Wat de film voor mij ongemeen boeiend en maatschappelijk relevant maakt (niet echt nodig voor een goeie film, maar mooi meegenomen), is het feit dat de psychiatrie als non-wetenschap mooi te kijk wordt gezet. De hele film is een illustratie van de Popperiaanse stelling dat een uitspraak maar wetenschappelijk is als ze kan gefalsifieerd worden. Dat kan in deze film, noch voor de uitspraken van Prot, noch voor die van de psychiater. Beiden hebben dus (on-)gelijk.
Wat de acteerprestaties betreft: ik vind Kevin Spacey heerlijk in zijn arrogantie.