Log
This page will keep you informed of recent votes, opinions and reviews of Mr_Marty.
By default you see the activities in the current and previous month. You can also choose one of the following periods:
januari 2025, februari 2025, maart 2025, april 2025, mei 2025, juni 2025, juli 2025, augustus 2025, september 2025, oktober 2025, november 2025, december 2025, januari 2026, februari 2026, maart 2026, april 2026, mei 2026, juni 2026, juli 2026
Eindelijk gezien en het blijkt gewoon een prima film? Wel campy melodrama, maar dat past prima bij het onderwerp en de locatie van wereldkitschhoofdstad Las Vegas. Qua humor en thematiek veel overeenkomsten met Robocop, maar dan met de feminien gecodeerde soap opera in plaats van de masculiene b-actiefilm als uitgangspunt. Het zou ook wel een goede double bill vorm met iets als Wild at Heart, met als verschil dat David Lynch. hoewel hij het absurde er wel van inziet, nog wel houdt van naïeve Americana kitsch, waar Verhoeven er alleen maar om kan lachen. Bloot en seks overal, maar o wee als er iemand 'Fuck' zegt.
Ook heel goed hoe Verhoeven, choreograaf Marguerite Pomerhn Derricks en het team verantwoordelijk voor licht, geluid en muziek werkelijk alle erotiek uit al dat naakt weten te halen. De muziek is één en al hard beats en koude synthesizers, het licht hard, de decors altijd dingen als bergen of oude fabrieken en de lichamen gestaalde perfectie die militaristisch in plaats van sensueel bewegen (wat op het einde nog van pas komt, waardoor het wel heel expliciet wordt, maar dat is Verhoeven.) Het heeft meer van doen met lijven zoals je ze ziet in fascistische propaganda dan met seks. Gezien Verhoevens obsessie met fascistische propaganda in het algemeen en Riefenstahl in het bijzonder, kan dat geen toeval zijn.
Ook heel Verhoevens hoe efficiënt alles wordt verteld. De openingsscene waarin Nomi Malone (Elizabeth Berkley) een agressieve man die haar een lift geeft op zijn plaats zet en de radio verandert van het geïdealiseerde Amerika van Garth Brooks naar de parodie van de excessen ervan door Sisters of Mercy, vertelt ons meteen alles over het karakter en haar motivaties en de bedoelingen van de film.
Maar vooral dus vaak heel grappig. Joe Eszterhas schreef scherp kattige, soms bijna John Waters-achtige dialogen, maar mijn favoriete moment is een visuele grap: als Kyle MacLachlans karakter de neon palmbomen aanzet. (Oh ja, Kyle MacLachlan zit in deze film, wat gezien de toon eigenlijk onvermijdelijk is.)
Raar dat dit aanvankelijk zo misbegrepen werd. Maar goed, bij Starship Troopers snap je dat ook niet.
(Gezien in Lab111)
details
details
Altijd een beetje een gok, zo een oude exploitatiehorrorfilm kiezen op Netflix en deze keer was het dus helemaal mis. Dit ondanks de aanwezigheid van Peter Cushing (op de automatische piloot) en Donald Pleasance (speelt de hele rest van de cast weg.) Verder uiteraard veel aantrekkelijk kanonnenvoer, of in dit geval meer specifiek: minotaurusvoer, de dames daaronder uiteraard topless (hoewel minder dan verwacht, boe!). Verder een grote rol voor de incompetente Griekse acteur Kostas Karagiorgis als die ene gast in slechte horrorfilms die zelfs als de lijken zich opstapelen nog roept: "Je hebt te veel fantasie" en "Je moet niet zoveel drinken." De eveneens Griekse regisseur Kostas Karagiannis regisseerde meer dan 100 films, maar die ervaring zie je er niet aan af; het zit in het algemeen op het niveau van "amateuristisch, maar niet 'zo slecht, dat het goed is'". Het gaat een paar keer die kant op, maar in het algemeen is het vooral saai en matig allemaal.
De soundtrack van Brian Eno is ook al niet de moeite. Die lijkt hij gemaakt te hebben door een dutje te doen met zijn hand op het toetsenbord van een synthesizer. Wel goed is het liedje onder de aftiteling, maar dat is niet van Eno, maar van een andere muzikale legende: Paul Williams. Terecht dat het door mag gaan als de aftiteling als is afgelopen. Ik dacht eerst dat er nog een soort post-credits scène zou komen, maar nee: alleen zwart beeld met muziek.
details
Ik kijk best veel Franse films, maar dit is wel zo een beetje de meest Franse film die ik jaren heb gezien. In plaats van labels als 'misdaadfilm', 'romantisch drama' of zelfs 'film noir' zou ik dit gewoon in het genre 'Franse film' stoppen.
In de opening, ziet een jongetje, Justin (Julien Rivière), hoe zijn dode vader Ivan (Didier Bezace) door een aantal mannen wordt thuisgebracht. Yvan blijkt een nachtclubeigenaar annex leider van een bende autodieven te zijn. In die bende zit onder meer Jimmy (Benoît Magimel in zijn jongegodperiode). Jimmy heeft ook een zus, Juliette (Laurence Côte), die een beetje rond de bende hangt, maar dankzij de opbrengst van de misdaad ook kan studeren. Daarbij is ze een heftige affaire begonnen met haar filosofieprofessor Marie (Catherine Deneuve). Maar ze rommelt ook wat met Alex (Daniel Auteuil), de broer van Ivan, die om te ontsnappen aan zijn misdaadfamilie van weeromstuit politieagent is geworden en in contact is gekomen met Juliette toen ze werd opgepakt voor de diefstal van een fles parfum. Zowel Juliette als Alex zijn een beetje mentaal instabiel, hoewel dat bij zich bij Alex uit als smetvrees, terwijl het bij Juliette heftigere vormen aanneemt. Alex wordt wel heel jaloers op Marie als hij erachter komt dat Juliette helemaal hoteldebotel van haar is, maar zodra hij Marie ziet, gaat hij inzetten op een, laten we het modern zeggen, polycule van hun drieën (Catherine Deneuve heeft dat effect.) Hij probeert ook Justin een beetje bij te sturen. Maar om nou te zeggen dat Alex de held van het verhaal is, gaat ook weer veel te ver. Het is een gecompliceerde en vrij onsympathieke man.
Volgt u het nog? Dan heb ik nog niet eens verteld dat de film wordt met de nodige sprongen in de tijd, waarbij je ook van vertelperspectief wisselt. Het lijkt misschien een beetje rommelig, maar Téchiné weet volgens mij heel goed wat hij wil met deze film. Maar in de kern is het wel duidelijk een film over (familie)banden en daaraan ontsnappen.
Alles er omheen is dus vooral heel Frans. Zoals de misdaad wordt weergegeven, rauw, zonder opsmuk en beetje stuntelig: heel Frans. Biseksuele liefdesdriehoeken met grote leeftijdsverschillen: heel Frans. Een grote rol voor een nachtclub: heel Frans. Catherine Deneuve als filosofieprofessor die lange bespiegelingen houdt: heel Frans. Sowieso heel veel praten: heel Frans. Dat beetje onderkoelde acteren: heel Frans. Veel roken, drinken en nooit autogordels om: heel Frans. De outfits en locaties: heel Frans.
De vijf César nominaties waren dan ook onvermijdelijk, maar daar werd er maar één van verzilverd, die van Laurence Côte voor beste jonge actrice. Dat blijkt nu dan vreemd genoeg de enige persoon van de indrukwekkende cast die verder geen grote carrière heeft gemaakt.
Persoonlijk kon ik de film ook wel waarderen, maar het is wel een niet al te flitsende praatfilm die langer voelt die twee uur dan hij is. Hij staat ook in Netflix in een wat twijfelachtige staat; ik had sterk de indruk dat het de 720p standaard definitie dvd-versie was.
(Gezien op Netflix)
details
Boekverfilming op zijn boekverfilmingst. Niet alleen is er de vertelstem van Paul Dano, die hele stukken uit de roman van Giuliano da Empoli voorleest en dat om de een of andere reden met een soort ASMR-stem doet, ook alle dialogen zijn van die typische boekdialogen; mensen praten niet met elkaar in politiek-filosofische volzinnen. Daar trouwens ook weer die op den duur vrij irritante ASMR-stem van Paul Dano. Ook alles wordt uitgesproken; er zit totaal geen ruimte in de film om als kijker een eigen kijk op het verhaal te hebben.
Ik had verder niet echt het gevoel dat de film me een unieke, of in ieder geval op interessante manier afwijkende blik op de opkomst van Vladimir Poetin gaf. Hij gaat met vrij grote stappen door de bekende geschiedenis. Wel een redelijk goede Poetin van Jude Law. Verder ook technisch goed gemaakt, hoewel het dus wel een opeenvolging van heel veel scenes van mensen die met elkaar praten in een kantoor of chique bar is.
De titel vond ik ook niet helemaal terecht op basis van de karakterisering van Vladimir Vladimirovitsj in deze film. De Poetin in deze film weet precies wat hij wil. Dano's karakter Vadim Baranov is meer een uitvoerder van zijn wil, dan de tovenaar achter de schermen die door de titel gesuggereerd wordt.
(Gezien op Prime Video)
details
Freelance Charlie Horman journalist in Chili (John Shea) wordt tijdens de coup van Pinochet opgepakt en verdwijnt. Zijn vader Ed (Jack Lemmon), een conservatieve zakenman die heilig gelooft in Amerika, gaat samen met Charlies vrouw Beth (Sissy Spacek), naar hem op zoek. Hij komt er achter dat zijn zoon niet de freaked out hippie was waar hij voor hield en ook dat zijn regering niet eerlijk tegen hem is.
Vier Oscar-nominaties voor deze film, waarvan die voor het op een waar gebeurd verhaal gebaseerde script verzilverd werd. Het is ook een sterk verhaal, dat goed de chaos in Chili laat zien en de meedogenloosheid van het Pinochet regime, maar vooral dat je aan grotere machten bent overgeleverd.
De opzet klinkt misschien wat schetsmatig, maar daar komen twee van die andere Oscar-nominaties om de hoek kijken. Spacek en Lemmon geven namelijk erg sterke en genuanceerde performances, waardoor dit naast een politieke thriller ook een karakterstudie. Lemmons nominatie was zijn 7e en laatste voor beste acteur (hij verzilverde er één) en hij laat inderdaad weer zien één van de allergrootste acteurs in de geschiedenis van Hollywood te zijn. De vierde nominatie was overigens voor beste film.
Verder is het door specialist in politieke thrillers Costas-Gavras gefilmd in een stijl die nooit opvallend is, maar stiekem bovengemiddeld goed. Goede locaties ook. Ik was vooral geïnteresseerd in het schitterende art deco hotel waar Ed Horman verblijft en dat blijkt het Grand Hotel van Mexico Stad te zijn. (Prima naam ook: "Wij zijn *het* Grand Hotel van Mexico Stad; geen verdere poespas nodig.) Dus een aanrader mocht je ooit daarheen moeten en goed in je slappe was zitten.
Wel grappig ook om te zien hoe die expat lifestyle, van "Vergeet de rat race; we gaan ergens wonen met een lekker klimaat en lage kosten van levensonderhoud en meer relaxt leven" waarvan ik in mijn hoofd had dat die vrij recent is, ook gewoon midden jaren 70 al bleek te bestaan. Als freelance journalist kon je prima digitale nomade zijn voor het digitale tijdperk, zeker omdat journalist pre-internet nog best goed betaalde.
(Gezien in FilmHallen)
details
Het bleek een gouden greep Third Encounters of the Third Kind te kijken voor Disclosure Day, want de nieuwe film van Spielberg blijkt een semi-vervolg. Op het einde zien we zelfs nog wat flitsen van Devil's Tower.
Dat betekent ook voor een deel dezelfde zwakheden: vooral sentimentaliteit (het einde vooral), overgoten met een vagelijk spiritueel sausje. Deze keer zelfs merkwaardig genoeg voor de joodse Spielberg expliciet christelijk, inclusief zelfs citaten uit het Nieuwe Testament. Die spiritualiteit blijkt ook nog plek voor wat ouderwetse genderrollen: hij is van de computers en de wiskunde, zij van de taal en de emotie. We krijgen ook nog wat typische 2026 zwakheden voor de kiezen, zoals overduidelijke product placement, in dit geval de merkenportofolio van Stellantis, met specifieke aandacht voor het het lastig hebbende Alfa Romeo, en lelijke dieren uit de computer, waar ook getrainde echte dieren hadden gekund.
Maar Disclosure Day is voor mij toch net iets beter dan Close Encounters. De cast is veel beter; met Josh O'Connor en Emily Blunt zit je eigenlijk altijd wel goed. Het plot is meer gestroomlijnd, zonder overbodige uitstapjes, en met meer spannende actiescènes.
Eindelijk ook eens een Hollywood blockbuster die gewoon begint - met nota bene een showworstelscene - zonder eerst ellenlange uitleg van wie wie is en hoe het allemaal zit. Het is nog verre van een animéserie waar ze het aandurven je de eerste drie afleveringen geen idee te laten hebben wat er een de hand is, maar in vergelijking met hoe de meeste mainstreamfilms tegenwoordig bij elke stap je handje vasthouden wel een verademing. (Eigenlijk wel een raar iets: "de jeugd" kijkt tegenwoordig naar het schijnt massaal animé, waar ingewikkelde plots die zich met weinig expositie langzaam ontvouwen en een tikje psychedelisch vertellen heel geaccepteerd zijn, maar toch zijn mainstream films juist steeds uitleggeriger.)
Goede actiescènes ook. Gelukkig zijn die dieren het enige dat er te computer uit ziet. Er is fraaie cinematografie van Janusz Kaminiski, met uiteraard veel lensflares. De film voelde voor mij daardoor wel korter dan de 2,5 uur dat hij duurt. Ik moet zeggen dat Project Hail Mary er nog beter uit zag, maar die film had die extreem standaard en daardoor een beetje saaie familiefilmstructuur. Dan liever toch een toefje spiritualiteit op zijn Spielbergs. In deze tijd ben ik toch blij dat er nog iemand zo heerlijk positief over de mens kan denken.
(Gezien in Eye Filmmuseum)
details
The Salt Path is een enorme bestseller waarin Raynor Winn (echte naam Sally Walker) beschrijft hoe zij en haar man Moth (echt naam: Tim) gaan wandelen langs de Britse kust nadat ze hun huis kwijt geraakt zijn en Moth te horen heeft gekregen dat hij terminaal ziek is. Tijdens de barre omstandigheden leren ze zichzelf kennen en gaat Moths toestand ook vooruit door het in de natuur zijn en de beweging.
Alleen bleek dat dus helemaal niet waar te zijn. De Walkers raakten hun huis kwijt, omdat ze een lening met hun huis als onderpand, die ze hadden moet aangaan omdat Sally betrapt was op het stelen van geld van haar werkgever, niet konden terug betalen. En Tim is hoogstwaarschijnlijk helemaal niet ziek. Is hij het wel dan is hij het meest aparte geval van zijn ziekte CBD ooit en toch heeft geen behandeld arts in het VK ook maar een case study over dit zeer opmerkelijke, nooit eerder vertoonde ziekteverloop gepubliceerd.
Deze documentaire is de verfilming van de artikelen waarin onderzoeksjournalist Chloe Hadjimatheou van The Observer het schandaal onthulde, met Hadjimatheou zelf in de hoofdrol. Je krijgt precies de gedegen documentaire die je verwacht van de opbouw rond artikelen van een onderzoeksjournalist van een kwaliteitskrant: goede informatie zonder veel opsmuk. Wel goed voor journalistiekstudenten, want Hadjimatheou neemt je stap voor stap mee door hoe ze het schandaal heeft ontrafeld.
Het is natuurlijk vooral een sappig schandaal in de literaire wereld, vooral omdat de Walkers zo lekker kleingeestig naar blijken te zijn (de lasagne!) Maar een interview met iemand die ook CBD had, door het boek hoop had gekregen en zich schuldig voelde dat hij zelf niet aan zijn herstel had gewerkt door veel te wandelen, leert dat dit boek toch ook wel een vorm van schadelijke kwakzalverij te noemen valt.
Verder blijkt dat Penguin, één van de grootste uitgevers van de wereld, memoires inclusief medische claims publiceert zonder welke vorm van feitencontrole dan ook. En dan ook nog eens geen enkel commentaar willen geven, niets eens een gladde woordvoerder die er met veel woorden omheen lult. Dat is voor mij het echte schandaal.
(Gezien op SkyShowtime)
details
De film die Spielberg na Jaws maakte, blijkt er helaas één van mijn minst favoriete versie van Spielberg: de sentimentele. Zijn opdracht aan componist John Williams lijkt een briefje te zijn geweest met daarop: "Most schmalz!" Het is ook de eerste lange speelfilm waarvoor Spielberg zelf het script schreef en dat is wel te merken ook, want wat betreft geloofwaardigheid en pacing is het al ook geen topper. Na het succes van Jaws kon Spielberg blijkbaar niet de verleiding te weerstaan even te flexen met zijn nieuwe budgettaire mogelijkheden met bijvoorbeeld een totaal overbodige scene met een schip in de woestijn. En dan is er ook nog een bijzonder matige performance van Terri Garr als Ronnie Neary. Hoofdrolspeler Richard Dreyfuss is ook niet altijd even sterk hier. Dat de karakters huwelijksproblemen hebben zou zich niet moeten vertalen in totaal gebrek aan chemie tussen de acteurs.
Maar goed, Spielberg blijft Spielberg, dus er zijn ook genoeg dingen die wel goed gaan. Bijvoorbeeld de opening in Mexico, waardoor je er meteen lekker in zit, het realistisch chaotische gezinsleven van de Nearys met drie etterende koters in een lekker realistisch rommelig huis, cinematografie van de grote Vilmos Zsigmond, charmante retro special effects, wat van die lichtvoetige humor tussendoor waar Spielberg zo goed in is, en, ondanks de daarmee gepaarde sentimentaliteit, toch ook wel het inspirerende humanisme van Spielberg.
Maar uiteindelijk voelde dit toch vooral als een oefensessie voor E.T.
Ook ondervonden waarom ik de bioscoop op zaterdagavond eigenlijk altijd vermijd. Dan komen de doorheenpraters, de chipskrakers en de zwakkeblaashebbers uit hun krochten gekropen om naar de film te gaan.
(Gezien in Lab111)
details
Leuke horrorkomedie die een variatie is op de klassieke mythe van koning Midas.
Baron, die door iedereen Bear genoemd wordt (Michael Johnston), is smoorverliefd op zijn collega bij de muziekwinkel Nikki (Inde Navarette). Het lijkt niet echt wederzijds te zijn en Bear is ook niet echt een vlotte babbelaar, dus dat gaat helemaal nergens heen. Totdat Bear in een snuisterijenwinkeltje een magisch stokje vindt dat één wens in vervulling laat gaan. Uiteraard doet de verkoopster er raar over als hij het als grap koopt en staan er allerlei waarschuwingen op de verpakking, maar hij gebruikt het toch om Nikki verliefd op hem te laten worden. En zo raakt hij opgescheept met een totaal psychotische stalker...
Eerlijk gezegd begint de film begint nogal stroef. Er wordt vol op het A24 cringe-orgel gegaan en daar ben ik helemaal klaar mee. Bovendien lijkt er een belangrijke rol te gaan worden weggelegd voor één van mijn meest gehate clichékarakters: de beetje mollige gast met een honkbalpetje achterstevoren op die de hele tijd variaties op: "Hé, nog geneukt?" en "Waar is de drank?" roept (Cooper Tomlinson).
Maar als Nikki eenmaal behekst is, gaat het gelukkig helemaal los, dankzij een performance van Inde Navarette die rustig in het rijtje kan van Bruce Campbell in de Evil Dead-films of Nic Cage in, nou ja, zijn halve filmografie. Echt heel vet. De teksten zijn ook bovengemiddeld, met vooral de interacties met de verkopers en de klantenservice van de magie en de erotische horrorversie van Hans en Grietje als uitschieters. Maar dat laatste is eigenlijk ook weer vooral hoe Navarette het verkoopt. Petjegast wordt gelukkig met mate ingezet.
De structuur van de film en thematiek zijn verder wel overbekend. Wie af en toe een horrorfilm kijkt, zal wat dat betreft niet verrast worden en jammer genoeg ook veel dingen al van ver zien aankomen. 'Degelijk' is wat ik daar voor zou gebruiken. Dat geldt ook voor de cinematografie en overige technische elementen. Wat wel vermelding verdient is dat er slim uncanny valley-effect wordt gecreëerd door Bear in het volledig gemeubileerde geërfde huis van zijn oma te laten wonen, dus je hebt een jonge stel in een bejaardeninterieur. Als dat een diepere betekenis heeft, dan gaat die langs me heen, maar het is wel precies zo een raar randje dat net even iets extra's geeft.
Maar toch vooral onthouden: Inde Navarette is de nieuwe Bruce Campbell.
(Gezien in De FilmHallen)
details
Oliver Twist, maar dan 140 jaar later in de tropen en ontdaan van de Victoriaanse moraal. Of de Braziliaanse Christiane F. Maar dan misschien andersom: Pixote: A Lei do Mais Fraco is namelijk net iets ouder dan zijn Duitse tegenhanger. Zou Pixote net als Christiane F. ook massaal op middelbare scholen als waarschuwingsfilm vertoond zijn? Dat is namelijk iets wat op een sociaal medium (ik ben vergeten welk) onlangs een vrij universele ervaring van Europese GenX'ers bleek te zijn, zelfs die uit het voormalige Oostblok.
Echt ook zo een film die je nu niet meer zou kunnen maken qua minderjarige naaktheid, seksueel expliciete scenes en drugsgebruik. Nu is dat misschien maar goed ook, want hoewel Héctor Babenco duidelijk oprecht gaat voor zo een rauw mogelijk realistische benadering van het leven van Braziliaanse straatkinderen, is het ethisch nogal twijfelachtig om echt arme kinderen wiens familie het geld goed kunnen gebruiken te laten debuteren in zo een film vol erg heftige scenes voor waarschijnlijk weinig geld. En ik denk niet dat er een team kinderpsychologen en pedagogen langs de zijlijn klaarstond.
Sowieso verbazingwekkend dat deze film gemaakt kon worden in 1980, toen Brazilië nog een militaire dictatuur was. Zeker een soort glasnost en perestrojka periode vlak voor de overgang naar de democratie in 1984.
Pixote (Fernando Ramos da Silva, de naam vertaalt naar 'pixel' en het is Portugees en dan nog de Braziliaanse variant met extra slis, dus je zegt iets als 'piesjosjtuh') is één van de jongste van een grote groep straatkinderen die wordt opgepakt bij een razzia nadat een oude man die een belangrijke rechter blijkt te zijn bij een straatroof onder een bus geduwd is. Dan volgen ellendige toestanden in de jeugdgevangenis. Pixote en een stel vrienden ontsnappen, waarna ellendige toestanden op straat volgen. Maar ze hebben ondertussen ook wel lol en momenten van geluk; het is gelukkig geen pure miserieporno als het door mij gehate Mouchette.
Op zich is Babenco een goede filmmaker, die een scene goed kan schieten. Hij maakt goed gebruik van licht en donker en heeft een goed oog voor locaties, specifiek extreem ranzige wc's. Als liefhebber van rauw drama, kon ik Pixote daarom best wel waarderen.
Maar Pixote is wel heel erg film als een chronologische reeks gebeurtenissen. De ontwikkeling van thema's en karakters is nogal zwak. Daardoor leek het verhaal een beetje stil komen te staan: er gebeurt heel veel aan de oppervlakte, maar daaronder vrij weinig. De van straat geplukte jongeren zijn ook niet bepaald acteersupertalenten, ook Ramos da Silva niet. Als ze veel tekst hebben of grote emotie moeten acteren, ga je daarom soms van 'rauw realisme' ineens naar 'telenovela'. Daardoor blijft Pixote ver weg van bijvoorbeeld Out of the Blue met de legendarisch performance van Linda Manz.
(Gezien op Mubi)
details