. Bovendien worden er cinematografisch een aantal vreemde keuzes gemaakt – ik ben geneigd de esthetiek eerder halfbakken te noemen. Verder is dit echter uitstekend vakmanschap, van het ritme van de vertelling tot de soundtrack van Jóhann Jóhannsson en van hoofdrolspeler Eddie Redmayne tot en met de laatste figurant.
Klassiek – maar in de verste verte geen klassieker.
3,25*
There Will Be Blood (2007)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
‘There Will Be Blood’, de nieuwe Paul Thomas Anderson, was reeds vanaf zijn release een “gevreesd” gespreksonderwerp onder cinefielen. Het zou de film zijn van de twee grote kampen, zo liet ik me vertellen, en dat alles rond één centrale vraag: is het karakter van Daniel Day Lewis nu een grote karikatuur of niet? Helaas laat die vraag zich niet ondubbelzinnig beantwoorden: ergens wel, maar eigenlijk vooral ook niet. Tijd om daar eens over na te denken. 
Paul Thomas Anderson is voor mij nog steeds meer een naam dan echt een cineast waarvan ik de kenmerken probleemloos kan onderschrijven. Van ‘Magnolia’ geloof ik dat het een emotioneel en visueel pareltje is, met ‘Punch-Drunk Love’ heb ik een standaard filmpje gezien met enigszins vreemde humor. En ook in ‘There Will Be Blood’ zie ik geen revolutionair figuur achter de camera: het kleurenpalet had indringender en ‘nijpender’ gekund; nu blijft alles nogal droogjes. Dat kan een bewuste keuze geweest zijn: de film draait bijgevolg immers eerder om 'het menselijke', dan om 'de situatie' – wat ons opnieuw bij de centrale vraag brengt.
Laat ons deze dan meteen trachten te beantwoorden. Aanvankelijk is Daniel een geloofwaardig figuur: een succesjager uit het dozijn die duidelijk zijn menselijke trekjes heeft – en daarom dus best realistisch overkomt. Ergens middenin verliest de film echter scherpte: Anderson trekt geen duidelijke lijn in zijn scenario en ‘There Will Be Blood’ blijft steken in zijn potentieel: hij legt alweer de nadruk bij Daniel, in plaats van een sociaal epos te maken. Niets mis mee, natuurlijk, maar hier gaat het helaas fout. In het laatste half uur gaat Daniel Day-Lewis in zijn onverbiddelijke vertolking zelfs voorbij aan de karikatuur, zover zijn we plots verwijderd van het personage dat de we al kenden. “Bastard in a basket!” - en terloops nog even een predikant een kopje kleiner maken - is dat wat Anderson verstaat onder de teloorgang van een karakter? Voor een film die initieel erg uitgebalanceerd overkomt verwacht je absoluut geen groteske finale zoals deze. En met Brahms op de aftiteling gaat het al helemaal de mist in.
‘There Will Be Blood’ verzandt met andere woorden in zijn goede bedoelingen. Driewerf hoera voor Paul Thomas Anderson die zijn score laat verzorgen door niemand minder dan Johnny Greenwood, maar mag het alstublieft ook nog functioneel zijn? Want wees eerlijk: het psychedelische geluid laat zich absoluut niet begeleiden door weinig suggestieve beelden, toch?
Zo af en toe staat een cineast op die weigert conventionele paden te bewandelen; Paul Thomas Anderson vindt bij hen aansluiting. Daar is niets op tegen, maar zo iemand moet verstandig genoeg zijn om geen geijkte paden te bewandelen en een simpele “olie”-film te maken. Conclusie? Interessant figuur, matige film. En zo bevind ik me noch in het ene, noch in het andere kamp. 
2,75*
Three Billboards Outside Ebbing, Missouri (2017)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Haat. En hoe uit haat alleen maar meer haat geboren wordt. Althans, zo lijkt het. Tot woorden, introspectie, spijt, wroeging en wat dies meer een kentering inluiden. Althans, zo lijkt het. Het pad van wraak ligt aan het slot immers nog steeds open, klaar om bewandeld te worden, nota bene door een geworteld verdriet dat zich alleen via woede kan verhouden tot de werkelijkheid.
‘Three Billboards Outside Ebbing, Missouri’ vertelt een sterk verhaal, zij het aan de hand van een doorzichtig scenario met een beetje geforceerde komische accenten en een ongewoon economisch gebruik van personages. Ieder karakter blijkt uiteindelijk wezenlijk voor het verhaal, waardoor het universum van de film een ostentatief geconstrueerd karakter krijgt. Toeval bestaat klaarblijkelijk niet, en elke wending dient expliciet ergens toe. Dat is natuurlijk in de meeste vertellingen het geval, maar bij Martin McDonagh ligt het er wel erg dik op.
Niettemin, het opent de ogen hoezeer de eerst verwenste Willoughby zich postuum ontpopt tot iemand die met onverwachte morele scherpte de weg vooruit wijst. Waar ‘Three Billboards Outside Ebbing, Missouri’ lijkt te vertrekken vanuit de premisse dat goed en kwaad helder te onderscheiden zijn, wordt gaandeweg duidelijk dat het begrippen zijn die in een reusachtige grijze zone komen te overlappen.
Wie is goed? Wie slecht? En aan wie is het om daar überhaupt uitspraken over te doen?
3,25*
To the Wonder (2012)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
(Al een aantal interessante dingen gelezen hier. Moviemeter…wat een fantastisch instrument toch!)
“Love makes us one. Two. One.” Wat? Het verliezen van het ego in de liefde is een illusie; het “one” is geen collectief, maar een individu. Liefde werpt een karakter volledig terug op zichzelf – wat Malick toont, zowel bij de priester als bij het koppel, is een volslagen onvermogen om voor zichzelf die liefde te accepteren. Olga Kurylenko heeft twee vrouwen in zichzelf zitten: een trouwhartige en een die zich aangetrokken voelt tot de aarde, tot haar eigen vrouwelijkheid als het ware. (Ze is een wat overdreven exempel van die naïeve vrouwelijkheid...het dansen is er op den duur wat te veel aan.) Ben Affleck kan een beeld uit zijn verleden niet loslaten, waar een exotisch heden in de vorm van een neurotische Parisienne dwars doorheen loopt. Wat hij met de ene heeft, kan hij onmogelijk met de andere hebben. De parallel met Javier Bardem, op zoek naar God, is duidelijk: het is moeilijk om, van twee partijen, diegene te zijn die het minst liefheeft, die aarzelt, bewijzen zoekt, voortdurend met het negatieve in aanraking komt...de hoop verliest? (En een non ziet worstelen met twee vorken, en op dat moment ook blijk geeft van trekken eigen aan de menselijke soort.)
De remedie tegen deze bestaanspijnen, die voortkomen uit de onmogelijkheid om in het heden te weten welke keuzes (inderdaad, zoals Ik Doe Moeilijk aangeeft, een kernwoord in deze film) de juiste zijn, ligt voor Malick in de door God gecreëerde existentie. “L’amour qui nous aime…” Wat hij met zijn fenomenale cinematografie toont, is een stream of consciousness, maar dan zonder bewustzijn – de continuïteit van de materie, het organisch pulseren van al wat anorganisch en organisch is samen. Water stroomt een riool binnen, de camera wandelt richting een verlichtingspaal, een baby verwondert zich over de staat der dingen, … ‘To the wonder’ neemt de toeschouwer mee naar een wonder, met name het leven zelf – jij, ik en al wat leeft, kabbelt, vliegt, valt, ...
Natuurlijk is het te begrijpen dat de critici het hier moeilijk mee hebben – hoe minder narratief, hoe moeilijker te slikken. In ‘The Tree of Life’ liet het meer concrete verhaal een compactere beeldtaal toe; de montage, de regie en de dialogen waren grotendeels utilitair. Waarom zouden de beelden die samen een film construeren echter allemaal “nuttig” moeten zijn? Kan de schildpad, die Malick zo fantastisch vastlegt, hier immers geen deel zijn van een overkoepelende atmosfeer? Het medium film als museaal kunstproduct, als pure emotie, zoals The One Ring al neerpende? Ik heb van ‘To the wonder’ genoten als idee, als denkoefening: eigenlijk continu inspirerend (niet in het minst door de fantastische muziek, met Wagners ‘Parsifal’ bijvoorbeeld in een erogene context, hetgeen me meteen deed denken aan dokter Zjivago’s woorden dat elke seksuele akte haast als kuis moet beschouwd worden omdat de akte op zich zodanig broos en mooi is – een ongeveer-citaat uit mijn rechter duim), maar wel lastig vanwege het videoclip-gehalte. Je mag niet beginnen staren en stoppen met denken, hoewel de overrompelende beelden daar soms wel toe zouden kunnen aanzetten.
Voor mij geen grandioos meesterwerk, maar een film die een investering van tijd en denkvermogen zeker waard is. De menselijk aard en de complexiteit van intermenselijke verhoudingen zijn niet van die orde dat ze in een gemiddeld scenario te vatten zijn. Malick laat de psychologie als iets ongrijpbaar hangen, en toont alleen hoe mensen omgaan met hun onzekerheid, hun verdriet, hun vreugde, … Er zit volgens mij geen boodschap tussen de regels verstopt: het is – om een vaak verguisd woord te gebruiken – een “meditatie” op de condition humaine, op het karma (help?) dat mensen voor- of achteruit stuwt in het leven.
Genoeg zo? Dan hou ik er mee op. Of toch nog dit, als suggestie voor wie nog (her)kijken moet: volgens mij moet je ‘To the wonder’ in groep zien, indien mogelijk af en toe op pauze zetten en bediscussiëren wat er precies gaande is, of elkaar wijzen op de esthetische wonderen waar de film van overloopt. Kwestie van er nog meer uit te halen dan je er in je eentje kunt uithalen.
Toni Erdmann (2016)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Vader en dochter: het zijn vreemden voor elkaar geworden. Hij bedient zich van een gitzwarte humor waar zowel vrienden als kennissen als wildvreemden de wenkbrauwen bij fronsen. Zij vergeet ondertussen wat leven is, verdrinkend in een tomeloze ambitie die ze probeert te ontwikkelen binnen een wereld waarin mannen de plak zwaaien en vrouwen vooral van ja moeten knikken en de benen moeten spreiden. Treurig, treurig. Treurig het lot van de vader, treurig het lot van de dochter. En bovenal: treurig de werkelijkheid die mensen zo kan vervreemden van wat er echt toe doet.
De vader voelt dat. Dus doet de vader iets. Iets impulsief. Op z’n vaders: zonder te weten hoe of waarheen of waarom, maar met de beste intenties. Hij herinnert zijn dochter aan wat zij beiden gemeen hebben. Met name: verbeelding, een fascinatie voor het absurde, elkaar. Via de ironie, de persiflage, de pastiche doorprikt hij de luchtbel die de wereld van haar dochter is. Wat maakt het binnen de neo-liberale bedrijvencultus uit wie of wat er achter de schone schijn schuil gaat? Is niet iedereen daar blind voor, in een systeem dat vooral oog heeft voor status, cijfers en de macht van het kapitaal?
Hij doet het. Hij zet alles op het spel om haar boze geesten te komen verdrijven. In haar moment van diepe crisis is hij het mythische wezen in wiens armen ze troost vindt. Vader en dochter, hersteld tot de eenheid van vroeger. Zij vermomt zich in zijn kunstgebit. Ze is niet anders dan hem, weet ze nu. Ook al gaat haar leven schijnbaar ongewijzigd verder – op een ander continent, want van die plek die ooit ‘thuis’ heette, is ze definitief ontheemd. Ze is dezelfde, ze is veranderd. Er is hoop - hoop in het duister van haar uitgebluste ik.
‘Toni Erdmann’ – tegelijk droevig en hilarisch, hilarisch en droevig. Een wel erg bijzondere film, die de toeschouwer uiteindelijk op een dwaalspoor brengt, terwijl Maren Ade toch een min of meer helder punt lijkt te maken. Je moet het maar kunnen.
3,25* (- zonder afbreuk te willen doen, maar euhm...'ie is iets te lang, niet?)
Top Gun: Maverick (2022)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Voor wie vergeten zou zijn hoe kitsch er precies uit ziet: zo dus.
Nee, de hele ‘Top Gun’-hype is me vreemd, net als het gedoe rond jongens, hun speelgoed, hun fascinatie voor motoren en snelheid, hun jongensachtige gesnoef met vliegtuigen en al de reutemeteut daarrond. De hele plot, kortom.
Want wat blijft er eigenlijk over als je dat allemaal af pelt? Belegen romantiek, dialogen gespeend van inhoud, hooguit wat hersenloos vermaak. Aardig zolang het duurt, maar het zeemzoete slot maakt alleszins manifest dat deze ‘Top Gun: Maverick’ eigenlijk geen enkele finesse ademt.
2,25*
Topo, El (1970)
Alternative title: The Mole
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
(Ik sluit me grotendeels aan bij wat The One Ring reeds over deze film heeft gezegd, maar kan me in de meeste pro's en contra's terug vinden.)
Vooraleer de film te kijken besloot ik het boekje dat bij de pakketservice-dvd zit even door te nemen. Daarin wordt meerdere keren benadrukt hoe belangrijk de religieuze metaforen zijn om 'El Topo' naar waarde te kunnen schatten, maar eerlijk gezegd vermoed ik dat er niet zoveel onder het oppervlak schuil gaat als wordt beweerd. Jodorowsky naait gewoon enkele absurde tableaus aan elkaar, en doet dat met de nodige visuele flair. Het is geleden van 'The Assassination of Jesse James by the Coward Robert Ford' dat ik me zo liet overdonderen door desolate woestijn-lanschappen en dolende personages - laat staan dat instortende gebouwen ooit eerder zoveel impact hadden.
'El Topo' wordt wegens het ontbreken van raakvlakken met de werkelijkheid nooit bijzonder meeslepend, maar de surreële setting houdt de kijker bij de les. Toch hadden bepaalde fouten vermeden moeten worden: zo is de abrupte overgang van het western-deel naar het sociaal betrokken verhaal bijzonder irrelevant. Ook is deze plot een dankbaar gegeven om uitgewerkt te worden, en echt iets te vertellen, in plaats van aan te nemen dat het publiek vrede zal nemen met wat halfslachtige en in nevelen gehulde informatie.
'El Topo' is interessante cinema, die verhaaltechnisch helaas kant noch wal raakt. Net als bij het Belgische 'Avida' heeft Jodorowsky in de eerste plaats een goede scenarist nodig, en niet meteen meer geld. Dan pas mogen zijn films om een plaatsje in de annalen van de filmgeschiedenis beginnen te strijden. 
2,75*
Tortue Rouge, La (2016)
Alternative title: The Red Turtle
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Zonder overdrijven – een van de meest positieve films die ik ooit gezien heb. Nochtans is ‘La tortue rouge’ bijna integraal opgetrokken uit verlieservaringen. Het onvrijwillig stranden op een onbewoond eiland, door mystieke krachten gedwarsboomd worden bij elke ontsnappingspoging, ineens een noodlottig-verwoestende tsnuami meemaken en tenslotte het vertrek van een dierbare te verteren krijgen – je zou voor minder het hoofd laten hangen. Toch is dat niet wat De Mens – want inderdaad, die is de protagonist in deze film – doet.
De Mens doet namelijk gewoon voort. Willens nillens. En wat blijkt? De natuur – die helende, heilzame en humoristische kracht die we (godzijdank!) nooit zullen begrijpen! – voorziet in alles. En God, die zich deze keer als een schildpad heeft vermomd, tekent nog altijd ondoorgrondelijke wegen voor ons uit. Wie daarop vertrouwt, wie berouw en respect toont voor wat ons als mensheid overstijgt – de onschuld van een weerloos dier, om maar iets te zeggen – zal ontvangen. Incasseren. In de klinkende munt van broos geluk.
De plot van ‘The Red Turtle’ is zo eenvoudig dat de toeschouwer die wel metaforisch moet gaan lezen. Wie dat probeert te doen (en onder andere religieuze en ecologische motieven ziet opduiken), merkt dat Michael Dudok de Wit met weinig veel weet op te roepen. Bovenal zet hij echter de krijtlijnen uit van een leven dat ook het onze is – weliswaar in een parabel gegoten, maar daarom niet minder transponeerbaar naar ons eigen bestaan.
En zie: ook in de stijl zet het geloof in goedheid zich verder! De prettig-gestoorde fratsen van Studio Ghibli zijn weer eens alomtegenwoordig, net als fantastisch-epische muziek die een wereld evoceert ver voorbij met bamboe overwoekerde eilanden en azuurblauwe kusten. Het is de stem van ons innerlijk die daar ineens transcendent kader schept – enfin, zwelgen. Zwelgen in de cinema.
(Ah, ah ah, wat een avond. Dat de blonde stoot die ik had meegetroond diezelfde avond besliste om toch maar thuis te gaan slapen en liet verstaan liever met iemand anders oud te worden, viel amper als een schaduw over de herinnering aan de film. Wie vertrouwt, zal vroeg of laat ontvangen. Toch, meneer de schildpad? Amen!)
3,5*
Tot Altijd (2012)
Alternative title: Time of My Life
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Ja, het leven is eindig. En toch. In al zijn nietige eindigheid…ook eeuwig? Want de “affiniteiten” die tussen mensen geboren worden, zijn die niet groter dan het bestaan zelf? Nee? Wat? Ja? Ach, wie wéét zoiets? Wie durft openlijk uitkomen voor een dergelijke overtuiging? Wie durft haar in een film stoppen, op het gevaar af voor een doordeweeks sentimentalist versleten te worden? Nic Balthazar, iemand die zoveel meer is dan doordeweeks, en al zeker geen sentimentalist. Op een smaakvolle manier met zo’n gevoelig onderwerp omgaan: ik zie het hem weinigen nadoen. Bovendien is er ook dat heerlijke script, met Jommeke-lollen, maar ook oprecht plezier, plezier dat uit het leven zelf komt - niet uit de boekskes, niet uit films, maar uit de ervaring. Dat Koen De Graeve en Geert Van Rampelberg met zoveel chemie een prachtige vriendschap kunnen neerzetten, het doet bijna zeer. Zoals ook de rest van de film zeer doet. Maar dan echt. Zéér. Omdat herinneringen tot voorbij de einder zijn, tot altijd?
Voor ik in een al te druilerige woordenneerslag verval: kijk naar 'Tot Altijd'. Naar het kader van de euthanasiewetgeving en wat die heeft teweeg gebracht. Op grote (maatschappelijke) schaal. Op kleine (gezins)schaal. Op grote en kleine mensenschaal. Kijk naar dit ontroerend pleidooi voor het leven, via het sterven. Het waardig sterven. Dus ook omgekeerd: naar dit ontroerend pleidooi voor het sterven, via het leven. Naar hoe leven lijden kan zijn, en sterven een oplossing, maar sterven ook lijden veroorzaakt, en leven - in wat voor precaire omstandigheden ook - toch vreugde schenkt. Ach. Ach ach ach.
Beim Schlafengehen? Vergeet het, je zult nog even blijven woelen. Geen erg, als je Brahms’ Deutsches Requiem bij de hand hebt, en een verse kussensloop, voor als die parel zichzelf, nog maar eens, via de speakers voltrokken heeft. Want dat is wat kunst doet. Ze voltrekt zich. En wie het voorrecht geniet daar getuige van te mogen zijn, valt voor even volledig samen met zijn op haar open mond. Die maar niet dichtvallen wil, jawel, uit koppige ontroerde verbazing.
3,75* en ik denk dat ik mijn volgesnotterde zakdoek ga bewaren, als aandenken aan zo'n (onverwachte) emotionele oplawaai
Tout Nouveau Testament, Le (2015)
Alternative title: The Brand New Testament
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Als Jaco Van Dormael de geschiedenis van de mensheid herschrijft, is het al liefde dat de klok slaat. Liefde voor elkaar, dat spreekt, maar ook – en misschien zelfs vooral – voor het zonderlinge in elkaar. Een zegen, toch in deze tijden van eenheidsworst, of van het tegendeel: verplichte excentriciteit. Terwijl het unieke van elk mens juist in de meest onnozele details schuilgaat, of niet soms?
Een apostel die de liefde heeft afgezworen omdat ze zichzelf heeft afgeschreven. Een apostel die moet ontwaken uit een zinledige kantoorbaan en, zijn gevederde vrienden achterna, zichzelf vogelvrij verklaart - helemaal tot in IJsland? Een apostel die haar instinct durft te volgen, en bedankt voor slaapverwekkende luxe en libidododende rijkdom. Een apostel die blijk geeft van gevoel eenmaal de willekeur van haat (een verdwaalde kogel) is doorbroken. Enzovoort.
Vergezocht is het allemaal wel, maar in het surreële universum van Van Dormael is het van oudsher heerlijk toeven. Waar ‘Mr. Nobody’ van begin tot eind poëzie ademde, vervalt ‘Le Tout Nouveau Testament’ helaas af en toe in al te evidente grappen en grollen. Het slapstickelement ligt er wel erg dik op, en de uitvergrote rollen van God en diens wederhelft hadden gerust kleiner gemogen.
Laat ons echter focussen op het positieve: het is een film vol spitsvondigheid, hilariteit, positieve menselijkheid en liefde, ja liefde, liefde! Fantastisch in beeld gebracht, met tal van cinematografisch onvergetelijke momenten. Des te meer te betreuren dat Van Dormael niet dieper gespit heeft, naar een plot met meer om het lijf. In deze gedaante lijkt het verhaal toch vooral een excuus om andere ideeën aaneen te lijmen…of is dit te streng?
3,75*
Tragedy of Othello: The Moor of Venice, The (1951)
Alternative title: Othello
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Cinematografisch en qua soundtrack zijn tijd ver vooruit. Het verstikkende klimaat van toenemende verdachtmakingen en jaloezie die zich een weg naar binnen vreet: Orson Welles legt het vast in een hypnotiserend clair-obscur vol waanzinnig mooie tableaux – pun intended!
Tegelijk is deze ‘Othello’ compleet ingehaald door de tijd. Shakespeare’s verzen lopen niet lekker, en alle archetypes (Iago als belichaming van het kwaad, Desdemona als de gefnuikte onschuld zelve) lijken van bordkarton. Anno 1951 was er misschien weinig anders te verwachten, maar feit is dat de kijkervaring tegenwoordig gecompromitteerd wordt door het achterhaalde idioom.
Kortom, als museaal artefact nog steeds een meesterstuk van een genie (in wording). Als film heden ten dage nauwelijks aan te bevelen. Klinkt dat als een contradictie? Misschien. Hoewel. Home cinema is geen museum, en vice versa.
2,75*
Transsiberian (2008)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Wie, net als ik, verzot is op het razend spannende ‘The Machinist’, en op de affiche van het Gentse filmfestival een naam als Brad Anderson ziet prijken, die aarzelt geen ogenblik om een zitje te reserveren - al gaat de vertoning door pal op de middag, wanneer de doorsnee mens zich bedient van een bescheiden lunch. Gekken zijn wij, filmvrienden, als het aankomt op de groten der hedendaagse cinema! 
‘Transsiberian’ valt, in vergelijking, echter uit als een totale miskleun – ik begon me na een tijdje zelfs af te vragen of ik in de juiste zaal was beland. De psychologische aftakeling uit ‘The Machinist’ vindt hier zijn weerslag in een hol en onwaarschijnlijk verhaal, waarbij de kijker niets kan dan plaatsvervangende schaamte voelen voor iemand die zo’n belachelijk ongenuanceerd verhaal op papier heeft kunnen zetten.
Hitchcockiaans, zo zegt u? Jazeker, maar dan in de negatieve zin van het woord. In het interbellum stelde men niet bepaald hoge eisen aan het genre ‘thriller’, en voor mensen als Hitchcock diende het medium ‘verhaal’ slechts als middel om een fascinatie voor beeld, voor decor te vatten. Dat er in zo’n films slechts een handjevol personages rondliepen, en dat al van mijlenver duidelijk was wie aan de goede en wie aan de slechte kant stond, is (tegen het oorspronkelijke tijdskader) van mineur belang. Anno 2008 komt dergelijk simplisme zelfs niet meer voor in onze stoutste dromen, en toch poneert Anderson een dergelijk scenario met een onvervalste sérieux. Je zou er haast van gaan huilen. 
Met een bad-guy die zo weggelopen lijkt uit één van de vroegste Bond-films (tenenkrommend accent incluis), met een pijnlijk slechte Emily Mortimer in een walgelijk hysterische hoofdrol, met een verhaal dat spanning en complexiteit pretendeert maar niet levert en met een misplaatste filmische bravoure is ‘Transsiberian’ wat mij betreft de miskleun van het jaar. Amen.
1,75*
Trial of the Chicago 7, The (2020)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Ze blijven uit de lucht vallen, deze verhalen die stilaan uit het collectief geheugen verdwijnen, terwijl dat onder geen beding mag gebeuren. De grootste verdienste van ‘The Trial of the Chicago 7’ valt dan ook te herleiden tot het feitenmateriaal, waar Aaron Sorkin een snedige film uit boetseerde met fijn ritme en onderhoudend scenario, al blijken sentiment en gedweep met de heroïek van burgerlijke ongehoorzaamheid uiteindelijk onvermijdelijk.
Juist, er valt deze film veel aan te rekenen, maar gezegd moet is dat je in het verhaal wordt gezogen, dat je als toeschouwer niet te veel bij de hand wordt genomen en dat – anders dan bijvoorbeeld het personage van de rechter – dat van de hoofdaanklager wel enigszins wordt uitgediept…zij het nog steeds oppervlakkig, maar toch.
Hoe dan ook, een film die weliswaar geen Oscar verdient, maar wel degelijk een publiek.
3,25*
Tsotsi (2005)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Naar mijn vermoeden is ‘Tsotsi’ het soort film dat makkelijk indruk maakt op een Oscar-jury: binnen het nogal rauwe beeld van de achterbuurten (de link met de favela’s van ‘Cicade de Deus’ was bij mij snel gelegd) krijgen we immers een verhaal vol jeugdsentiment en spijt, dat zich rechtlijnig ontwikkelt en heel duidelijk een bepaalde kant uit gaat. Normaal gesproken heb ik dan meteen mijn bedenkingen, maar bij ‘Tsotsi’ lijken de bedoelingen werkelijk zuiver op de graad te zijn: regisseur Gavin Hood haalt geen heksentoeren uit, noch om te verbloemen, noch om te provoceren, en de cast staat heel naturel te acteren.
Desondanks is ‘Tsotsi’ geen grootse film: daarvoor heeft de kijker te weinig voeling met het hoofdpersonage (dat nogal irrationeel handelt door eerst het kind te stelen en het vervolgens uit te besteden aan een andere vrouw), en ontwikkelt de plot zich net iets te logisch.
Als we eerlijk zijn moet het echter vermeld dat deze film een opvallend eerlijk is, die (weliswaar kleine) emoties bij de kijker losweekt.
Een bescheiden prent met het hart op de goede plaats, zo staat deze oscarwinnaar voortaan in het geheugen gegrift.
3*
Two Popes, The (2019)
JJ_D
-
- 3815 messages
- 1344 votes
Twee pausen op een kruispunt. Waarheen moet het met een kerk in crisis? Welke kant uit om het katholicisme te behoeden voor een leegloop? De rangen sluiten, muren bouwen, het dogma verdedigen door vast te houden aan wat we al lang weten en al lang kennen en al lang zeggen? Kortom een verhaal van wij tegen zij, van gelovigen versus de rest, of nog: een religie zoals andere religies? Of moet de tacktiek juist verrassend zijn, en tegelijk erg logisch – compleet tegengesteld aan alle christelijke tendensen van de voorbije eeuwen: ruim een miljard gelovigen herenigen door de kerkfabriek te openen voor de wereld, door het instituut te ontsluiten voor de realiteit, in te bedden in de werkelijkheid? Het is de centrale vraag waar kardinaal Bergoglio (de latere Paus Franciscus) en paus Benedictus over bakkeleien.
Deze dualiteit integreert Fernando Meirelles overigens ook vormelijk in zijn film. Denk maar aan de epiloog, waarin de historische ontmoeting tussen Argentinië en Duitsland op het WK van 2014 een hilarische voetnoot vormt. Verder is er het semi-documentaire karakter met zogezegde (en ongetwijfeld ook echte) archiefbeelden – een flirterig balanceren tussen feit en fictie, want Jonathan Pryce en Anthony Hopkins vertolken per slot van rekening zodanig goed dat hun verzonnen dialogen net zo goed voor waarheid zouden kunnen doorgaan. Precies zo benut kunst trouwens zijn unieke vermogen om via het gefingeerde een waarheid aan het licht te brengen: niet de waarheid van woorden, van data, van het falsifieerbare, maar de waarheid van achterliggende motieven. Ratzinger als intellectueel die nooit geleefd heeft, Bergoglio die het leven in al zijn facetten (onvoorspelbaar, onrechtvaardig, bikkelhard) gekend heeft. Kunst zoals kunst moet zijn!
Verder is ‘The Two Popes’ ook een film over de militaire junta in Argentinië, over wat het betekent om te twijfelen aan het geloof, over het pausschap zelf, over de impact van religie wereldwijd, en ga zo maar door. Inderdaad, Meirelles stopt meer in een film dan er in past, en die ervaring is ronduit heerlijk. De verstrengeling van ernst en lichtheid (lees: drama en humor) is bovendien een spiegel voor het leven zelf. Need I say more? Zelden blijkt cinema meer inspirerend...
3,75*
