• 177.896 movies
  • 12.201 shows
  • 33.969 seasons
  • 646.886 actors
  • 9.369.908 votes
Avatar
Profile
 

Opinions

Here you can see which messages Matchostomos as a personal opinion or review.

Taxi (1998)

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

Als actiekomedie is het allesbehalve een sinecure om bij mezelf in positieve aard te vallen, maar zelfs na een derde kijkbeurt doet 'Taxi' het onverhoopte: een consequente en vloeiende melange vormen van vinnige actie en typerende Franse humor. Meer specifiek vertaalt zich dat in een aantrekkelijke urbane hip-hop sfeer, doeltreffend gesteund door de kenmerkende Besson-elegance (of is het alsnog de verdienste van Pirès?), en charmant getypeerde personages (Commissaire Gilbert voorop) met een gezonde dosis tongue-in-cheek humor. De ongemeen lieflijke verschijning van Marion Cotillard maakt het immer amusante plaatje compleet.

3.5*

Taxi 2 (2000)

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

Ongeveer een jaar geleden werd ik onverwacht onderworpen aan de tweede helft van 'Taxi 2', en had zowaar het gevoel getuige te zijn van een licht superieur vervolg. Wanneer ik 'Taxi 2' echter in zijn geheel bekeek, was er van enige superieure kwaliteit geen sprake meer. In handen van Krawczyk ontbeert het geheel, onder invloed van een tergend trage aanloop, de consistentie en vinnigheid van zijn voorganger. Bovendien is de frisse, kenmerkende enscenering ver zoek en worden de personages zelfs naar de normen van het genre overgetypeerd, tot op het vervelende toe. Het is alsof 'Taxi 2' zelden tot nooit in tweede versnelling weet te schakelen.

2*

Taxi 3 (2003)

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

Na 'Taxi 2' neemt Krawczyk nu ook 'Taxi 3' voor zijn rekening, en hij heeft kennelijk enige ervaring opgedaan. De derde telg in de reeks mist alsnog de nodige consistentie, maar wint alvast aan vinnigheid in vergelijking met zijn voorganger. Commissaire Gilbert kan daarbij andermaal op de meeste sympathie rekenen, al kapen de wisselwerking tussen Emilien en Daniel en hun bijhorende vaderschap in wording, én een gedubde Stallone ook de nodige aandacht weg. Hetzelfde kan echter niet gezegd worden van de onnodige ski-uitstap, die geheel in tegenspraak is met de kenmerkende urbane sfeerschepping van de reeks.

2*

Tenebre (1982)

Alternative title: Tenebrae

Death imitates art

Geen horror zonder Argento, geen Argento zonder horror.

Na het bijzonder sfeervolle en machtig theatrale 'Suspiria' levert de meester in het vak ons 'Tenebre', een ongezouten jaren '80 horrorprent, waar de grens tussen kitsch en pure kunst uitermate klein is.

Vergis je echter niet, Argento kent zijn vak meer dan behoorlijk en zijn films hebben dan ook allerhande kwaliteiten om boven het gros uit te stijgen.

Fictie wordt werkelijkheid in 'Tenebre', waar een moordmysterie de basis vormt voor een verontrustende kijk op de samenleving, het individu en de invloed van het medium literatuur.

Terwijl alle lezers met het volste plezier gissen naar het verdere verloop van de plot van het boek, en trachten het mysterie te ontrafelen, heeft de schrijver steeds een stap voorsprong. Alsook de regisseur, die de touwtjes altijd in handen heeft en ons op wonderbaarlijke wijze doet uitkijken naar de eerstvolgende moord.

Argento maakt daarbij op effectieve wijze gebruik van het klassieke 'point of view' of belevingsperspectief, volbloed jaren '80 decors en een vrije stijl. Argento zoekt, vindt en verrast; dit is geen goedkope slasherhorror, maar eerder kunstzinnige cinema.

Elke moord wordt duidelijk en onbeschaamd aangekondigd, maar toch creëert men voldoende spanning om je haren telkens de hoogte in te jagen.

Traditiegewijs linkt men ook erotiek aan het gruwelijke, waardoor een borst niet zomaar een borst is.

Sensueele maatschappijhorror, waar bloed meer is dan bloed; het smaakt als geen ander.

dikke 3.5*

Terminator Salvation (2009)

Het dient andermaal gezegd: met de initialen McG wek je argwaan en een acuut gebrek aan ernst op. Wanneer het bescheiden oeuvre van laatstgenoemde dit aanvoelen bevestigt, is de cirkel rond en het vertrouwen in enig kunnen tot een absoluut dieptepunt gezakt. Als bij wonder toont McG in Terminator Salvation op zijn minst al een gevoel voor visuele helderheid, coherentie én richting. Getuige de overzichtelijke montage, het strakke tempo en de post-apocalyptische sfeerschepping.

Desondanks de zichtbare vooruitgang, komt McG niet ongeschonden uit dit project. Het motto 'luider dan luid', of 'style over substance' zo u wil, overschaduwt en ondermijnt elke minieme poging tot filosofische beschouwing, maatschappelijk bewustzijn (lees: sociale onrust) en het creëren van gefundeerde karakters. Bovendien kraait de muzikale score steeds victorie, waardoor de bombast eens te meer aandikt. Ondanks de aantrekkelijke verpakking is Terminator Salvation al bij al dus niet meer dan een kille, identiteitsloze episode in het Terminator-universum.

2.5*

Tetsuo (1989)

Alternative title: Tetsuo: The Iron Man

Tsukamoto's hogesnelheidstrein

Het volgende moge zeker zijn: 'Tetsuo' is hoogst aparte en unieke cinema, cinema waar ik bovendien nog geen kennis mee had gemaakt. En om meteen met de deur in huis te vallen, 'Tetsuo' overtreft elk sceptisch beeld dat ik vooraf had gevormd én doet me verrassend genoeg smaken naar meer. In de eerste plaats denk ik dan aan het overige werk van Tsukamoto, aan Sogo Ishii en aan Fukui. Al zijn meer voorbeelden van dergelijke regisseurs met dergelijke films uiteraard welkom.

Hét sleutelwoord voor 'Tetsuo' is zondermeer 'bevreemding'. Een effect dat bereikt wordt door een extreme uitbuiting van het medium inzake audiovisualiteit. Tsukamoto pleegt daarmee een regelrechte aanval op de zintuigen, met als enig doel de kijker te overdonderen en onder te dompelen in een bijna grenzeloze vervorming van een soort fictieve realiteit, resulterend in dat gevoel van vervreemding.

Ik zou 'Tetsuo' vervolgens kunnen bestempelen als een uitbundige mix tussen body horror (angst voor het eigen lichaam), fetisj cinema (fascinatie voor het vleselijke en mechanische) en cyberpunk, maar dan zou ik aan de intenties van Tsukamoto voorbijgaan en hem onrecht aandoen (lijkt me overigens quasi onmogelijk om deze sneltrein uberhaupt te vullen met waarneembare en volwaardige thema's). Bovendien relateer ik body horror eerder met Cronenberg, die er een meer psychologische uitwerking van dergelijke thema's op nahoudt; en relateer ik fetisj cinema en cyberpunk eerder met respectievelijk Teshigahara en Fukui.

Maar nu helemaal ter zake: 'Tetsuo' is het schoolvoorbeeld van audiovisualiteit, een onuitputtelijke hysterie van beeld en geluid die elkaar bijstaan én aanvullen. Meer specifiek vertaalt zich dat in een ritmisch geconstrueerde montage en een soort elektronische ambientsoundtrack (verbeter me gerust, maar gevoelsmatig kan ik het niet beter omschrijven).

Daartussenin weet Tsukamoto eveneens een geweldige dosis zwarte humor en seksuele ambiguïteit voor de dag te leggen. Achteraf gezien lijkt me dat meer dan welkom, want afwezigheid van beide zou het plezier, andermaal bereikt door de audiovisuele ervaring, toch doen afnemen.

Wat het plezier alsnog wel doet afnemen, is het gebrek aan enige structuur in het verloop van de prent. Waar het eerste driekwart werkelijk inspeelt op het net- en trommelvlies, kan het laatste kwartier dat niveau niet aanhouden. Misschien viel dat te wijten aan het feit dat de metamorfose aan zijn einde kwam, de variatie zo enigszins zoek was en er vanaf dan enkel werd gebogen over gratuit schokmiddelen.

De wonderen zijn de wereld duidelijk nog niet uit, zo bleek alvast uit 'Tetsuo'. Niet alleen geldt dit als mijn eerste stap in deze weinig vertegenwoordigde tak van het filmmedium, maar is dit een tak waarvan ik niet verwacht had dat het bij mezelf in de smaak zou vallen. Al is het maar omdat film voor mij meer is dan een audiovisueel medium. Een prent als 'Sunshine', nochthans bestaande uit een duidelijk narratief en gevoel voor psycholgie, was ook zo'n prent die bovenal indruk wist te maken met het audiovisuele. Dat gezegd zijnde...

Dikke 3.5* ...benieuwd wat een herziening zal geven...

This Boy's Life (1993)

Conventioneel, maar bijwijlen treffend drama, waarin het relaas van een jongen en zijn tiranieke stiefvader knap wordt neergezet door Dicaprio en De Niro. Michael Caton-Jones voldoet met andere woorden aan de verwachtingen, maar bevestigt met 'This Boy's Life' nooit echt te zullen uitstijgen boven de middelmaat.

2.5*

This Is England (2006)

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

Groot Brittannië en het sociaal geëngageerde drama, twee zaken die bijzonder vaak hand in hand gaan, en dat bewijst ook Shane Meadows. 'This Is England' is naast een stevig emotionele mokerslag eveneens een prent die een verrassend genuanceerd en realistisch tijdsbeeld schetst van het Engeland in de jaren '80. Het grauwe, kille Engeland wordt in die periode gedomineerd door werkloosheid en een meer radicaal gevoel van nationalisme. Centraal in dit tijdsbeeld staat Shaun, een 11-jarige jongen die zondermeer zijn mannetje weet te staan, maar het niet duldt wanneer iemand ook maar iets zegt over zijn in de Falklandoorlog gesneuvelde vader. Dit is dan ook het pijnpunt van Shaun en doorheen het verhaal zal dit een belangrijke factor spelen in de manier waarop hij balanceert tussen twee kampen.

De verdienste van Meadows is dat hij zijn prent aanvangt met een zekere tederheid, maar dit onder de oppervlakte steeds laat samengaan met een wrang gevoel. De humor en de bijna melancholische soundtrack doen hun werk, maar wanneer Combo zijn intrede maakt, breekt voor Shaun een nieuwe tijd. Hij ziet in Combo een nieuwe vader, terwijl Combo in Shaun bovenal zichzelf herkent. Vanaf dat moment wordt Shaun onherroepelijk gevangen genomen in een manipulerende spiraal van twijfel en onzekerheid. Het slot van 'This Is England' is daarbij genadeloos in zijn afhandeling en laat geen enkele kijker onbewogen.

Dikke 4*.

Thomas Crown Affair, The (1968)

Bijzonder stijlvolle misdaadprent met een wederom aangename acteerprestatie van enfant terrible Steve Mcqueen. Faye Dunaway verleidt op haar beurt niet alleen Mcqueen, maar bovenal de kijker met haar indrukwekende ogen en dik aangezette wimpers.

Norman Jewison leidt ons daarbij in onverbloemde jaren '60 stijl door dit ironisch en sensueel doordrongen kat-en-muis spel.

Stillistisch daarom niet altijd evenwichtig, maar het in zekere mate effectieve gebruik van splitscreen houdt het tempo er stevig in. In combinatie met een geweldige soundtrack, het iconische 'Windmills of Your Mind' en een inventieve en variërende camera-esthetiek, maakt dat van 'The Thomas Crown Affair' een klasseprent.

dikke 4*

Tideland (2005)

Gilliam overdosed

De eigenzinnige cinéma van Gilliam heeft altijd een behoorlijke visuele inbreng gehad. In 'Tideland' is dat niet anders, maar meer dan ooit lijkt hij ook een mate van realisme te willen bereiken. In naturalistische gevoelens ziet hij echter geen heil, aangezien dat volgens hem niet besteed is aan het filmmedium.

Als een allusie op het gegeven van Alice in Wonderland kan Gilliam zijn surreële omkadering andermaal botvieren, maar in wezen is dit toch een nadrukkelijk vormgegeven sprookje. Meer specifiek, een macaber sprookje over een onschuldig meisje en haar ongebreidelde fantasie waarmee ze tracht te ontsnappen aan het gangbare leven.

Schijn bedriegt echter, want in de weinig coherente en bovenal eentonige (Gilliams cameravoering valt meermaals in herhaling) mix van drama en fantasie weet Gilliam geen enkele blijf met obscene thema's als pedofilie en incest. Extreme thema's, die op allesbehalve subtiele en bijgevolg ook weinig schokkende wijze tot uiting worden gebracht.

'Tideland' is het zoveelste bewijs dat Gilliam geen spek voor mijn bek is. Vaak genoeg kan ik spreken over enige lof voor zijn visuele stijl, maar slechts eenmaal, in diens absolute meesterwerk 'Brazil', kon ik daar een inhoudelijk gelaagd gegeven aan vastpinnen.

1.5*

Timeline (2003)

Suske en Wiske, album 1467

Na een onschuldig begin kan niets meer door de vingers gezien worden en vervalt ook deze prent in een alledaagse en clichématige benadering van het tijdreizen.

Het zou het zoveelste Suske en Wiske album kunnen zijn, maar de tijd dat die bij mezelf in de smaak vielen, is reeds lang vervlogen.

Non-talent van dienst is Paul 'ik vind het nodig altijd all-stars te dragen' Walker, die sinds zijn eerste grote verschijning in 'The Fast and the Furious' er alsmaar meer in slaagt om slechter te gaan acteren. Misschien anderen voorzijn en mezelf 'Running Scared' aanraden, al mag die gerust terzijde worden gelaten.

Voor de rest is 'Timeline' weinig subtiel en vernieuwend gebracht: het beïnvloeden van de verdere toekomst, het tijdreizen zelf en de overgangen tussen heden en verleden.

rommel eerste klasse...0.5*

TMNT (2007)

Alternative title: Teenage Mutant Ninja Turtles

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

'Teenage Mutant Ninja Turtles' mag dan geen hoge toppen scheren wat betreft animatie, daarvoor vindt men te moeilijk een evenwicht tussen cartooneske personages en realistisch ogende achtergronden, maar de manier waarop deze prent ons nostalgisch doet terugdenken aan de serie van weleer is haast ongezien.

Vergeet de bombast, op zowel muzikaal als visueel vlak, en geniet met onschuldige teugjes van de immer charmerende schildpadden op twee poten.

Eervolle Leonardo, intelligente Donatello en rebelse Raphael; allemaal zoals we ze graag zien. Toch is het wederom Michelangelo, met zijn hilarische alter-ego 'Cowabunga Carl', die het meeste respect verdient.

Cowabunga dudes...Heroes in a half shell Turtle power!...en een dikke 2.5*

Tôkyô Nagaremono (1966)

Alternative title: Tokyo Drifter

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

Na een bijzonder geslaagde kennismaking met het martial arts genre (via 'Magnificent Butcher'), onderging ik met 'Tokyo Drifter' een nieuwe introductie tot één van de vele takken van de Aziatische cinéma, meerbepaald het Yakuza genre. En het is niet zozeer de intrige rond de eer en loyaliteit van een doler die in 'Tokyo Drifter' een centrale rol speelt, maar wel de excentrieke esthetisering en extreme stilering.

De noir intro, in contrastrijk zwart-wit, vormt hierbij de ideale opener en zet meteen de toon voor een speelse uitstap in de kleurrijke wereld van Seijun Suzuki. Een wereld die wordt gekenmerkt door de permanent afwisselende toon: van de sobere en melancholische toon van het noir gegeven (efficiënt benadrukt door het themanummer) tot de sensuele, door pop-art geïnspireerde toon van de heersende cultuur.

Het enigszins onevenwichtige karakter (als gevolg van de afwisselende toon) wordt echter ruimschoots gecompenseerd door de kleine accenten en de rijkelijke details, die zich meermaals afspelen op een subtieler niveau. Op die manier wordt het zelden tot nooit een bezwaar en kan de kijker zich volop uitleven in een dynamisch kluwen van uitgekiende staging, fabuleuze decors en ongeziene composities (met een opvallend oog voor diepte, long shots en wide shots). Ook dit smaakt met andere woorden naar meer...

4*

Toy Story 3 (2010)

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

Consequent kwaliteit afleveren. Het is weinigen gegeven, tenzij Pixar. De studio slaagt er op een uitzondering of twee steeds in om het publiek te bekoren met een eenvoudige basis en een inventieve uitwerking. Zo ook met Toy Story 3. Meer nog, de derde en wellicht laatste episode zet zich met volle overtuiging op het hoogste schavot van het eigen Toy Story-universum en behoort zonder twijfel tot het beste wat de animatiestudio al heeft voortgebracht.

De nostalgische formule van Pixar bewijst andermaal zijn succes. De kijker is niet alleen verheugd om de poppen na elf jaren nog eens tot leven te zien komen. Hij is bovenal verblijd door het gegeven 'speelgoed' en welke herinneringen en emoties dat kan oproepen. De rol van 3D speelt daarin een belangrijke rol. De techniek is in Toy Story 3 niet uit op spektakel, wel op functionaliteit. Het is alomtegenwoordig, maar vaak op subtiele en verfijnde wijze. Evenals de rijkelijke grafische details en expressies, waarmee Pixar andermaal een kleine stap voorwaarts zet. Resultaat: de emoties en de belevenis worden meermaals versterkt. In deze gedaante mag de techniek gerust inburgeren in het toekomstige filmaanbod.

Toy Story 3 vormt het ideale slotakkoord. De prent bevat een levendigheid waar vele animatie- en live-actionfilms het nakijken naar hebben. Na twee afleveringen is inventiviteit nog steeds troef: de basisomgeving is eenvoudig, maar wordt te allen tijde ideaal uitgebuit. Pixar zij geprezen.

4*

Tracks (2013)

Hoewel Tracks een licht romantiserende toon wordt aangemeten, streelt de film eveneens het existentialisme. Onze communicatie vertroebelt alsmaar meer, terwijl de notie van het individu verloren gaat. We voelen ons steeds meer alleen, maar het wordt steeds moeilijker ons alleen te kunnen voelen. Eigenheid is een vergane deugd. Ongereptheid en onherbergzaamheid zijn verwikkeld in een permanente strijd. De natuur ontkomt er niet aan, zelfs niet de mystieke erfenis van de Australische outbacks.

Tracks zet bij momenten een voet in het feelgood-genre - om ze vervolgens regelmatig weer onderuit te halen - maar biedt voldoende tegengewicht met Wasikowka’s weerbare verschijning, Stevenson’s kwetsbare en melancholische score én de toch wel compromisloze aanpak van de film. Onder grote broers en zusters als Walkabout, Picnic at Hanging Rock en The Proposition kan Tracks zich echter niet scharen. Daarvoor mist de film een rauwer karakter, meer bevreemding en enige onrust. De zintuigen worden wel aangesproken, maar de tastbaarheid blijft iets of wat achterwege.

3.5*

Training Day (2001)

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

King Kong ain't got shit on me

Fuqua regisseert wel vaker goedbedoelde mislukkingen, maar met deze 'Training Day' heeft de man, afgezien van enkele duidelijke tekortkomingen, een prent van formaat afgeleverd.

Vooral als Fuqua's persoonlijke L.A. variant op de urbane western weet 'Training Day' te boeien. Het geheel straalt een zekere vorm van melancholie en realisme uit, met veel effectiviteit bijgestaan door een geel-groene filtrage.

Bovendien komt Fuqua qua camerawerk verrassend sterk voor de dag: knappe kraanshots, afgewerkte kadrage en een gezond gevoel voor ritme en continuïteit.

Lui als Michael Bay en Tony Scott kunnen hier heel wat van opsteken.

Het verhaal over corruptie en het ontdekken van je grenzen en bovenal jezelf, maakt echter veel minder indruk dan pakweg het immens mistroostende 'Cop Land'.

De prent heeft dat simpelweg te danken aan de korte tijdsspanne waarbinnen het verhaal zich hoeft af te spelen.

Het uitgangspunt moet je aldus overdonderen met een lading intense gebeurtenissen, iets wat de karakteriële meeslependheid niet echt ten goede komt; 'Training Day' is wel vaker een 'net niet'-film.

Denzel Washington pompt met zijn imposante vertolking heel wat adrenaline in het geheel, al is het Hawke die uiteindelijk het meeste gevoel en diepte in zijn rol weet te leggen.

3*

Transformers (2007)

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

Bay laat laatste kans liggen

Sinds Bay met het erbarmelijke 'Bad Boys' voor het eerst van zich liet horen, heb ik de man keer op keer een nieuwe kans gegeven. Een vervroegd pensioen leek alvast in de maak, tot Bay met 'The Island' op de proppen kwam. Voor de eerste maal kon hij beschikken over een degelijk geconstrueerd script, dat waar mogelijk zelfs een poging deed tot het stellen van enkele belangrijke menselijke vragen. Hierdoor verzekerde Bay zich alsnog van enig krediet en werd zijn allerlaatste kans verschoven naar het eerstvolgende project. Wanneer dat project 'Transformers' bleek te zijn, kon de hype alvast volop zijn werk doen.

Hoe dan ook bevestigt 'Transformers' alles waar ik vooraf voor vreesde. Conclusie: krediet op, laatste kans weg en een eerste handtekening voor de petitie die het vervroegde pensioen van de heer Bay in werking moet stellen.

Het belangrijkste wapenfeit waarom ook 'Transformers' rommel pur sang is, is de herkenbare stijl die Bay schaamteloos toepast op elke film in zijn oeuvre.

Lelijke filters die enkel en alleen op het zweet van de acteurs lijken toegespitst, enerverende close-ups waarmee Bay zich een Michael Mann waant, pijnlijke lensflares die geen enkel nut dienen, rommelige montage én wanhopige slow-motion; één voor één elementen die aantonen waarom Bay niet uw ideale actieregisseur is. Als de actie daarbovenop bijzonder onoverzichtelijk en met weinig overweging (Bay moet zijn té willekeurige manier van ensceneren dringend afleren) in beeld wordt gebracht, blijft er niets anders over dan te wenen met de chaos die gaande is op het scherm. Bay gunt de kijker werkelijk geen moment rust...

Toch denkt Bay de perfecte vorm van entertainment te bieden, maar eigenlijk behoort hij simpelweg tot het gros van de regisseurs die geen idee heeft waar cinema om draait en hoe je tot entertainment komt. Dat laatste heeft Bay vooral te danken aan de oneindige dosis ernstigheid waarmee hij zijn projecten aanpakt. Moest hij op meer zelfbewuste manier te werk gaan, stond hij al een aanzienlijke stap verder.

Meer dan zijn andere projecten geldt dit voor 'Transformers', en misschien is dat ook de reden waarom Bay het best met zijn handen van dit gegeven moest afblijven. Het verschil tussen tekenfilms en live-action blijft in dit geval groot en dat bewijzen ook de 'turtles'. Hoewel de originele films met de nodige zelfspot werden behandeld, brengt de recente animatiefilm meer vrijheid met zich mee.

Ten slotte laat de onnodige ernstigheid zich eveneens blijken in de humor, maar bovenal in het gebruik van muziek.

De humor is regelrecht flauw en weinig subtiel, maar getuigt bovenal van weinig zelfspot, aangezien Bay ook hier denkt een begenadigde humorist te zijn.

Niets is echter zo frustrerend als de manier waarop de man gebruik maakt van muziek. Op wederom weinig subtiele wijze wisselt Bay tussen pathetische muziek, harde rock, oeverloze bombast en een bende strijkers. Vaak hoeft dat niet zoveel frustraties op te wekken, maar in 'Transformers' dropt hij ze zonder aankondiging en één voor één in het geheel, waardoor hij de actie nog meer weet te verpesten.

Van ontgoocheling is uiteindelijk nooit sprake geweest, maar zelfs dat beetje entertainment bleef volledig uit.

Het enige waar Bay alsnog trots op moge wezen, is de verbluffende CGI. Hoewel weinig functioneel en overmatig toegepast, valt er voor de rest geen negatief woord tegenover in te brengen.

1* ...en game over Michael Bay...

Tron: Legacy (2010)

Tron en Tron: Legacy zijn twee producten van hun tijd en zodoende inhoudelijk en vooral visueel niet meer vatbaar voor vergelijking. Hoewel het origineel zijn charmes kent, kunnen deze niet opwegen tegen de ondertussen hopeloos verouderde computereffecten. Feit is wel dat Tron: Legacy een frisse en ‘moderne’ visuele update biedt. Weliswaar louter inzake aankleding, want de enscenering van de futuristische verpakking laat meermaals te wensen over. Enige consistentie op dat vlak is niet te bespeuren.

Verhaaltechnisch kan Tron: Legacy ook niet bepaald consistent presteren. Zoals het gros van de blockbusters wordt het zwaartepunt van het verhaal in één scene uit de doeken gedaan, zodat de weg kan vrijgebaand worden voor spektakel van letterlijk en figuurlijk bijbelse proporties. De profetische rode draad raakt immers kan nog wal en gaat het plezier van Tron: Legacy als film en spel uit de weg. Ook het gebrek aan respect voor de fysiche regels van de digitale wereld, ten voodele van het effect, halen de genotswaarde licht naar beneden. Gelukkig geeft Daft Punk met hun muzikale bijdrage het geheel meer dan eens een extra dimensie. Wellicht het hoogtepunt van deze bij momenten licht genietbare prent. Samen met de ravissante verschijning van Olivia Wilde.

2,5*

Twelve Monkeys (1995)

Alternative title: 12 Monkeys

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

Angst voor het onbekende, angst voor het onvermijdelijke en angst voor de dood. ‘Angst’ is een ruim en algemeen geldend begrip dezer dagen, een begrip dat me sinds kindsbeen af, in verschillende gedaantes (lees: genres), weet te bewegen en fascineren. Twelve Monkeys past in dat opzicht eens te meer in mijn filmisch straatje. Ware het niet dat de grootschalige dystopie ruimschoots plaats moet ruimen voor een plot dat vermoeiend voorkauwt en te consistent toewerkt naar het verrassingseffect. Ongewoon nochtans voor de doorgaans wisselvallige Terry Gilliam, die dergelijke zaken maar al te graag aan zijn buitenissige laars zou lappen.

Naar goede gewoonte mengt Gilliam ook in Twelve Monkeys surrealisme met absurdisme. Scheve kadrages, Gilliams handelsmerk bij uitstek, is het onvermijdelijke gevolg, maar andermaal een niet altijd even welgekomen en bovenal repetitief gevolg. Bovendien vervaagt het visuele kader naarmate de centrale intrige zich meer en meer ontrafelt. De panache en vindingrijkheid van diens magnum opus Brazil zijn ver weg en de vraag rest dan ook of Gilliam diezelfde visuele kwaliteiten ooit nog weet op te pikken.

De voornaamste tekortkoming van Twelve Monkeys en Terry Gilliam is echter het verloren gaan van enige verhaaltechnische ambiguïteit. De protagonisten vormen te veel een loutere leidraad voor het plot. Wanneer Kathryn Railly gelooft in de oprechtheid van James Cole, begint hij op zijn beurt te twijfelen aan zijn missie en overtuigingen. Een omgekeerde wereld, die vooral dienst lijkt te doen als onnodige plotwending en zodoende de speelduur aanlengt en extra ruimte vrijmaakt om met kijkers en personages te spelen. Het bewuste spel heeft echter enkel en alleen effect op de personages. Plotelementen en overeenkomsten in beide dimensies worden als zoete broodjes voorgedragen, alsof Gilliam de intelligentie van zijn kijker danig onderschat. Het signaal voor Gilliam om zichzelf misschien wat meer te gaan onderschatten.

2*

Twisted (2004)

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

Ashley Judd en het genre van de 'serial killer', zowat een cliché op zich. En voor 'Twisted' geldt niets anders, aangezien elk mogelijk cliché (inzake personages, verhaal, mise-en-scène) de revue passeert. Alsook het o zo voorspelbare (en toch o zo doordachte...) einde, dat uiteraard wordt voorafgegaan door de nodige geforceerde verdachtmakingen.

Onvoorstelbaar dat dit komt van de regisseur van meesterwerken als 'The Right Stuff' en 'The Unbearable Lightness of Being'...

1*

Twister (1996)

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

Opwindende tornado's...

Wanneer Bill teruggaat om zijn scheidingspapieren te laten ondertekenen, lijkt een wedersamenkomst onvermijdelijk en onafwendbaar.

Een eerste teken van hun liefde voor elkaar wordt daarbij benadrukt door het kindje dat ze samen hebben gebaard, genaamd Dorothy (achteraf blijken het er zelfs meer).

Bij de komst van het verwoestende fallussymbool, of gewoon tornado, is de opwinding en ook de samenkomst compleet. En bij elke tornado wordt bovendien diens kracht en de kracht van de relatie groter.

In een 'uitputtende' climax beleven ze dan ook de vrijpartij van hun leven, exclusief in het oog van de tornado en bijgestaan door de persoonlijke 'vinger van God'.

Heel die 'dubbele' romance dient slechts als leidraad voor een film die het gegeven van 'tornadohunters' op effectieve en vrij opwindende wijze op pellicule zet.

Het is geen 'Speed', maar Jan de Bont bewijst met 'Twister' toch nog dat hij zich enigszins thuisvoelt in het actiegenre.

Als een 'Child in Time' wanen we ons terug klein en genieten we met onschuldige teugje van 'Twister' en zijn nog steeds sterk staande CGI.

2.5*

Two for the Money (2005)

Matchostomos

  • 9 messages
  • 268 votes

Degelijkheid troef en een verdienstelijke poging tot een psychologische oorlog tussen mentor en protégé, maar 'Two for the Money' kan zich op geen enkel moment meten met soortgelijke prenten als 'Wall Street' (de ambigue wereld van yuppies en 'gokken' in het algemeen) of 'American Psycho' (de 'strakke' wereld van yuppies). Daarvoor mist deze prent bovenal scherpte, originaliteit en een uitwerking op grote schaal. Bovendien ontbreekt het 'Two for the Money' naar het einde toe aan focus en wordt wel heel pijnlijk duidelijk hoezeer Caruso op veilig speelt. Ten slotte moet het gezegd dat Pacino andermaal een karikatuur van zichzelf speelt en dat McConaughey's six-pack geeneens in de buurt komt van Bale's twelve-pack, bij wijze van spreken.

2*