Log
This page will keep you informed of recent votes, opinions and reviews of blurp194.
By default you see the activities in the current and previous month. You can also choose one of the following periods:
januari 2025, februari 2025, maart 2025, april 2025, mei 2025, juni 2025, juli 2025, augustus 2025, september 2025, oktober 2025, november 2025, december 2025, januari 2026
De eregast.
Atom Egoyan doet weer eens een tour de force over tobberige familierelaties, en waar dat bij iedere andere regisseur zou verzanden in een ongeloofwaardige brij maakt hij er een meesterwerk van dat overloopt van details, van absurde situaties en van schijnbaar irrelevante zijlijntjes die allemaal bij elkaar blijken te komen in een onafwendbare tragiek die nauwelijks na te vertellen is.
Het ligt voor de hand om veel lof te uiten (tuiten?) over de prestaties David Thewlis en Laysla De Oliveira - en ze spelen ook onnavolgbaar goed, daar is echt geen woord te veel over te zeggen. Toch is het ook daarbij vooral hoe Egoyan ze in hun scenes zet, hoe de opvolging van scene naar scene tot in detail klopt, hoe de ontwikkeling van verhaal en karakter met elkaar in de pas blijven. De door mijn voorganger @Collins aangehaalde verering van Hitchcock zou dan ook met even groot gemak andersom kunnen zijn uitgesproken als Hitchcock nog onder ons geweest was.
Zoals je van Egoyan verwachten zou is het geen film die licht verteerbaar op de maag valt, en de talloze details maken de duiding daarbij tot een oefening in geduld en bezinning. Toch lijkt de sleutelscene duidelijk die te zijn waarin de titel wordt uitgebeeld, en de tenenkrommend genante situatie waarin daarmee Thewlis terecht komt - geniaal in de uitbeelding van zijn onvermogen om normale relaties aan te gaan en zijn rol in socials situaties te vinden. Maar aan de andere kant ook zo in- en in-triest dat het de film tot een bewonderenswaardig, maar ook tot een wat al te naar en moeizaam meesterwerk maakt.
details
Na Free Solo (2018), The Alpinist (2021), The Dawn Wall (2017), misschien zelfs The Devil's Climb (2024), is er nu Girl Climber (2025).
Het plot kleurt wel heel erg braaf binnen de lijntjes - Emily Harrington, ooit de beste klimster van de wereld (nouja, als je alleen aan Amerikanen denkt misschien) wil tegen El Cap op klimmen, en dan ook nog binnen de 24 uur van een dag. Het doet me onstuitbaar op dat de noodzaak om relevant te blijven voor de sponsors (i.c. Red Bull en TNF) daar toch nogal een grote rol in speelt. In dit geval niet beslist op een gevaarlijke manier, want Harrington weet echt wel waar ze mee bezig is en onberedeneerde risico's horen daar niet bij - behalve dat valletje dan vanzelf. Eerzucht is best prima, maar het mag van mij wel wat vrijblijvender, het roept toch wat vergelijking op met de voor mij nogal nare film Cerro Torre: A Snowball's Chance in Hell (2013).
De usual suspects komen even langs om een woordje te zeggen, van Cedar Wright tot Lina Colina. Zelfs de foto van Jim Bridwell en zijn makkers komt weer langs. Ok, Alex Honnold komt wel even leuk uit de hoek, maar dat is dan ook wel zo'n beetje alles, en de rest van zijn aanwezigheid versterkt de wrange smaak van beinvloeding nog eens wat extra. En net als in Cerro Torre blijft er een ding open staan, en dat is dat het maar niet duidelijk wil worden waarom Harrington dit nou zo graag wil; als vierde vrouw binnen een dag klinkt toch niet als het meest aansprekende of logische levensdoel ooit. En of ze er eigenlijk wel een beetje lol in heeft, al is het dan maar achteraf. Erger, met alle andere gedoe wat er bijgesleept wordt lijkt de film al gauw nauwelijks meer om Harrington te gaan.
Van de Glassbergjes had ik dat alles toch echt wel beter en inventiever verwacht, en ook dat er net iets meer uit komt dan de gewone brood-en-boter beelden van een klimmertje op El Cap. Ze kunnen zo veel beter dan dit, dit, dit vooral gemakzuchtige Red Bull filmpje. Wellicht is het ook wel een teken dat ze onder een zelfde soort druk staan om relevant te blijven als de klimmers.
Het grote publiek zal er wel iets anders in zien dan ik, maar voor mij is deze film een enorme teleurstelling. Na maandenlange hype op de socials valt het gewoon enorm tegen, zowel inhoudelijk en narratief als qua beelden en filmbeleving. Vooral misschien omdat het zoveel meer had kunnen zijn maar zo laf geworden is, niks nieuws brengt, zelfs nauwelijks iets van het klimmen of over klimmende vrouwen laat zien.
details
I have no enemies / Only places where I find you now
De film opent sterk - heel sterk, met het fraaie liedje van 22 Brides, No Enemies (1389 plays op Spotify as I type). Zou dat ook zo gekomen zijn als de film kort na het liedje niet zo enorm ingekakt was? Of waren ze dan misschien wél alle 22 doorgebroken?
Aan de hoofdrollen ligt het niet, Tim Roth zet een erg sterke rol neer en Deborah Kara Unger is mysterieus en bloedmooi als altijd. Jammer dat de rest van de cast wel nogal wat steken laat vallen, vooral Russo vond ik niet sterk. Maar als het verhaal niet zo slap geweest was was dat misschien nauwelijks opgevallen. En dan ook het zouteloze einde nog. Met het tweede liedje, wat eigenlijk net iets te hard probeert maar daarmee even mis zit als No Enemies raakt. De korte samenvatting van de film, eigenlijk.
details
Professor Depp.
Het begin is erg leuk, vanaf de helft overheerst het drama te veel. Ja, dat hoort misschien bij het onderwerp, maar dat maakt het niet minder drenzerig. Het is dat het hondje het schattig houdt, en dat Depp en het karakter dat hij speelt niet van plan zijn gentle into that good night te verdwijnen. Een van de heel zeldzame films die wél hoofdstuktiteltjes heeft, maar niet ten onder gaat aan de aspiraties die daar vrijwel altijd bij horen. Een van de erg weinige films waarin de soundtrack niet overheerst maar aanvult. En ook een van die zeldzame films waar de acteurs wel spelen maar niet overheersen - en zeker bij een notoir overacteur als Depp is dat best bijzonder.
DeWitt wordt hier vaak genoemd en is inderdaad prima als wederhelft, tegenwicht. Toch vond ik Huston eigenlijk mooiere scenes hebben, en wellicht Deutch ook. Het zijn vooral ook dat soort details, die scenes waar zij in langskomen wat de film tot iets speciaals maakt. Dat en het toch ietwat maniakale lachen van Depp bij die scene op de plee.
details
Een film over beren, altijd goed. Nouja, behalve misschien als er zo'n enorm stereotype en cliche filmberenverhaal van gemaakt wordt. Er is nogal een verschil tussen filmberen en echte beren; echte beren gaan niet op hun achterpoten staan brullen als ze boos zijn bijvoorbeeld (ze gaan staan om verder te kunnen zien, niet uit agressie). En dat constante gebrul en gepuf is ook een sprookje, en dat gemaai met die poten ook. De Amerikaanse NPS heeft daar een meme over 'don't bother waving at bears, your opposable thumb means nothing to them'.
Aan de andere kant, het basisidee van de film, dat een beer een jong van een ander soort adopteert is wellicht minder vergezocht dan je zou denken. Er zijn gevallen zat bekend van dat beren de jongen van een andere beer adopteren bijvoorbeeld. Een mensenkind is wellicht net een stapje al te ver, maar helemaal ondenkbaar, nee.
Richard Harris doet het op zich best leuk als opa die de kinders met zijn verhaaltjes-voor-het-slapengaan even de stuipen op het lijf jaagt, en Bryan Brown is redelijk als opvulling voor de mensenkant van het verhaal. De enige acteur die echt de credits verdient blijft natuurlijk wel de beer, zo'n film is het nou eenmaal. En volgens de imdb zijn het minstens vijf beren die de rol van Mizzy spelen - en de titelrol noemt er zelfs zes, waarbij ik dan denk dat ze bij imdb de cubs even vergeten zijn, en dat zullen Betty & Barney dan wel zijn. Blijven toch nog steeds vier beren over voor de hoofdrol - ik had wel gezien dat het niet elke keer dezelfde was, maar zo veel had ik er toch niet herkend.
Behalve de bereninteresse is het verder wel een beetje een zo-zo film. Deels ook omdat de beschikbare dvd-kwaliteit niet precies geweldig is, maar ook als je daar doorheen kijkt had er wel iets meer met de omgeving gedaan kunnen worden. De gemiddelde natuurfilm uit Alaska of Canada van de laatste paar jaar is toch echt stukken beter. Maar ja, daar zit dan weer niet zo'n mamabeer in.
details
Een vreemde en speciale film.
Richard Hatch, die de ouderen onder ons allemaal ooit gekend hebben als Captain Apollo in de originele serie Battlestar Galactica. Niet dat dat zijn enige rol ooit was, maar alle andere zijn me ontgaan. Dit is dan wel zijn laatste film, want hij overleed kort na de eerste ruwe edit gezien te hebben, begin 2017. Alvleesklierkanker. Of hij dat tijdens de shoot eind 2016 al wist vertelt de Wikipedia niet, maar je kan op zich wel zien dat hij er niet al te gezond bij loopt.
Er zijn talloze low-budget probeersels, maar er zijn er maar heel weinig die een zo intrigerend en complex script proberen uit te werken. Of het gelukt is is dan wellicht een open vraag, ik heb daar niet meteen een antwoord op. Wel is er een opvallende cast aanwezig, er zijn maar weinig films waar zoveel bloedmooie vrouwen aan meewerken. Leah Cairns bijvoorbeeld, die met het kapsel dat ze in deze film draagt sprekend op Linda Fiorentino lijkt. Of Chloe Dykstra, die alleen op zichzelf lijkt, of hoe zeg ik dat netjes. En een hele serie cameo's van héél bekende acteurs, al staan ze niet allemaal op de titelrol.
Voor Hatch lijkt het achteraf haast wel een soort wensdroom van de stereotype ouwe snoepert - voor je het hoekje om gaat nog even een film maken met heel veel mooie jonge vrouwen en veel bloot. Voor zover ik het terug vind zat het niet zo, maar ik had het 'm wel gegund. Van harte zelfs.
details
Ok, het is een remake, en het origineel zal ongetwijfeld erg, erg goed zijn. Maar deze film heeft Charlotte Rampling en Meg Ryan - en die laatste nog aan het begin van haar carriere, toen ze nog jong, leuk en enthousiast was. En Dennis Quaid en Brion James die misschien eerder goed gecast zijn dan goed spelen.
Meer een interessante film dan een echt goede daarmee wellicht. Toch, het blijft best spannend, en de ontknoping is zowel ontnuchterend als ontluisterend. En het verhaal wordt in ieder geval fijn vlot verteld, en zonder alle trucs, gedoe met de structuur, mindfucks, knipogen naar andere films en al dat soort andere onzin die daar tegenwoordig kennelijk zo nodig bij hoort. Minder is beter, Faust zei het al.
details
Leuk.
Het noord-Frans/Belgische antwoord op alle Chanel-films uit die periode wellicht, en hoe fraai werkt dat met acteurs als Poelvoorde, Gillain en Devos. Ook leuk hoe goed de rollen van Balsan en Capel ingevuld worden met acteurs die lijken op degenen die ze spelen, of toch voor zover je dat aan een fotootje kan opmaken. Jammer wel dat Tautou wat weinig laat zien, het is toch een beetje een herhaling van zetten met haar karaktertje - het is natuurlijk een beetje zoeken naar iemand die zo'n hoofdrol aan kan en ook als publiekstrekker op de poster kan, maar het lijkt toch een beetje een te makkelijke keuze.
Het verhaal is dan op zich wel weer erg interessant, en des te meer door de wat ongebruikelijke focus (grotendeels) op de jaren voordat Chanel bekend en beroemd werd - hoewel wellicht de periode-Boy daar al bij geteld zou kunnen worden. In ieder geval een fraai beeld van haar leven, en ook een handige manier om de latere controverses te ontwijken. Wel wat erg flauwtjes en conventioneel in de vertelling zelf overigens, en daarbij beviel de gelijktijdige Coco & Igor (2009) me veel beter.
details
Wellicht was een documentaire een beter idee geweest om te vertellen over Amundsen dan deze reguliere film, die toch wat al te veel steken laat vallen. Zo is de acteur die Amundsen moet neerzetten driekwart van de tijd versierd met een snorrebaardje wat er extreem nep uit ziet, en lijkt hij niet eens in de verte op de 'echte' Amundsen. En erger dan dat, de timing is ook niet precies gelukt, ondanks de wat krampachtige raamvertelling en het perspectief van Bess Magids. Overigens wel de enige rol die fatsoenlijk gespeeld wordt, met dank aan Katherine Waterston.
Jammer, want over Amundsen is toch echt wel een behoorlijk verhaal te vertellen - Espen Sandberg slaagt er nog net wel in om dat over te brengen, ondanks dat deze film dat vervolgens laat liggen. Wellicht wat vertild, wellicht wat teveel focus op de technologie, wellicht een wat al te krap budget voor de ambities.
details
Wat een fantastisch mooi mens.
In elk beeld dat deze documentaire van Sally Ride laat zien fonkelen haar ogen, alsof ze net de leukste grap ooit verteld heeft, alsof ze bezig is met waar ze altijd van gedroomd heeft, alsof ze het opperste geluk gevonden heeft. En misschien was dat ook alledrie wel zo. Hoe tragisch aan de andere kant dat ze daar nooit het gevoel bij heeft gehad vrij te zijn om zich te laten kennen. En aan de andere kant ook wel weer, niemand is aan de samenleving verplicht om uit de kast te komen, en niet iedereen heeft er behoefte aan om daar een groots gebaar en een publieke happening van te maken. Wat in ieder geval enorm fijn is is dat ze haar partner gevonden heeft ondanks de onvrijheid van die tijd, en daar een haast sprookjesachtig happily ever after mee geleefd heeft.
De documentaire is van stijl weinig spannend, voornamelijk archiefbeelden en talking heads. Maar voor dit onderwerp past dat ook gewoon, en zelfs wellicht beter dan een andere aanpak. Het is namelijk gewoon geweldig om die archiefbeelden te zien en Sally haar droom te zien vervullen. En daarna word je vanzelf nieuwsgierig naar haar omgeving, en is het een haast even groot genoegen om haar zus en haar lief langs te zien komen. Jammer dat ze niet samen heel, heel erg oud geworden zijn.
details
Een fijn netflixje voor als het buiten koud is en je met een dekentje op de bank zit te dromen over de komende zomer. Zonnige beelden, twee hoofdpersonen die geen pijn aan m'n ogen doen, en geen verhaal waar je op hoeft te letten. Jammer wel dat dat verhaal niettemin twee uur duurt, het had echt wel drie kwartier korter gemogen. Toch heeft het wel wat, ik keek bijvoorbeeld met enige bewondering naar het moment dat Alex Poppy uit haar jurk helpt en wij kijkers dat in de spiegel zien zodat de film nog steeds door de allerpreutste keuring komt. Het is dan wel een romcom, maar kennelijk weten de makers wel waar ze mee bezig zijn. Jammer dat ze er niet wat meer humor in gestopt hebben, het geheel was toch net wat flauw.
Geheel terzijde overigens, ik dacht op zeker al eens eerder met dat meiske dat Poppy speelt gezien te hebben. Maar nee, dat blijkt dus niet zo te zijn. De ondraaglijke lichtheid van het bestaan als inwisselbare filmster, zo'n soort gevoel geeft het me - en ook de toch wat irriterend zeurende vraag met wie ik dan toch in de war kan zijn. Tom Blyth is makkelijker, die is half om half Miles Teller en Robert Pattinson.
details
Een nogal naargeestige en duistere film waar weinig uit komt.
Zoals al vaker aangehaald, Biosguru heeft een punt over dat er maar heel weinig momenten zijn waarop je de ogen van de acteurs ziet. Een kleine uitzondering daarin is er voor Poots, maar precies haar karakter wordt dan ook weer een beetje vergeten in de uitwerking, we komen zo ongeveer niets over haar te weten. Beschadigde en gefrustreerde mensen inderdaad, en dat maakt ook dat het wat moeilijk blijft om je in te leven of iets van sympathie te voelen voor wat er met ze gebeurt.
De ontknoping is dan nog extra afknappend. Het zal ongetwijfeld ergens een tick in the box zijn voor het wild-west gevoel voor justice, wettelijk hebben we het volgens mij gewoon over een moord - Elwood heeft zijn revolver tenslotte al in de kofferbak gelegd. En het einde daarna is haast nog erger, heeft Sam zijn early onset dementia ineens van zich afgeschud en gaat hij ondanks dat weer rodeos doen? Meh, doe dan een happily ever after achter de tralies.
details
Leuk geprobeerd.
Het is vooral de beeldstijl en visuele trucjes die het begin interessant maken. Jammer, die gimmicks zijn te dun om de film ook tot de titels interessant te houden, en er is verder gewoon te weinig. Terwijl er toch best een aardige cast rondloopt - misschien niet een topcast, maar je kan er echt wel een film mee maken. Kiernan doet het best leuk als blondje in de hoofdrol, Sutherland is gepast ouwezakkerig, en Krysten (dat spreek ik thuis uit als Krijs-tuh) Ritter is, ehh, wat te flauw. Nou kan je zeggen dat dat ook haar lotsbestemming is in deze film, maar dat is precies het probleem ook weer.
Want jammer dat het verhaaltje zo flauw blijft, het is niet serieus en ook niet leuk. Gemiste kans.
details
Te slecht voor woorden.
Van Roel Reiné hoeven we al niet veel te verwachten, maar zelfs voor hem is dit een afgrijselijk wanproduct. De beelden zijn grotendeels spuuglelijk, slordig aan elkaar geedit zonder op de color grading te letten. De acteurs zijn derderangs en laten dat duidelijk merken. De beer is geen grizzly maar een kleintje, op formaat van een van de vrouwtjesberen in het Berenbos bij Ouwehands - en als ik de credits er even naast leg ook volledig VFX. Maar wellicht het ergste, de overdreven en veel te irritante soundtrack. Ook van Reiné, kennelijk. Over het verhaal begin ik maar helemaal niet, als beren praten konden zouden ze een rechtszaak aanspannen wegens smaad.
Er zijn films die zo slecht zijn dat het daardoor juist weer leuk wordt. Deze is het tegenovergestelde, dit is zo'n film waardoor je je afvraagt waarom je geen 0 sterren geven kan.
details
Ik vind dit een bijzonder knappe film.
Sowieso is het bewonderenswaardig dat Farhadi een film regisseert waarin de voertaal Spaans is terwijl hij dat zelf niet spreekt. Ik weet toch niet zo veel regisseurs die hem dat na kunnen doen. Het verhaal is misschien niet het sterkste ooit en verliest misschien ook wat in de translatie, maar het is een terechte vraag of het eigenlijk wel daarom gaat. Er is zo'n weelde aan detail in de setting in het afgezonderde dorp en de familie, met iedereen met zijn eigen motieven en onuitgesproken gedoe, je kan de film tien keer kijken en elke keer komt er weer wat anders boven.
En als dat niet genoeg is, net als in de vorige film die ik van Farhadi's hand zag - Le Passé (2013) - is het allemaal erg fraai in beeld. Té fraai haast, en de scene op de trap ergens halverwege komt ook wat nep over als het enorm fraaie licht op het gezicht van oma met een ander camerastandpunt uit een blinde muur blijkt te komen. Net zoals de cast wel erg fraai passend bij elkaar gezocht lijkt, niet primair op acteerprestatie maar op bij elkaar passende mooie smoeltjes, en de locaties zijn al even mooi uitgekozen en aangekleed. Het maakt voor erg fijn plaatjeskijken.
Op de uiteindelijke ontknoping is misschien wel wat af te dingen, maar wat ik al zei, gaat het daar wel over. Ik zie het einde vooral als een aanzet om je af te vragen hoe je verder zou moeten in die familie, in dat dorp.
details
Best wel een ok filmpje.
De beelden zijn mooi en fijn scherp en contrastrijk - een goede keuze tegenover de vaak wat arty-farty overkomende mode van tegenwoordig waarbij de techniek bewust niet gebruikt of vermoerd wordt. Het werkt voor mij zo prima, je wordt er meer door in de actie gezogen nog. Het verhaal wordt ook prettig spannend gehouden, met meteen aan het begin al wat hype over de status van de Tiger tank.
Wel echt zo'n film waar je achteraf niet al te goed over moet nadenken, want dan gaat er toch wel wat rammelen, en een vergelijking met Heart of Darkness cq Apocalypse Now gaat me echt te ver - dan kan je die vergelijking wel op elke reis gaan toepassen, en ook als je naar de supermarkt gaat. Toch, het blijft tot het laatst spannend zonder inkakmomenten of missers, en zo vaak lukt dat niet.
details
Er komen de laatste jaren nogal wat films uit Noorwegen over de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog, en over het algemeen zijn dat prima films - kennelijk wordt de lat daarvoor best hoog gelegd, en wat ook helpt is dat de details van dat stukje oorlogsgeschiedenis bij ons niet zo heel goed bekend is. Terwijl er toch een heleboel te vertellen valt, zo blijkt. Dit specifieke onderwerp kwam ook al langs in de wat bredere beschouwing van Kongens Nei (2016), maar Blucher (2025) zoomt meer in op de Slag van de Drøbaksonde en de rol van Birger Eriksen daarin.
Regisseur Fahre legt de nadruk nogal sterk op de Noorse kant van het verhaal - en neemt nogal de tijd voor de haperende en aarzelende politieke en militaire gang van zaken, en om dat nog maar eens te benadrukken wordt er ook een raamconstructie met de onderzoekscommissie na de oorlog, die bepaald niet overtuigd was van de juistheid van zijn handelen - maar niet zoals hij zelf gedacht had over het begin van de actie. Voor zover het met een korte blik op de (Noorse) wikipedia te verifieren valt houdt Fahre zich daar vrij scherp mee aan wat er nu nog aan feiten beschikbaar is.
Eriksen wordt gepast ouderwets en patriarchaal gespeeld door Bjørn Sundquist, die hem neerzet als een wat brommelige oude ijzervreter die alleen als zijn dochter in de buurt is een beetje ontdooit. Dat en de fraaie scenes van het oude fort in actie maken de film de moeite waard.
details
Blucher (1988).
Een film waar ik per ongeluk bij terecht kwam terwijl ik op zoek was naar informatie over Blucher (2025). Behalve de naam en een kleine bijrol voor het schip hebben de films verder ongeveer geen enkele overeenkomst; dit is een wat stereotype jaren-80 tv-film die alle gebruikelijke cliches over wrakduiken - nouja behalve die haai - koppelt aan een samenzwering van evil Duitsers en Noorse landverraders. Best onderhoudend en vlot gebracht, maar ook wel ietwat een sprookje - met een maximale duiktijd van 7 minuten een 200 meter lang schip dat ondersteboven op de bodem ligt doorzoeken, en dan meteen bij je eerste duik? Ja hoor, tuurlijk. Toch, er zijn bepaald slechtere werkjes in het genre.
details