Man vs Baby is slecht op een manier die al na één aflevering volledig duidelijk is en daarna eindeloos wordt herhaald. De serie draait rond Trevor Bingley, die alleen achterblijft met een baby in een luxueus penthouse, maar alles wat volgt is volstrekt onrealistisch en krampachtig. Concrete scènes maken dat meteen duidelijk: de baby wordt verstopt in tassen en kasten, meegesleurd door het appartement en zelfs door publieke ruimtes, zonder enige geloofwaardige reactie of consequentie. In meerdere afleveringen gebruikt Trevor dure design-sjaals en willekeurige huishoudspullen als geïmproviseerde baby-uitrusting, niet als subtiele grap maar als luid uitgesponnen slapstick. Kleine handelingen escaleren binnen seconden naar totale chaos, puur door montage, geluid en overdreven acteerwerk, niet door oorzaak en gevolg. De baby zelf voelt onnatuurlijk en artificieel aan, eerder een uncanny prop dan een echt kind, met een bijna Chucky-achtig effect dat eerder storend dan grappig is. De acteerprestaties zijn breed en lui, de productie oogt goedkoop en elke grap is ruim op voorhand voorspelbaar. Veel kijkers ervaren hetzelfde: stress, irritatie en verveling in plaats van humor. Vergeleken met de oude Mr. Bean, waar fysieke comedy steunde op timing, herkenbaarheid en precisie, voelt dit als een lege, luide imitatie die lawaai verwart met komedie.